Reportage

Hond Fer zit straks tussen de leerlingen

Onderwijs Op het Citaverde College in Roermond moet een hond verdrietige kinderen troosten en meer saamhorigheid in de klas brengen.

Op het CitaVerde college in Roermond worden drie puppies getraind om als schoolbuddy te gaan werken. De honden krijgen puppytraining in de kas van de school waar ook leerlingen bij aanwezig zijn en betrokken worden.
Op het CitaVerde college in Roermond worden drie puppies getraind om als schoolbuddy te gaan werken. De honden krijgen puppytraining in de kas van de school waar ook leerlingen bij aanwezig zijn en betrokken worden. Foto Flip Franssen

Het middagdutje heeft Fer goed gedaan. Uitgeslapen dartelt hij door het Citaverde College in Roermond, speels en nieuwsgierig zoals je van een bijna dertien weken oude pup zou verwachten. Op een groepje derdejaars vmbo dienstverlening & producten heeft het dier een magische uitwerking. De stoerste van het stel smelt en toont zijn zachte kant. En het stille, gesloten meisje blijkt plotseling kordaat leiding te kunnen geven aan de jonge labrador.

Voor precies dát soort magie gaat de schoolhond – als hij straks volwassen is – vaker zorgen, hoopt directeur Ellen Laeven. Fer kan een rol gaan spelen in de lessen groen- en dierverzorging, zorgen voor saamhorigheid, en een bron van troost zijn voor leerlingen die even wat minder in hun vel zitten. Ook leren leerlingen zo dat ze op tijd moeten zijn, om de hond te voeren en uit te laten.

Laeven: „Op tv had ik weleens wat gezien over de effecten van een hond in kantoortuin. Ik werkte hier nog niet zo lang als directeur, toen mijn adjunct vertelde over haar jackrussellterriër. Toen heb ik haar gevraagd om dat beest eens een week mee te nemen. We zagen leerlingen echt opleven.”

‘Buikpijn bij het idee’

Laeven hoorde in haar eerste maanden als directeur dat docent Engels Carine Stuurman al decennialang jaarlijks een nest labradorpups had. Ook had Stuurman boeken geschreven over dat ras en gaf ze les in hondenopvoeding. Ze was aanvankelijk niet enthousiast over Laevens suggestie voor een schoolhond: „Ik kreeg buikpijn bij het idee. Het welzijn van een pup moet voorop staan. Die heeft behoefte aan rust, reinheid en regelmaat.”

Pas na lange gesprekken en het opzetten van een kleine groep vrijwilligers uit het lerarenbestand (het Fer-Fitteam), dat de zorg en het uitlaten overdag op zich neemt, ging Stuurman overstag: „Anders dan bij schoolhonden elders in Nederland voeden we de pup zelf op. En we evalueren regelmatig met een gedragstherapeut die het Fer-Fitteam begeleidt.”

Universitair docent aan de Universiteit Utrecht Nienke Endenburg, gespecialiseerd in mens-dierrelaties, ziet de inzet van honden in bijvoorbeeld de ouderenzorg en het onderwijs de laatste jaren toenemen. Behalve in Roermond zijn er scholen in onder meer Vlaardingen, Hengelo, Hilversum en Zevenaar die een eigen hond hebben. Er is geen landelijk overzicht van scholen met een hond.

„Als het dier ervoor geschikt is, is het een goed idee. Labradors lenen zich er goed voor”, zegt Endenburg. „Zo’n hond kan ook heel leerzaam zijn. Niet alleen bij het vak dierverzorging, maar ook op andere terreinen. Lezen over een hond of rekenen met een hond is leuker dan zomaar lezen of rekenen. Zet een dier wel een beperkte tijd in, niet vijf dagen per week, maar bijvoorbeeld twee keer per week.”

Lees ook: Advies om hulpdierensector professioneler te maken

Niet te jonge hond

Endenburg heeft wel bezwaar tegen de jonge leeftijd waarop Fer op het Cittaverde College mee naar school gaat. „Dat is een heel slecht idee. Zo’n pup moet nog van alles leren, socialiseren en stabiliseren, in een rustige omgeving groot worden. Laat dat lekker gebeuren bij de directeur thuis. Niet op school, al denken ze het daar nog zo goed geregeld te hebben.”

In Roermond zijn ze het daar niet mee eens. Laeven: „Fer heeft zijn vaste rusttijden in de bench op mijn werkkamer. Hij wordt op vaste tijden uitgelaten. Elke vrijdagmiddag doe ik een opvoedcursus met hem. Het Fer-Fitteam krijgt te horen wat daar geleerd wordt. Er is een appgroep en een klapper waarin alles wordt bijgehouden.” Fers uitvalsbasis blijft de directeurskamer. Straks gaat hij na elke les of clinic daar naar terug.

Stuurman benadrukt dat de labrador heel zorgvuldig geïntroduceerd wordt. „Als hij iets ouder is, willen we een clubje van acht kinderen betrekken bij de zorg. Daar kunnen ze op solliciteren. Pas als hij echt volwassen is, gaan we hem inzetten. We laten hem langzaam wennen aan de prikkels om hem heen, om te voorkomen dat hij helemaal hyper wordt en leren hem bijvoorbeeld niet te eten van de vloer.”

De leerlingen verheugen zich al op meer Fer in de klas. „Het is weer eens wat heel anders”, vindt Sem. Isa verheugt zich op „zoveel liefde om je heen”.

De hond is ook een soort mascotte voor de school geworden. Zijn naam verwijst naar het Citaverde College. „Bij een meisje was het Sita geworden. Nu heet hij Fer”, zegt de directeur. „Ook nog eens een heel erg Limburgse naam.”

Fer drukt niet op de schoolbegroting. Laeven: „Alle normale kosten voor de hond betaal ik. Elke andere constructie zou maar voor verwarring zorgen en afleiden van wat we met hem willen bereiken.” Fer gaat na schooltijd ook met haar mee naar huis.

Eén grote wens heeft de directeur nog wel: „langdurige monitoring” van het project. „Bijvoorbeeld via een promotieonderzoek. Fer slaapt in deze fase nog heel erg veel. Zijn rol en bijdrage zijn dus nog klein.” Om de effecten van de aanwezigheid van Fer te meten, legt de school op dit moment de laatste hand aan een interne enquête. Die wordt begin februari uitgezet en eind dit schooljaar weer. De school verzamelt daarnaast de observaties van docenten, personeel en leerlingen.