Profiel

Robert Lewandowski, topscorer zonder heldenstatus

Voetbal Aan goals geen gebrek bij Robert Lewandowski (31),

de Poolse spits van Bayern München, dat zondag de topper tegen RB Leipzig speelt. Maar het ontbreekt Lewy aan een Europese prijs én persoonlijke populariteit.

Robert Lewandowski, spits van Bayern München en de nationale ploeg van Polen.
Robert Lewandowski, spits van Bayern München en de nationale ploeg van Polen. Foto Philipp Guelland/EPA

Er is iets aan de hand met Robert Lewandowski. Niet zozeer dat de Poolse spits van Bayern München dit seizoen exceptioneel veel doelpunten maakt – de teller staat op 35 in alle clubcompetities. Hij was voorheen al de meest trefzekere buitenlander ooit in de Bundesliga. Nee, Lewandowski zelf is veranderd. Hij is minder egoïstisch geworden.

Het viel de Duitse voetbaljournalist Raphael Honigstein de afgelopen maanden op dat de spits medespelers niet uitfoetert wanneer ze hem niet op het juiste moment aanspelen krijgt, en zelfs niet elke penalty opeist. Uit de kleedkamer in Beieren hoorde hij dat Lewandowski (31) na een training niet meer eenzaam met zijn mobieltje zit te spelen, maar jongere spelers helpt met extra oefeningen. „Het lijkt erop dat zijn houding is veranderd sinds hij zich erbij heeft neergelegd dat zijn carrière waarschijnlijk bij Bayern eindigt”, zegt Honigstein. „Nu hij de ambitie om te vertrekken kwijt is, speelt hij niet meer voor eigen succes, maar echt voor de ploeg.” De ploeg waarmee hij nog één hele belangrijke prijs moet winnen: de Champions League.

Lewandowski (31) is altijd een loner geweest. Een man zonder vrienden op het veld en met daarbuiten alleen een select gezelschap middelbare schoolkameraden, die ook voor hem werken. Van zijn manager tot zijn bodyguard. Hij is niet uit op de populariteitsprijs. Toen hij als 18-jarige, geblesseerd en uitgekotst door zijn droomclub Legia Warschau, aanspoelde bij Poolse derdedivisieclub Znicz Pruszków was Lewy ook al uiterst zelfverzekerd en een tikkeltje eenzaam. Pruszków-directeur sportzaken Sylwiusz Mucha-Orlinski herinnert zich „een iel jongetje met groot talent en nog grotere verwachtingen van zichzelf”. Dat leek toen misplaatst. „Geen club wilde hem hebben”, vertelt Mucha-Orlinski in zijn krappe kantoortje in een volledig betegeld clubhuis net buiten de ring van Warschau.

Tussen uitpuilende ordners, opgestapelde asbakken, glimmende trofeeën, geruilde vaantjes en een kalender uit 2016, is een op eenvoudig printerpapier afgedrukte foto van Lewandowski en twee ploeggenoten aan het raam geprikt. Het A4-tje is door de seizoenen een beetje krom getrokken, maar de jongeman met kort donker haar, hangende schouders en een verlegen glimlach blijft bijna veertien jaar later herkenbaar. „Hij is fysiek wel sterker geworden, mannelijker”, zegt de potige clubbaas met gevoel voor understatement.

In filmversie van hoe Lewandowski en van de grootste uitblinkers van het hedendaagse voetbal werd, is Pruszków de scène waar de spits worstelde en tegen alle tegenslag en verwachtingen in boven kwam. De legende wil dat Franciszek Smuda, een in Polen legendarische coach, de jonge Lewy eens aanschouwde en zo weinig beweging zag dat hij zei: „Als ik een boom wil zien, ga ik wel naar het bos.” In Pruszków zou Lewandowski zijn carrière als profvoetballer bijna hebben opgegeven. Maar dat blijkt wat dramatischer dan de werkelijkheid. Mucha-Orlinski: „Hij had al het onmiskenbare instinct dat maar een paar spelers hebben: dat hij altijd precies op de goede plek staat om te kunnen scoren.”

