Özcan Akyol wordt geknipt …in de Barbershop in Deventer.

Foto Eric Brinkhorst

Interview

‘Als ik mijn mooie Audi met wiet bij elkaar had verdiend, had ik meer respect gekregen’

Özcan Akyol Bekende Nederlanders kappen en intussen met ze praten, dat doet tv-presentator Özcan Akyol sinds kort. Hij knipt echt.

En dan is opeens de NRC-verslaggever aan de beurt om geknipt te worden. Hij dient als stand-in voor Jan Slagter. „Je hebt het haar van Jan Slagter. Grijs, naar achteren gekamd”, zegt tv-presentator Özcan Akyol, beter bekend als Eus, die hier optreedt als barbier. Het haar bovenop zet hij vast in twee klemmen. De zijkant scheert hij kort met een tondeuse.

Dinsdag begon op NPO 2 De geknipte gast, een nieuwe tv-programma waarin Akyol bekende mensen interviewt terwijl hij ze knipt en scheert. Het korte programma, van een kwartier, is bedoeld om het gat te vullen tussen de primetime-quizzen en Nieuwsuur om half tien. Dinsdag zagen bijna 600 duizend dat hij Iran-correspondent Thomas Erdbrink schoor. Akyol zet de komende maanden ook de schaar in het haar van Rob Jetten, Loretta Schrijver, Ronald de Boer.

Zal wel een gimmick zijn, denk je dan: bekende Nederlander in de kappersstoel en Eus zwaait voor de sier een beetje met zijn schaar. Maar zo zit Akyol niet elkaar, zegt hij: „Als ik zoiets doe, dan doe ik het ook goed. Ik ben een perfectionist.” Dus gaat hij al maanden in de avonduren op les bij zijn eigen barbier Metin Pamboghchy, in de Vleeshouwerstraat in zijn thuisstad Deventer.

Bij binnenkomst, deze zaterdagavond, zit Akyol zelf in de stoel. Met een fijn mesje werkt de barbier zijn baard bij. Akyol: „Ik draag mijn baard op een speciale manier. Niet iedere kapper kan dat. Dus ik kom hier al vier jaar een paar keer per week. Het is bij mij om de hoek.” Akyol heeft een dunne baardlijn die in een rechte hoek zijn kaak volgt. „Ik wil mijn baard altijd precies hetzelfde als toen ik de eerste keer op tv verscheen. Dat is bijgeloof, ik ben gewoon bang dat ik minder goed presteer als ik mijn baard anders draag.”

Akyol doelt op zijn eerste verschijning in De Wereld Draait Door, acht jaar geleden, toen hij debuteerde met de autobiografisch getinte schelmenroman Eus. Mede dankzij zijn tv-optredens werd het boek een bestseller en de schrijver een tv-maker. Inmiddels heeft hij een populaire column die verschijnt in het AD en zeven regionale kranten, met naar eigen zeggen één miljoen lezers. „Loop ik ergens in Brabant dan roepen ze: Hé, jij bent de meneer van de krant.” Voor de Boekenweek, begin maart, schrijft hij het boekenweekessay.

Sinds vorig jaar presenteert hij het populaire programma Sterren op het doek, waarin hij bekende mensen interviewt terwijl ze poseren voor drie portretschilders. De geknipte gast ligt dus in het verlengde daarvan. Het knippend interviewen zorgt voor intieme gesprekken, zegt hij. „Ik sta heel dichtbij de gast. Het heeft iets aandoenlijks als ik iemands wang aanraak, terwijl hij iets gevoeligs vertelt.” Volgens leermeester Pamboghchy is iedere barbier gewend om intieme gesprekken met zijn klanten te voeren: „Een kapper moet ook een gastheer zijn, een luisterend oor.”

Akyol kon al aardig knippen, zegt hij. „Maar ik ben geen topkapper. En voor ik hiermee begon, had ik nog nooit een vrouw gedaan.” Deze avond heeft hij twee modellen om zich voor te bereiden op het interview met Thomas Erdbrink. Het ene model heeft diens haar, de ander diens baard. Hoewel, de baard is rood. „Maar het gaat om de baardstructuur.” Wat Akyol vanavond wil oefenen, is het vertragen: „De uitzendingen duren een kwartier, maar we nemen een uur op. Op een gegeven moment ben je echt wel uitgeknipt en -geschoren. Om tijd te winnen knip ik eerst één centimeter af, daarna doe ik het hele hoofd nog een keer, voor de tweede centimeter.”

