Opinie

Liberaal elan begint met zelfdenkende VVD-fractie

Bestuurderspartij De fractiediscipline bij de VVD is de dood in de pot voor de democratie, schrijft oud-Kamerlid . Zet deze keer mensen op de kandidatenlijst die een mening hebben en daarvoor uitkomen.
Beëdiging Mark Rutte als Kamerlid.
Beëdiging Mark Rutte als Kamerlid. Foto Remko de Waal/ ANP

Niemand ziet het en de pers schrijft er niet over, maar de meeste politieke partijen zitten op dit moment al te puzzelen op hun kandidatenlijsten voor de komende verkiezingen. Die zijn in maart volgend jaar - of toch eerder als het kabinet uitglijdt over de ene bananenschil die premier Rutte niet weet te ontwijken.

Het is een proces dat zich bij de VVD volstrekt in het duister afspeelt, er zijn geen spelregels en geen formele criteria. Dat is allemaal om onaangename taferelen van vroeger te voorkomen, waar in een zaal het actieve partijkader de ene kandidaat omhoog stemde en de ander liet wegglijden. Dat had inderdaad z’n nadelen. Maar de huidige praktijk werkt verwoestend uit.

Ergens in achterkamertjes worden de komende twee maanden mensen voorgeselecteerd voor wat officieel de belangrijkste baan van Nederland is: Kamerlid. Controleurs van het kabinet, medewetgevers, houders van het budgetrecht. Daar ís al ernstig de klad ingekomen sinds de steeds knellender regeerakkoorden. Maar als je er ook nog eens tinnen soldaatjes neerzet, die op het juiste moment bij stemmingen hun vinger opsteken, dan komt er van politiek bedrijven op basis van ideeën en idealen over de inrichting van de samenleving weinig terecht.

Zeker, het is praktisch, veel ja en amenknikkers in zo’n fractie - en er lopen heus wel een paar uitzonderingen bij. Bovendien is het een spanningsveld dat niet alleen de VVD treft. De partij die de premier levert, kan zich niet al te stevig profileren, want die premier moet herries sussen en brandjes blussen; de coalitie als geheel dienen.

Leren van anderen

Kijk naar het CDA onder Lubbers en Balkenende. Maar zie ook de vernietigende rapporten van oud-minister Gardeniers in 1994 en oud-Commissaris Frissen in 2010 over die partij. Conclusie, twee keer in zestien jaar: „alles was ondergeschikt aan rust en stabiliteit, maar het had tot gevolg dat het profiel van het CDA onduidelijk en grijs bleef”, „de fractie was het verlengstuk van het kabinet”, „de partij kwam als politieke beweging tot stilstand”. Er was „een zelfgenoegzame bestuurderspartij” ontstaan waarin „de onderlinge loyaliteit verstikkend werkte”.

Leren van fouten van anderen kost niets. Het waren gedegen rapporten, met ongebruikelijk heldere teksten, geen omfloerste uitvluchten.

Van Riel en Bolkestein zouden de laatste VVD-lijst niet gehaald hebben: te lastig, te eigenzinnig

En er staat precies in wat er bij de VVD nu mis gaat. Te weinig eigen profiel, alle heil van de lijsttrekker, het komt vanzelf wel goed. Nu is Rutte, want hij wordt ongetwijfeld die nieuwe lijsttrekker, een behendige campagneman met een ongehoord grote veerkracht en lenigheid. Dus het kan nog best redelijk aflopen in de komende verkiezingsstrijd, waarin het overigens maar om één ding echt draaien zal: wie wordt de grootste partij?

Maar dan nog moet nú die oude CDA-aanbeveling ter harte genomen worden: een permanent debat in de fractie en in de partij over de politieke thema’s van de toekomst.

En dat voer je niet met een fractie waarin tijdens de rekrutering een lauwe mengelmoes van meegaandheid, regionale afkomst en wandelgangenpraatjes de voornaamste selectiecriteria vormen. Grootheden als Van Riel en Bolkestein zouden de laatste VVD-lijst niet gehaald hebben: te lastig, te eigenzinnig.

Coalitiekorset

Overdrijf ik? Ik maakte mee hoe een wegens declaratiegedrag heengezonden oud-wethouder als lokaal sponsormanager een sponsordiner organiseerde. Aan tafel met lokale ondernemers in een oh zo gezellige setting. De Kamerleden werd gesommeerd daar te verschijnen én een vooraf aangegeven fikse bijdrage te storten. Mitsen en maren werden niet gewaardeerd. Openlijk werd gezegd dat ‘zeuren’ niet bevorderlijk voor de verdere carrière was. Sommigen verzetten zich. Ze zijn geen Kamerlid meer. Dat is politiek ongezond.

In 2016 heeft de toenmalige fractie zich een paar keer afgezonderd van de dagelijkse tredmachine om fris van de lever en zonder coalitiekorset eens wat pittige ingrediënten op tafel te leggen voor het nieuwe verkiezingsprogramma. Daar zaten interessante vergezichten, maar ook concrete maatregelen bij. Er is niets van overgebleven in het uiteindelijke programma. „Een verkiezingsprogramma leest toch niemand - en in een formatie heb je alleen maar last van al die ambitie”, werd er later over gezegd. Ik vrees dat het klopt. Maar het is wel je reinste politieke bloedarmoede.

Met Kamerleden vinden jaarlijks functioneringsgesprekken plaats. Staatsrechtelijk klopt daar niks van. Ik kan me prima voorstellen dat een fractievoorzitter met ieder lid van z’n fractie eens even apart gaat zitten om te vragen hoe het gaat en eventueel kritiek te leveren. Maar een geïnstitutionaliseerd systeem, met de partijvoorzitter, de vicefractievoorzitter én een partij-notulist?

En steeds serieuzere grapjes aan de vaste fractielunchtafel of een bepaalde bijdrage aan een debat nou wel zo verstandig was met het oog op het nakende functioneringsgesprek?

Het is allemaal de dood in de pot voor een levendige democratie, voor nieuwe plannen, voor wat verder vooruitkijken dan de komende vier jaar.

Zulk soort ontsporingen kan alleen plaatsvinden bij gebrek aan weerstand. De oplossing is even eenvoudig als binnen de gegroeide partijcultuur lastig te realiseren: zet ten minste tien mensen van vlees en bloed en met maatschappelijke ervaring hoog op de lijst voor de volgende verkiezingen. Kies bewust mensen die een mening hebben en er voor durven uitkomen. Die daadwerkelijk de politieke discussie aangaan en oog hebben voor de toekomstige liberale inrichting van Nederland. Zorg, duurzaamheid, infrastructuur, arbeidsmarkt – laat het debat maar komen!

De VVD moet zich als een Baron van Münchhausen uit het zelfgecreëerde moeras trekken. Ga maar vast op zoek, deze maand, in plaats van de lijstjes weer te vullen met verse apparatsjiks. En sla anders maar alvast een nietje door die twee bikkelharde oude CDA-rapporten en leg er een nieuwe kaft omheen: ‘April 2021: Naar een nieuw liberaal elan’.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.