Haperende hamstring

Toegegeven, „toen hij hier begon was het niet zijn beste tijd”, zegt Mucha-Orlinski. Lewandowski had als tiener zijn vader verloren en hij werd geplaagd door een haperende hamstring. „Maar van opgeven is echt nooit sprake geweest”, verzekert Mucha-Orlinski. Ook zijn biograaf Pawel Wilkowicz noemt het „overdreven en ongeloofwaardig, het past niet bij zijn koppigheid”.

Bovendien, Pruszków speelt niet op topniveau en heeft de reputatie een maffiaclub te zijn, smokkelbendes maakten in de jaren negentig de dienst uit in deze voorstad. Maar ondertussen ontwikkelde de vereniging zich tot een toonaangevende voetbalacademie met uitstekende faciliteiten. Geen club om je als jong talent voor te schamen. Toen Mucha-Orlinski in 2006 Lewandowski – geblesseerd en al – een contract aanbood, wilde de spits niet tekenen voor een lange periode. „Het is niets persoonlijks, maar ik speel over een paar jaar in de Ekstraklasa”, zou hij gezegd hebben.

En zo geschiedde. Nadat hij Pruszków als topscorer naar de tweede klasse hielp en een jaar later één goal tekortkwam voor promotie naar de hoogste Poolse divisie, werd Lewandowski overgenomen door Lech Poznan. Binnen twee maanden mocht hij onder toenmalig bondscoach Leo Beenhakker debuteren in de nationale ploeg. „Er zat zoveel potentie in hem”, zegt Beenhakker. „Een echte sportman, iemand met ambitie en die er hard voor wil werken. Een mentaal evenwichtig mens.” Hij was net twintig en scoorde meteen, tegen San Marino. Inmiddels is hij de onbetwiste ster en aanvoerder van Polen.

Robert Lewandowski tijdens de uitwedstrijd van Bayern München tegen FSV Mainz op 1 februari. Foto Wolfgang Rattay/Reuters

Lewandowski’s hele leven is topsport. Zijn ouders waren allebei gymleraar. Vader judode op het hoogste niveau en moeder deed fanatiek aan volleybal, de sport waarin ook zijn zus succesvol werd. Ze zouden, vlak voor de val van het communisme in Polen, voor de voornaam Robert hebben gekozen met het oog op een internationale carrière. Die naam is tenminste ook buiten Polen uit te spreken. Lewandowski trouwde in 2013 met internationaal karateka Anna Stachurska, die hij al kende in Pruszków.

„Het is een stel fitnessfreaks”, zegt Wilkowicz over hen. Een van de weinige aanpassingen waar de voetballer om verzocht toen de biograaf hem in 2015 de tekst van het boek Nienasycony (Onverzadigbaar) had voorgelegd, was het soort melk dat hij had besteld tijdens een interview. Lewandowski gaat er prat op dat hij geen koe- of sojamelk drinkt, maar alleen rijst- en amandelmelk. Het schriele, geblesseerde jongetje van toen is nu één spierbundel en eigenlijk altijd fit.

„Hij zorgt exceptioneel goed voor zichzelf”, zegt Raphael Honigstein. Talent en een neus voor de goal is cruciaal, maar een andere reden dat Lewandowski tot de meest succesvolle spelers behoort, is „ongelofelijke consistentie: hij is een machine, hij speelt altijd”, aldus Honigstein.

Een echte topspits werd hij bij Borussia Dortmund (2010–2014). „Ik ben hem blijven volgen”, zegt Leo Beenhakker. „Daar zag je echt wat hij kan. In de kluts en van die doelpunten maken waarvan je denkt: dat was niet eens een káns.” Vervolgens forceerde hij een transfer naar de Duitse hegemoon Bayern München. En juist dat forceren, is wat Lewandowski een negatieve reputatie opleverde.