Karakteristieke baard

Naast een karakteristieke baard heeft Akyol ook een karakteristiek kapsel: kort aan de zijkanten, met bovenop in een punt uitlopende krulletjes. Maar dinsdag verscheen hij op tv met een kortgeknipt hoofd. „Ik word ineens niet meer herkend op straat. Maar toen ik laatste een petje op had weer wel. Omdat mijn baard dan opvalt.”

De eerste veertien jaar van zijn leven had Akyol ook kort haar. „Mijn vader knipte de halve buurt voor twee pakjes Drum. Hij had een tondeuse van 25 gulden, een zeil op de vloer en klaar.” Het was wel altijd hetzelfde kapsel: asker tiras. Turks voor soldatencoup. Zijn vader deed ook zijn eigen drie zoons. „Wij moesten in de douche met de betonnen bak. Het moest heel kort want we hadden wilde krullen – net als mijn kinderen nu – en dat vonden mijn ouders viezig. Heel veel gastarbeiderszonen werden zo geknipt.” Naar de kapper gaan vonden zijn ouders weggegooid geld. Ze waren arm, vader werkte in de verpakkingsfabriek die hem naar Nederland had gehaald. „Je had een kapper in de moskee, die was maar vijf gulden. Maar wij waren alevieten, liberale moslims, we gingen niet naar de moskee. En een gewone kapper kostte vijftien gulden.”

Toen Akyol op de mavo zat en een jaar of dertien was, kwam hij in opstand tegen het tondeuse-regime van zijn vader. „Ik wilde naar een echte kapper. Gelukkig had ik een krantenwijk dus ik kon het zelf betalen.” Nu nam hij het haar van de boybands uit die tijd: opgeknipt met bovenop lang haar in een middenscheiding, en haarlokken die je achter je oren kon haken. „Mijn ouders vonden dat ik eruitzag als een pooier of drugshandelaar.” Akyol komt uit de toenmalige fabrieksbuurt Raambuurt, die goeddeels was gevuld met Turkse arbeidersgezinnen. „De mening van de buurt was belangrijk voor mijn ouders.”

In de Barbershop is zijn leermeester Metin Pamboghchy vlak achter hem gaan staan en geeft aanwijzingen. „Rechtop staan. Zak een beetje door je knieën.” De handdoek moet precies recht over de schouders liggen, de schaar moet haaks op het hoofd. Voor het kapsel zal dat alles niet zoveel uitmaken, maar Pambogchy vindt de présence ook belangrijk: „We zeggen altijd U tegen de klanten.”

Metin Pamboghchy gaat mee naar alle tv-opnames, met zijn koffers vol gereedschap, om Akyol te begeleiden. Pamboghchy kwam als veertienjarige Iraakse vluchteling zonder zijn ouders naar Nederland. In azc Schalkhaar vroeg of hij stage mocht lopen bij een kapper. Nu is hij een bekende barbier, die andere barbiers opleidt via zijn Maistro Academy. Akyol: „Metin is de topbarbier van het oosten, hij geeft shows voor publiek. Dus verlangt hij van mij dezelfde perfectie.”

De opkomst van de barbiersmode, met zaken als Schorem in Rotterdam, laat zien dat het loont om knippen en scheren met enige show te brengen. Doorgaans bieden barbiers in de grote steden een neo-nostalgische hipsterstijlmix van rockabilly, bikers en Peaky Blinders. Metin Pamboghchy is meer van de Ottomaanse school. Hij knipt en scheert op de Midden-Oosterse wijze, chic, uitgebreid en verzorgd.

Natte krulletjes

Op zijn achttiende had Akyol nog lange natte krulletjes, tot op zijn schouders. Hij werd chauffeur voor een criminele Roma-familie en kwam in het huis van bewaring terecht. Na dit dieptepunt ontdekte hij de literatuur. „Door te lezen kantelde mijn leven. Ik las een boek van Maarten ’t Hart over zijn geloofsafval. En hoewel het over een streng christelijk milieu ging, leerde het boek me hoe ik mijn oude identiteit achter me kon laten. Tot dan had ik in die gesegregeerde gemeenschap gezeten. Ik dacht dat conformisme de sleutel tot geluk was. Literatuur gaat over onaangepasten. Ik ontdekte: het is niet erg om jezelf te zijn, los van de heersende moraal. Dat was de grote bevrijding.”

