Opinie

De rechter beledigen, zo makkelijk is dat niet

De Rechtsstaat

Hoe ver te ver kun je gaan in de rechtszaal – de vraag doemde vorige week op toen ik een advocaat middenin een strafzaak de laptop zag dichtklappen, het dossier opbergen en met een ‘veel succes’ tegen zijn cliënt de zaal verlaten. Halverwege de zitting de verdediging neerleggen is tamelijk ongehoord. Daarna moest de rechter het slachtoffer (van verkrachting) uitleggen dat ze „niet anders kon” dan de zaak aanhouden. De advocaat had uitstel gewild omdat hij zich niet had kunnen voorbereiden. Dossier niet tijdig ontvangen, onvoldoende overleg met cliënt, geen onderzoekswensen tijdig ingediend en dus geen kans om diens onschuld aan te tonen. De rechtbank was niet onder de indruk geweest. Alle termijnen waren keurig gehaald, alle stukken op tijd verstuurd. De voorfase was voorbij. Als de advocaat niet op de hoogte was, dan kwam dat voor zijn rekening. En dus liep de advocaat weg: het enige wapen waar de rechter geen antwoord op heeft. De zaal keek verbluft toe.

Moet een rechter alles pikken? Bestaat er geen contempt of court, zoals op tv waar een advocaat soms wordt beboet of zelfs geboeid afgevoerd? Nee, dus. Maar de rechter is ook weer niet geheel machteloos. Eind vorige maand verbood de rechtbank in Breda een adviseur in een bestuurszaak die beroepsmatig tegen de fiscus procedeert, om te komen pleiten. In de processtukken had hij de Hoge Raad een ‘ongegeneerde hoerenkast’ genoemd. De rechtbank een hoerentent, de rechters boeventuig, gajesclub, tuig van de richel. De vertegenwoordigers van de fiscus noemt hij graag ‘Bennie Boef’. Z’n stukken voor de rechtbank tekent hij dan weer met ‘lieve kusjes, doodles xxx.’ De man bouwde een lijst rechterlijke waarschuwingen op.

Is dit een gevalletje Tourette van iemand die zich niet kan beheersen? Van trollen in de rechtszaal naar analogie van de sociale media? Wie zich zo tegen een agent uitdrukt, of tegen de koningin, kan tenminste op een werkstraf rekenen. Maar als het henzelf betreft, blijken rechters geduld te hebben. Dat blijkt ook uit ‘De goede procesorde in beeld’, een studie over het verstoren van zittingen. Denk aan constant in de rede vallen, geen antwoord geven op vragen, te laat stukken indienen of verschijnen, dossier niet kennen, liegen, aanhang in de zaal plaatsen en negatief laten reageren. Rechters blijken dat bij voorkeur te negeren en ‘uit te zitten’ – pas als het echt niet meer gaat doen ze iets. Dat zijn dan meestal procedurele sancties. Stukken weigeren, het woord ontnemen of tot proceskosten veroordelen. Of de rechter gaat het gesprek aan, toont ongenoegen en probeert afspraken te maken.

Zo is ook de scheldende gemachtigde in bestuurszaken behandeld. De president is ingeschakeld, er komen ‘gesprekken’, tweede kansen. Soms mocht hij een ‘geschoonde’ pleitnota indienen, waar dan toch weer ergens ‘KUTLAND’ in stond. Of ‘bananenrepubliek waar alleen de palmbomen ontbreken’. Iemand weigeren in het bestuursrecht kan alleen als de cliënt wordt geschaad door het gedrag van z’n vertegenwoordiger. Maar daarmee geeft de rechter dus toe dat hij door schuttingtaal uit evenwicht kan worden gebracht. Veel rechters doen dan liever alsof ze doof zijn.

Lees ook: De advocaat en het leed dat procederen heet

Advocaten kunnen niet geweigerd worden; daar rest alleen het tuchtrecht van de Orde. Via de president kan een tuchtklacht worden georganiseerd. In december werd een advocaat op die manier op de vingers getikt wegens, kort samengevat, chicaneren: onheus dreigen met een wraking. De bekendste klachtzaak betrof een advocaat die om religieuze redenen weigerde op te staan als de rechters de zaal betraden. Dat vond de tuchtrechter uiteindelijk niet erg genoeg. Dat de advocaat op tv van een ‘boerenvonnis’ had gesproken typerend voor ‘een witte rechter’, uit een ‘boerengat’, vond de tuchtrechter ook goed. Maar advocaten die in hun stukken de rechter uitmaakten voor ‘wetsverkrachter’ werden berispt. Advocaten moeten ‘de nodige voorkomendheid’ in hun contacten met de rechter in acht nemen. De advocaat die in een wrakingsprocedure de rechters van de Raad van State malicieus, bot, ‘onbeschoft manipulerend’ en ‘bedrieglijk’ noemde ging daar dus overheen.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Twitter: @folkertjensma

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.