Reportage

Spaanse verpleger moet nog wennen aan broodje kaas

Zorgpersoneel uit Spanje Zorgorganisaties zoeken hun nieuwe personeel nu ook over de grens. In het Spaanse Jávea worden nieuwe collega’s intensief voorbereid.

In Jávea worden verpleegkundigen en verzorgenden klaargestoomd voor hun baan in de Nederland.
In Jávea worden verpleegkundigen en verzorgenden klaargestoomd voor hun baan in de Nederland. Foto Santiago Vidal Vallejo

Cristina Becerra Marín loopt een beetje zenuwachtig over de patio van de Academia Neerlandesa in Jávea. De 23-jarige verpleegkundige uit Granada bereidt zich in het plaatsje aan de Spaanse oostkust voor op de eerste ontmoeting met haar toekomstige werkgever, een zorgorganisatie in Haarlem: ze leert Nederlands. Die taal was haar twee maanden eerder nog volkomen vreemd.

„Ik hou van Noord-Europa. Jaren geleden heb ik al besloten dat ik in Nederland wil gaan wonen”, zegt Becerra, vlak voor het kennismakingsgesprek. En als gediplomeerd verpleegkundige kan ze er ook een baan vinden. „Ik ben heel blij dat ik hier eerst Nederlands kan leren en dan echt kan gaan werken.”

Becerra is een van de vijftig verpleegkundigen en verzorgenden die op de Academia in Jávea wordt klaargestoomd voor een baan in de Nederlandse zorgsector. Nu telt die zo’n 80.000 vacatures, en het tekort aan verpleegkundigen loopt, mede door de vergrijzing, alleen maar op. Komt bij dat ieder jaar duizenden Nederlandse verpleegkundigen stoppen, uit onvrede over de onregelmatige diensten, lage honorering en hoge werkdruk.

Lees ook: Geen zorgpersoneel? Zet de stagiair maar in

Volgens beroepsvereniging voor verzorgenden en verpleegkundigen V&VN zijn er de komende vijf jaar 125.000 mensen extra nodig. Ondanks scholing voor zij-instromers en de recente opleving in aanmeldingen voor reguliere zorgopleidingen, lukt het Nederland niet in de eigen behoefte te voorzien. Een oplossing is gekwalificeerd personeel uit andere EU-landen te halen, van Roemenië tot Spanje.

Het nieuwe personeel wordt drie maanden achtereen, zes dagen in de week, opgeleid in de Nederlandse taal en werkcultuur. Foto Santiago Vidal Vallejo

Europese concurrentie

Inmiddels concurreren diverse Noord-Europese landen met elkaar om Zuid-Europese verpleegkundigen, tot groot ongenoegen van de Spaanse vakbond van verpleegkundigen Satse. Die heeft becijferd dat het tekort in eigen land nog veel groter is dan in Nederland. Waar Spanje vijf verpleegkundigen heeft op elke duizend inwoners, is dat volgens vakbondszegsman Raul Sánchez in veel andere EU-landen het dubbele: in Nederland 10,5. „We komen 131.000 verpleegkundigen tekort om op het Europees gemiddelde uit te komen”, aldus Sánchez. Er is dus allerminst een gebrek aan werk voor gekwalificeerd personeel, zegt Sánchez.

Nederlandse werkgevers ontkennen dat ze mede debet zouden zijn aan een personeelstekort in de Spaanse zorg. Zorggroep Reinalda in Haarlem en drie andere zorgorganisaties in Kennemerland sloten vorig jaar een contract met uitzendorganisatie Randstad en detacheerder European Multi Talent Group (EMTG) voor de werving van gediplomeerde Zuid-Europese verpleegkundigen en verzorgenden. Carolien Koning, bestuurder van Reinalda: „Het is voor ons van groot belang dat we geen verpleegkundigen onttrekken uit landen waar ze zelf een tekort hebben. Randstad en EMTG hebben ons verzekerd dat dit in Spanje niet het geval is.”

EMTG-directeur Arnold Smeink vindt dat Spaanse zorgorganisaties zelf een probleem hebben gecreëerd door op grote schaal stagiairs in te zetten. „Spanje kampt met budgettaire problemen. Als verpleegkundigen eenmaal hun diploma’s hebben, zijn ze vaak te duur en moeten ze vertrekken. Wij kunnen deze hoogopgeleide verpleegkundigen wél de zekerheid van een vaste aanstelling bieden.”

Een les aan de Academia Neerlandesa in Jávea. Foto Santiago Vidal Vallejo

Miljoenen extra

Het werven van buitenlandse medici en verpleegkundigen voor Nederlandse banen is niet nieuw, maar gold lang als duur en omslachtig. Onder staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) kwamen in 2016 echter vele miljoenen euro’s extra beschikbaar om personeel aan te trekken. Dat bood wervingsbureaus de mogelijkheid meer personeel in het buitenland te rekruteren.

In het Spaanse Jávea zijn de afgelopen vier jaar zo’n 320 verpleegkundigen op een Nederlandse baan voorbereid, zoals Cristina Becerra. Van de 190.000 verpleegkundigen in Nederland komen er circa drieduizend uit het buitenland.