Welke roman het was? „Het boek heeft mijn leven veranderd, maar ik ben vergeten hoe het heette. Ik ga Maarten ’t Hart binnenkort interviewen voor een Boekenweekprogramma, dan kan ik het hem vragen.”

De bevrijding betekende ook een breuk met zijn vader, die hij sindsdien niet meer heeft gesproken: „Het heeft ermee te maken dat hij geen goede vader was. De klassieke huistiran, hij dronk en hij sloeg ons. Mijn vader wilde een bon vivant zijn, in mooie kleding – terwijl wij in vierdehands kleding liepen. Met andere vrouwen naar bed gaan, in het café hangen en vieux van Floryn drinken. Lekker goedkoop. Ja, daar was hij heel geïntegreerd in.”

Maar eigenlijk was zijn vader te arm voor een bon vivant. „En dat nam hij zijn gezin kwalijk. Ik heb me vaak afgevraagd waarom hij zich heeft voortgeplant. Ik denk dat hij zijn zonen als een investering zag. Wij moesten advocaat en dokter worden, en rijk, zodat we hem uit de armoede konden trekken. Toen duidelijk werd dat wij geen positie in de maatschappij zouden krijgen, raakte hij verbitterd.”

Maar nu is Akyol toch bemiddeld en gezien? „Niet voor hem. Mijn vader praat badinerend over mijn vak. Het stelt niks voor.” Jaloezie speelt daarin ook een rol, denkt hij. „Mijn wereld is onvoorstelbaar voor hem. En wat je niet begrijpt, dat verwerp je. We waren het laagste van het laagste, de gastarbeiders. En nu heb ik in één generatie niet één, maar wel vijftig stappen op de maatschappelijke ladder gemaakt.” Hij merkt het ook in het weekend bij voetbal. ‘Daar heb je het professortje, met zijn dure woorden’, zeggen de mannen op en rond het veld, die ook uit de vroegere onderklasse komen. Akyol: „Zij hebben er moeite mee dat iemand uit hun milieu iets anders is gaan doen, tussen de zogenaamde elite. Als ik mijn mooie Audi met wiet bij elkaar had verdiend, had ik meer respect gekregen.” En zelf heeft hij er soms ook nog wel last van: „NRC had me gevraagd als columnist, maar ik dacht: zo’n deftige krant, dat is niets voor mij.”

Verwaarloosd kapsel

De barbier is volgens Akyol populair omdat de Nederlandse man weer ijdel durft te zijn. „De mensen in De geknipte gast komen uit de politiek, sport en de cultuur dus die zijn van nature ijdel. Maar de doorsnee man is nog geneigd om zijn kapsel te verwaarlozen.” Omringd door de twee tot in de puntjes verzorgde heren voelt de NRC-verslaggever zich inderdaad ietwat slonzig in zijn verschoten houthakkershemd en Praxis-werkbroek. De mededeling dat hij „voor Kerstmis” nog naar de kapper is geweest, ontvangen de heren met schampere geluiden. Akyol pakt een aansteker en houdt de vlam tegen de verslaggeversoren, die alarmerend snel warm worden. Zo schroeit de barbier het oorhaar weg.

Zijn moeder ziet Akyol nog wel, vertelt hij. „Ik wil eigenlijk geen verhalen meer van thuis horen. Mijn moeder klaagt wel veel over mijn vader, maar ze wil niets aan haar lot veranderen. Ze zitten thuis op elkaars dood te wachten.” Akyol merkt nu dat hij heel erg op zijn vader lijkt. „Ik las in een recensie over De geknipte gast: ‘Wat kan die man eigenlijk niet?’ Toen dacht ik aan mijn vader. Die was niet alleen de buurtkapper, maar ook de buurtklusser en de buurtonderhandelaar. En toen iedereen behang wilde – want behang, dat hadden ze in centraal-Anatolië nog nooit gezien – werd hij ook de buurtbehanger.” Nu is zijn vader tachtig. „Hij rookt en drinkt nog, maar hij slaat niet meer. Ik zie hem nog wel eens door de stad rijden op zijn scootmobiel. Dan duik ik snel een winkel in. Kinderachtig, maar ja.”

Als de coup-Slagter is voltooid, wikkelt Akyol het hoofd van de verslaggever in een warme handdoek. Dan masseert hij kort diens nek, met als finale het karakteristieke felle kneepje. Bij het verlaten van de kapperszaak smeert de barbier hem nog een mooie fles shampoo aan, speciaal voor grijs haar.

De geknipte gast, iedere dinsdag, NPO2, 21.05 uur.