Opinie

De witte norm is geen maat voor integratie

Clarice Gargard

Twintig jaar geleden luidde Paul Scheffer de noodklok. Nederland moest waken voor de teloorgang van de samenleving door slechte integratie van etnische minderheden, schreef hij in zijn essay ‘Het multiculturele drama’. „Integratie met behoud van eigen identiteit is een vrome leugen”, is een zin die mij is bijgebleven. Het suggereert dat we als mens maar een enkel ding kunnen of mogen zijn en het ontkent daarmee het bestaan van eenieder die daar niet aan voldoet.

Mijn Amerikaanse tongval, Hollandse nuchterheid en Liberiaanse humor stellen dat idee ter discussie. De ene achtergrond boven de ander plaatsen, zou zijn als moeten kiezen tussen het hart en de longen terwijl ze je allebei in leven houden.

Scheffers manifest luidde tevens het tijdperk van othering in: decennia waarin politici, media en publiek niet-westerse Nederlanders als de gevaarlijke ‘Ander’ afschilderen. Mensen van vlees en bloed werden als object neergezet, waar je tegen of voor kon zijn. Zoals je met een partner kunt ruziën over die oude lamp die bij de gordijnen vloekt, maar toch in de woonkamer blijft staan.

Het is begrijpelijk dat nieuwkomers vragen opriepen en er teleurstelling heerste over het gebrek aan antwoord. Onbegrijpelijk is dat het tot racisme en uitsluiting leidde. „Als ze maar zouden integreren”, klinkt het. Ook Scheffer pleit ervoor. Inmiddels weten we dat er wel degelijk integratie plaatsvindt. Biculturele Nederlanders zijn weliswaar nog oververtegenwoordigd in criminaliteitscijfers. Maar ze betreden vaker het werkveld, universiteiten en de taalachterstand wordt ingehaald.

Uit SCP-onderzoek blijkt dat juist een probleem te zijn. Hoe hoger opgeleid en ‘succesvol’ in het werkveld, hoe minder het gevoel van acceptatie. De echte dreiging schuilt voor sommige witte Nederlanders namelijk niet in degenen die zich niet aanpassen. De angst is groter dat men dat wel doet en de autochtone Nederlander voorbijstreeft. Economisch succes is überhaupt een vreemde voorwaarde voor acceptatie. Alsof de waarde die je hebt als mens, afhangt van hoeveel geld je in het laatje brengt.

Nu, twintig jaar later, zegt Scheffer dat buitenstaanders van gisteren gevestigden van morgen zijn. Een optimistische voorspelling, die enkel waargemaakt kan worden als het bed niet alleen met migranten gedeeld moet worden, maar biculturele Nederlanders ook de kans krijgen lakens uit te delen. En wanneer het volgende manifest dat de komende twintig jaar inluidt als inspiratie voor politiek, media en samenleving een geesteskind van Fatima, Akwasi, Mehmet of Lin kan zijn.

Integratie betekent niet alleen hoe Turkse, Marokkaanse, Surinaamse, Antilliaanse, Somalische en Chinese Nederlanders zich verhouden tot de witte norm. Maar ook hoe de witte norm zich tot hen verhoudt. En hoe zij zich tot elkaar verhouden. Want ook Turkse, Marokkaanse, Surinaamse, Antilliaanse, Somalische en Chinese Nederlanders moeten met elkaar leven.

Integratie betekent voor mij opgaan in het geheel en het geheel in jou op laten gaan, waarbij je niet treurt om het verlies van een deel van jezelf maar je blij wordt omdat je alleen maar meer bent geworden. Zoals de Amerikaanse schrijver Octavia Butler schreef in Parable of the Sower (De parabel van de zaaier), haar profetisch boek over de gemengde samenleving: „All that you touch, you change. All that you change, changes you.”

Als je in een wereld met zoveel verschillende mensen, culturen en perspectieven leeft en niet verandert, ben je niet echt geraakt. En om echt geraakt te worden, moet je ook iets uit handen durven geven.

Clarice Gargard is programmamaker en freelance journalist.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.