Necrologie

Kirk Douglas: groot acteur met groot charisma

Kirk Douglas (1916-2020) Kirk Douglas speelde veel antihelden, „klootzakken” die hij kleur en nuance gaf door hun sterke en zwakke kanten te benadrukken met intens acteren.

Acteur Kirk Douglas in New York in 1962.
Acteur Kirk Douglas in New York in 1962. Foto AP/DAB

Een van de laatste acteurs die het klassieke Hollywoodtijdperk nog meemaakte is overleden. Kirk Douglas werd 103 jaar. Douglas was gezegend met een groot charisma: in elke van de meer dan negentig films waarin hij speelde, eist hij de aandacht op zodra hij in beeld komt. Hij speelde veel „klootzakken”, zoals hij zelf de antihelden noemde waarmee hij naam en faam maakte. Met zijn intense acteren, vol felheid, gaf hij ze kleur en nuance. Het tekende zijn opvatting over acteren: „Als je een zwak personage speelt, vind dan een moment waarop hij sterk is. En als je een sterk iemand neerzet, vind een moment waarop hij zwak is.” Deze kracht-zwakteanalyse noemde hij chiaroscuro-acteren.

Over zijn imago als ‘tough guy’ merkte hij op: „In werkelijkheid was ik geen tough guy, ik acteerde ze.” Toch was hij niet altijd de bikkelharde gangster, stoere cowboy of amorele antiheld. Zijn bekendste rol is die van de opstandige slaaf Spartacus in de gelijknamige film van Stanley Kubrick uit 1960. In een veel geciteerde en gepersifleerde scène wordt door de Romeinen aan honderden gevangen genomen slaven gevraagd om hun rebelse leider te verraden. Net op het moment dat Spartacus zich wil aangeven, roept slaaf Antoninus (Tony Curtis) „I’m Spartacus”, waarna anderen zijn voorbeeld volgen en ook „I’m Spartacus!” brullen. Ontroerd door zoveel solidariteit ziet Spartacus het met vochtige ogen aan.

Ook gaf Douglas gestalte aan Vincent van Gogh in de biografische film Lust for Life (1956), een rol die hem niet in de koude kleren ging zitten, zo vertelde hij later. Naar huidige maatstaven zet hij de schilder, op wie hij goed leek, erg getormenteerd neer, maar zijn doorleefde rol leverde hem wel een Oscarnominatie op, de tweede van drie. Collega John Wayne, Republikein, nam het Douglas, zijn leven lang een Democraat, kwalijk dat hij een zwakkeling speelde: „We moeten ruwe, stoere kerels spelen!”

Zoon van lompenkoopman

Kirk Douglas kwam in 1916 ter wereld als Issur Danielovitsj, zoon van een Russisch-Joodse lompenkoopman die in 1912 naar Amerika emigreerde. In een van zijn elf boeken, The Ragman’s Son (1988), vertelt hij over zijn jeugd en hoe hij in de jaren dertig te maken kreeg met antisemitisme.

Douglas studeerde aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog aan de American Academy of Dramatic Arts en had wat rolletjes op Broadway. In 1941 ging hij bij de marine, waar hij drie jaar diende. Vlak na de oorlog kreeg hij zijn eerste filmrol, in de film noir The Strange Love of Martha Ivers (1946). Zijn doorbraak kwam in 1949, toen hij een ambitieuze, niets en niemand ontziende bokser speelde in Champion. Hij kreeg er meteen zijn eerste Oscarnominatie voor.

Een reeks films met Douglas als memorabele antiheld volgde: hij was een cynische journalist in Billy Wilders Ace in the Hole (1951), een opvliegende, rancuneuze politieofficier in Detective Story (1951) en een egocentrische filmproducent in The Bad and the Beautiful (1952) – even vilein als charmant, geheel indachtig Douglas’ acteeropvatting. Hij deed dat soort rollen graag, want „deugdzaamheid is niet fotogeniek”. Ter afwisseling was hij ook held Ned Land in de Jules Verne-verfilming 20,000 Leagues Under the Sea (1954), een Disneyfilm waarin hij ook niet onverdienstelijk zingt.

Kirk Douglas als Spartacus.
Foto AFP
Kirk Douglas als Spartacus.
Foto AFP
Kirk Douglas en Lana Turner in de film The Bad and the Beautiful (1953).
Foto AP

In 1955 richtte Kirk Douglas productiemaatschappij Byrna op, vernoemd naar zijn moeder. Als producent huurde hij de jonge, talentvolle Stanley Kubrick in voor de regie van Paths of Glory (1958), nog steeds een van de beste films over de Eerste Wereldoorlog – Douglas speelt er een sterke rol in, als rechtschapen kolonel die drie ten onrechte van hoogverraad beschuldigde soldaten verdedigt.

Kubrick nam ook de regie op zich van Spartacus, nadat de beoogde regisseur door Douglas werd ontslagen. Spartacus was ook de film die de zwarte lijst doorbrak, het verbod om van communistische sympathieën beschuldigde mensen uit de filmindustrie in te huren. Douglas liet Dalton Trumbo, een van de schrijvers op de zwarte lijst, onder pseudoniem het scenario schrijven en gaf hem een screencredit toen Spartacus uitkwam. Daarmee was de ban van communistenjager en senator McCarthy gebroken, al wordt geclaimd dat Douglas zijn rol daarin een beetje overdreef. In de jaren erna werkte hij vaker met Trumbo samen. Zo schreef Trumbo de moderne western Lonely are the Brave (1962), naar eigen zeggen Douglas’ favoriete film.

Douglas trouwde voor het eerst in 1943, met Diana Dill. Ze kregen twee zonen, onder wie acteur Michael Douglas. Omdat hij een notoir vrouwenversierder was, scheidde Dill van hem in 1951. In 1954 trouwde hij opnieuw, met Anne Buydens. Het stel was tot zijn dood samen. Samen beheerden ze The Douglas Foundation, dat veel van Douglas’ vermogen aan goede doelen gaf.

Door een beroerte in 1996 sprak de acteur moeilijk, al bleef zijn charisma onverminderd. Een paar maanden na zijn beroerte, waarover hij het boek My Stroke of Luck schreef, kreeg hij een ere-Oscar voor zijn hele loopbaan (toen vijftig jaar). Hoewel hij dacht al vergeten te zijn, werd hij bij een enquête onder filmprofessionals gekozen in de top-50 van ‘Greatest American Screen Legends’. Hopelijk blijft dat nog even zo.

Kirk Douglas (r) met zijn zoon, acteur Michael Douglas in 1985.
Foto Rob Boren/AFP
Foto Chris Helgren/Reuters