Na in Pruszków en Poznan al duidelijk te maken dat de clubs slechts tredes waren op zijn ladder naar de top, vond hij zichzelf ook te goed voor Dortmund. Hij kreeg er ruzie met de twee andere Poolse internationals in de selectie. En hij weigerde bij te tekenen toen de club hem in 2013 niet naar München wilde laten gaan. In zijn laatste, onvrijwillige seizoen legde hij er toch nog 28 doelpunten in voor Borussia. „Van iemand die zo superprofessioneel is, tolereer je zijn egoïsme”, zegt Honigstein. Al werd Lewandowski bij Bayern, toen hij flirtte met Real Madrid, wel uitgefloten door eigen publiek. „In München zijn ze te trots en arrogant om dat gedrag te pikken.” Nu een transfer van de baan is, en zijn egoïsme bovendien onder controle lijkt, is er wel veel waardering, maar niet veel warmte voor de spits.

Met de Poolse ploeg en zijn nationale fans heeft hij ook een moeizame relatie. Er was die ruzie met cultheld Jakub ‘Kuba’ Błaszczykowski, die hij de aanvoerdersband ontfutselde. En hij moet steeds verdedigen dat hij voor Polen echt net zo hard zijn best doet als voor de club die hem betaalt. „Hij heeft geweldige kwalificaties gespeeld voor Polen, maar ook geklaagd dat de rest van het team niet goed genoeg is, dat hij niet genoeg ballen krijgt”, zegt Wilkowicz.

Posters en reclameborden

Van dat gejammer zijn Polen niet gediend. Net zomin als de talloze reclameborden waar hij op prijkt. „Kinderen vinden hem een held, maar hij speelt niet met grote emotie”, zegt Wilkowicz. Lewandowski is niet knuffelbaar, noch heeft hij spraakmakende tatoeages en excentrieke kapsels. Hij is niet het type speler dat met filmsterren op de rode loper en in de roddelbladen staat. „Hij heeft eigenlijk de uitstraling van een accountant”, aldus zijn biograaf.

Robert Lewandowski viert in oktober 2019 een van zijn twee goals in het Champions League-duel met Tottenham Hotspur. Foto Andy Rain/EPA

Zijn zakelijke benadering van het voetbal, en wat er daaromheen te verdienen valt, maakt mede dat hij ondanks zijn vele doelpunten niet het aanzien heeft van Lionel Messi of Cristiano Ronaldo. Bij de individuele prijs Ballon d’Or is hij nooit verder gekomen dan plaats vier. „Als je niet in de Premier League of bij Real of Barcelona speelt, is het sowieso moeilijk die statuur te bereiken”, zegt journalist Honigstein. „Dan moet de Champions League je podium zijn.” Lewandowski wint met Bayern wel elk jaar de Bundesliga, maar hij kwam met hogere verwachtingen. Sinds hij in München speelt, won de club nooit de Champions League. „Een hoofdprijs met Polen is onwaarschijnlijk, dus die Europese trofee wil hij nog wel per se optillen voor het einde van zijn carrière.” En dat lukt niet met egoïsme, zo lijkt zijn afweging.

Pruszków-manager Sylwiusz Mucha-Orlinski doet zelfs fnuikend over Lewandowski’s gebrek aan prijzen en persoonlijke populariteit. „Hij is een geweldige spits, maar wat heeft hij nou helemaal gewonnen?” Net als veel Polen kijkt hij wel op tegen wat Lewandowski heeft bereikt, maar vindt hij ook dat de spits naast zijn schoenen is gaan lopen. In 2017 rondde hij aan een privé-universiteit een bachelor sportmanagement af met een scriptie over zichzelf: ‘RL 9. De weg naar roem’.

Als hij echt iets wil nalaten, zijn prijzen én betrokkenheid belangrijk. „Ik snap dat hij een veelgevraagd man is, maar sinds hij bij Bayern speelt, is hij hier niet één keer teruggeweest. Als hij zijn persoonlijke populariteit belangrijk zou vinden, zou hij dat soort dingen doen, dan zou hij fanclubs over de hele wereld organiseren. Maar blijkbaar is hij daar niet mee bezig.”