Het opwindend bittere van pomeransen

Janneke kookt Deze gekonfijte sinaasappelschilletjes zijn extra onweerstaanbaar met Sevilla-sinaasappelen.

Ze zien eruit alsof ze achteraan hebben gestaan toen de godin van de citrusvruchten schoonheid uitdeelde en die net op was toen zij aan de beurt waren. Alsof de godin toen zei: helaas pindakaas, voor jullie geen gave, glanzende huid, ik heb alleen nog een dof en ruw, bobbelig velletje in de aanbieding, en trouwens, perfect rond is ook uitverkocht, dus jullie worden wat bonkiger, oké?

Superzielig natuurlijk voor die pomeransen, want daar hebben we het over, en ik stel me zo voor dat ze ontzettend sip begonnen te kijken. Zo sip dat de godin van de citrusvruchten medelijden met hen kreeg en zei: maar weten jullie wat, ik geef jullie het allerverrukkelijkste aroma van alle sinaasappels. Jullie worden veel geuriger en bitterder, veel opwíndender dan die brave navels waar jullie zo jaloers naar zitten te loeren.

Ik hoop eigenlijk dat ze toen zo blij waren dat ze de laatste mededeling van de godin – o ja, sorry, maar jullie krijgen ook zuur vruchtvlees en achterlijk veel pitten – niet meer gehoord hebben. Dan hadden ze zich alsnog zorgen gemaakt over hun bestaansrecht en dat zou volkomen onnodig zijn geweest. Want uiteindelijk zijn pomeransen, of Sevilla-sinaasappels, zoals ze ook vaak worden genoemd, juist vanwege hun afwijkende eigenschappen vreselijk geliefd geraakt. Zonder deze bittere sinaasappels geen marmelade, geen sinaasappellikeur en geen kruidenbitters.

Het seizoen duurt kort; ze zijn er alleen in januari en februari en dan alsnog zeer mondjesmaat. Mocht u ze niet kunnen vinden, kunt u onderstaande gekonfijte sinaasappelschilletjes ook met gewone sinaasappels maken. Sterker, daarvan worden ze meestal gemaakt. Ik vind ze alleen extra onweerstaanbaar met bittere. Het konfijten is een projectje van een dag of vijf, maar met een schaal vol sjiek, opwindend snoepgoed als resultaat de moeite waard. En u haalt het nog net voor Valentijnsdag.

Gekonfijte sinaasappelschilletjes

500 g bittere sinaasappels (of gewone, liefst onbespoten sinaasappels);
2 tl zout;

600 g suiker

Het schijnt dat bittere sinaasappels minder of helemaal niet bespoten worden. Was ze toch maar grondig met een borsteltje onder een warme kraan, doe datzelfde met gewone sinaasappels.

Halveer ze en pers ze uit. Het sap van bittere sinaasappels is te zuur om zo te drinken, maar kun je zeven en gebruiken in dressings en sauzen.

Snijd de uitgeperste helften in parten en snijd het vruchtvlees en het grootste deel van de witte binnenkant weg. Snijd de schil in smalle reepjes. Leg die onder water in een pan en voeg het zout toe. Breng aan de kook en laat 1 minuut koken. Giet af.

Breng in dezelfde pan 250 ml water met 500 gram suiker aan de kook. Laat al roerend 1 minuut koken, tot de suiker is opgelost. Zet het vuur uit en dompel de schillen onder in de hete siroop. Laat 24 uur staan. Schenk door een zeef en vang de siroop op. Breng die aan de kook, laat 1 minuut koken en voeg van het vuur af de schillen weer toe (de schillen mogen nooit meekoken!). Laat weer 24 uur staan.

Herhaal dit nog 2 of 3 keer, tot u tevreden bent over de smaak en bite. Spreid de schillen uit over een rooster en laat ze een halve dag uitlekken en drogen. Rol ze door de rest van de suiker. Laat ze weer een paar uur drogen op bakpapier. Nu zijn de schilletjes klaar en lang houdbaar. Ze kunnen desgewenst nog met één kant in chocolade worden gedipt. De siroop kunt u gebruiken voor ijs of cocktails.