Smeink: „Wij hebben als EMTG lokale recruiters in dienst die via internet, lezingen en banenmarkten afgestudeerde verpleegkundigen zoeken met serieuze belangstelling om in Nederland aan de slag te gaan. Ze kiezen, behalve voor zekerheid en een beter salaris, ook voor meer mogelijkheden om zich te ontwikkelen.”

De verpleegkundigen die EMTG naar Jávea brengt, komen uit verschillende Zuid-Europese landen. Op kosten van het detacheringsbureau worden ze op de academie drie maanden achtereen, zes dagen in de week, opgeleid in de Nederlandse taal en werkcultuur. De Nederlandse zorgorganisaties krijgen de rekening voor hun kost en inwoning, in vier grote huizen bij de school. Na een periode als uitzendkracht komen de nieuwe medewerkers doorgaans in vaste dienst van de zorginstellingen. „Goed Nederlands spreken is voor verpleegkundigen een basisvereiste”, zegt Smeink, die zelf jaren in Jávea woonde. „In het verleden liep het daar vrijwel altijd op stuk.”

Foto Santiago Vidal Vallejo

Twee zwembaden

Smeink gaat met directeur Joyce van Haga van de Academia Neerlandesa voor in een rondleiding over het complex, dat naast acht schoollokalen over twee zwembaden beschikt. Dat moet je niet verkeerd zien, zegt Van Haga: „Het is hier geen vakantie. Ze moeten keihard werken.”

Als iemand op de academie komt, legt Van Haga uit, zijn al verschillende procedures doorlopen. Het staat dan al vast waar ze in Nederland gaan werken. „Maar dat zeggen we nog niet, want daar kan altijd verandering in komen.” Na een week of twee is duidelijk of de cursist voldoende bereid en in staat is zich het Nederlands eigen te maken. „Soms blijkt iemand toch niet geschikt. Dan houdt het daar op.”

De vijftig studenten aan de Academia Neerlandesa, voor pakweg 70 procent vrouwen, krijgen volgens Van Haga naast Nederlandse les ook een praktische cursus „versneld volwassen worden”. Een groot deel van hen komt rechtstreeks uit het ouderlijk huis en zal in Nederland een nieuw, zelfstandig leven moeten beginnen.

Debra Tarabbia (23), afkomstig uit een klein plaatsje nabij Milaan, ziet uit naar die toekomst. „Ik wil heel graag voor mezelf zorgen”, vertelt ze. „Via een vriendin die al in Nederland verpleegkundige is, kwam ik hier terecht. Ik leer heel veel. Maar Nederlands is wel moeilijk.”

Smeink vergelijkt de opleiding aan de Academia Neerlandesa het liefst met die van ‘de nonnen in Vught’ waar hij zelf ooit Spaans leerde. „Het is het systeem van de totale onderdompeling. Of je wilt of niet, je ontkomt er niet aan de hele dag met Nederlands bezig te zijn. En dat werkt.”

Van Haga beaamt dat. „Behalve aan het Nederlands moeten ze soms ook erg wennen aan de directe omgangsvormen, onze lunch van een broodje kaas, en altijd stipt op tijd komen.”

Het is het systeem van de totale onderdompeling. Of je wilt of niet, je ontkomt er niet aan de hele dag met Nederlands bezig te zijn

Arnold Smeink directeur detacheerder EMTG

Aan verpleegkundigen „die altijd zwak, ziek of misselijk zijn”, heeft Nederland niets, zegt Van Haga. „We leren hen assertief zijn. Wat denk jezelf?, wordt hier vaak gezegd. Als ze na drie maanden vertrekken, is de dankbaarheid groot. Dat gaat niet zelden met huilpartijen gepaard.”

Als de opleiding eenmaal met goed gevolg is afgewerkt, begint het avontuur in Nederland. Cristina Becerra gaat over ruim een maand in Haarlem aan de slag. „Ik had liever wat centraler in Nederland gezeten, maar ik kijk er zeker naar uit. Ik hou van hagelslag”, zegt ze lachend.

De eerste maand zal Van Haga nog vanuit Jávea contact onderhouden, maar haar cursisten moeten stapje voor stapje op eigen benen komen te staan. Smeink: „Dat is een heel bewust proces waarin we afsturen op zelfredzaamheid. Dat is uiteindelijk voor iedereen het beste.”

Vandaag is het in Jávea niet alleen spannend voor de verpleegkundigen, maar ook voor de mensen uit Kennemerland die hun toekomstige personeel begroeten. Voor Zorggroep Reinalda, die volgens haar website „liefdevolle en persoonsgerichte zorg aan ouderen in Haarlem biedt”, hangt er ook veel van af.

Het personeelstekort is echt nijpend, legt bestuurder Carolien Koning uit. „We hebben te maken met een groot maatschappelijk probleem”, zegt ze, en ze wil „kwalitatief goede zorg blijven leveren”.

Bij Reinalda werken sinds kort twee Portugese verpleegkundigen en in de woonzorgcentra van de stichting Sint Jacob in Zuid-Kennemerland drie verzorgden uit andere Zuid-Europese landen. Het is de bedoeling dat dit bij de samenwerkende zorgorganisaties de komende maanden uitgroeit naar twintig buitenlandse medewerkers. Cristina Becerra zal daar één van zijn. Koning: „De eerste indrukken zijn goed.”