Recensie

Recensie Boeken

Pr-man Hans (50) wordt verliefd op de veel jongere Harriet

Geir Gulliksen Hans, een vijftigjarige getrouwde pr-man, wordt hevig verliefd op de veel jongere Harriet, een filmproducente. Kijk ons eens van Geir Gulliksen gaat net als zijn vorige roman over stukgelopen relaties en leest als een trein.

Foto: Getty

Hans, een vijftigjarige getrouwde pr-man, vat een hevige verliefdheid op voor de veel jongere Harriet, een filmproducente. Ze kunnen zo goed práten, zwijmelt Hans. Tijdens een afspraakje hebben ze het over de populariteit van televisieseries. Volgens Harriet heeft die met een vormkwestie te maken: The Sopranos, The Wire en Breaking Bad ‘hadden een andere dramaturgie ingevoerd, die opener was, niet alles werd aan het eind afgesloten, en daardoor leidden die series ook tot een andere kijk op mensen’. Er valt iets af te dingen op haar voorbeelden (ik kan zo tien films opnoemen die minder ‘afgesloten’ zijn), maar de gedachte dat de keuze voor een open einde consequenties zou hebben voor het mensbeeld dat wordt uitgedragen lijkt de auteur van het boek, Geir Gulliksen (1963), met Harriet te delen.

Inhoudelijk heeft Kijk ons nu eens nogal wat raakvlakken met Gulliksens vorige roman, Het verhaal van een huwelijk (2018). Ook nu weer draait het om een relatie die stukloopt als een van de partners zijn hart verliest aan een ander. Weer kiest de Noor Gulliksen ervoor de teloorgang van het gezin vanuit verschillende perspectieven te beschrijven, waarbij hij ieders beslissingen navoelbaar maakt, hoe ronduit onverstandig ze soms ook zijn.

Aanmodderen

Het boek leest als een trein; het plotgedreven schrijven zit Gulliksen in de vingers. Gedurende de hele roman lijkt de auteur met vaste hand naar een climax toe te werken. Juist daarom valt het zo op dat Gulliksen een ontlading van al die opgebouwde spanning laat uitblijven. In analogie met de televisieseries: Kijk ons nu eens zou zich prima lenen voor een sequel. Alles ligt nog open.

Opvallend vaak legt Gulliksen zijn personages het woord ‘oprechtheid’ in de mond. Zo wordt in het pr-kantoor gekibbeld over de vraag hoe je cliënten in de markt moet zetten: is het effectiever nadruk te leggen op onfeilbaarheid of op oprechtheid? Hoort de consument liever een eerlijk verhaal, of een vlekkeloos verhaal? Die twee gaan niet samen, is de vooronderstelling; volmaaktheid valt enkel te veinzen. Impliciet wordt Gulliksens eigen standpunt duidelijk: hij verkiest waarachtigheid boven de illusie van heldendom. Zijn personages zijn dan ook geen helden. De klassieke held streeft, handelt, overwint – Gulliksens creaties modderen maar wat aan.

Misschien dat daarin ook het antwoord besloten ligt op de vraag hoe een minder stringente dramaturgie kan leiden tot ‘een andere kijk op mensen’: het is immers waarachtiger; het spiegelt ons een minder volmaakte wereld voor dan het klassieke handelingsverloop, een wereld die niet pretendeert dat al onze moeilijkheden kunnen worden opgelost, dat ons leven te fixen is. En dat we mislukkelingen zijn als we daar niet in slagen. Met Kijk ons nu eens lijkt Gulliksen te pleiten voor de licht-spottende mildheid die al spreekt uit de titel. Zijn boodschap: laten we van onszelf geen heldenrol verlangen. Laten we onszelf niet kwellen met het streven naar een louterende catharsis. Laten we daarentegen proberen compassie op te brengen voor ons eigen gestuntel. Het echte leven is nu eenmaal rommelig. Het hangt van banale toevalligheden aan elkaar. Gulliksens personages struikelen monter voort, ook nadat we de roman hebben dichtgeslagen. Om met Harriet te spreken: ‘Het komt voor je gevoel iets dichter bij het leven, niet?’