OPCW: oud-medewerkers lekten foute versie van gifgasaanval Douma

Oorlog Syrië Het lek voedde onterecht het Russische verhaal dat de gifgasaanval in Douma waarschijnlijk in scène was gezet. De oud-medewerkers „konden niet accepteren dat hun bevindingen niet ondersteund werden door feiten”, schrijft de OPCW.
Syrische kinderen die medische hulp kregen na de gifgasaanval op Douma in 2018.
Syrische kinderen die medische hulp kregen na de gifgasaanval op Douma in 2018. Foto via Getty, White Helmets

Twee voormalige medewerkers van de OPCW hebben in het onderzoek naar de gifgasaanval in het Syrische Douma in 2018 een versie van het onderzoek gelekt die niet overeenkwam met de feiten. Dat concludeert de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) zelf, in een donderdag gepubliceerd rapport over de kwestie. Het lek was een belangrijke voedingsbodem voor de Russische versie dat de aanval in scène was gezet. OPCW-chef Fernando Arias zegt nog altijd achter de eerdere conclusies te staan dat vermoedelijk chloorgas was gebruikt.

Meer dan veertig mensen kwamen om het leven bij een aanval op 7 april 2018 in Douma, een plaatsje buiten de hoofdstad Damascus dat toen nog in handen was van rebellen. Een week later besloten de VS, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk raketaanvallen uit te voeren op doelwitten van de Syrische regering, die volgens het Westen achter de aanval zat. Rusland, een belangrijke bondgenoot van de Syrische president Bashar al-Assad, heeft echter altijd volgehouden dat zijn regime onschuldig is. De rebellen zouden het in scène hebben gezet om een westerse aanval op Assad uit te lokken.

De OPCW bezocht Douma en bracht in maart 2019 het eindrapport naar buiten van de zogeheten fact finding mission, waarin stond dat er „gegronde onderbouwing” was dat chloorgas was gebruikt. De waakhond mocht destijds geen daders aanwijzen maar zei wel dat gifgascilinders vermoedelijk door plafonds in woningen terechtkwamen, en dus uit de lucht waren gekomen. Dat zou wijzen op een luchtaanval van het Syrische regime vanuit helikopters.

Gifgascilinders

Twee voormalige OPCW-medewerkers brachten rond de publicatie echter informatie naar buiten die deze versie in twijfel trok. Hoewel hun namen niet genoemd worden, lijkt het onder anderen te gaan om Ian Henderson. Deze Zuid-Afrikaan suggereerde op basis van eigen bevindingen dat de gifgascilinders waarschijnlijk waren neergelegd, en niet uit de lucht waren gekomen. Dat zou volgens Syrië en Rusland verder wijzen op een complot van de rebellen.

OPCW-chef Arias benadrukt dat de twee „geen klokkenluiders” waren. Deze twee individuen „konden niet accepteren dat hun bevindingen niet ondersteund werden door feiten”, concludeert de waakhond na ruim een half jaar vervolgonderzoek naar de gelekte informatie. Toen hun versie niet de aandacht kreeg die ze wilden „besloten ze het heft in eigen handen te nemen en hun verplichtingen ten opzichte van de organisatie te schenden” door hun onvolledige versie van Douma naar buiten te brengen. „Hun conclusies waren onjuist, ongeïnformeerd en verkeerd”, concludeert Arias.

Een van de twee zou bovendien officieel geen deel hebben uitgemaakt van de onderzoeksmissie en daarom maar beperkte kennis hebben gehad van het Douma-dossier. Vermoedelijk doelt de OPCW hier op Henderson. De ander maakte slechts tot augustus 2018 deel uit van de onderzoeksgroep, en was zelf nooit in Douma omdat hij daar niet de juiste training voor had doorlopen.