De kunst moet het krot uit: zoeken naar een nieuwe locatie voor het Frans Hals Museum

Locatie De behuizing van de moderne kunst van het Frans Hals Museum in Haarlem verslonst steeds meer. Directeur Ann Demeester hoopt op een nieuw onderkomen. Maandagavond is er een presentatie aan de gemeenteraad.

Voor de oude V&D/Hudson’s Bay hebben culturele instellingen in Haarlem interesse.
Voor de oude V&D/Hudson’s Bay hebben culturele instellingen in Haarlem interesse. Foto Walter Herfst

Het Frans Hals Museum in Haarlem is gehuisvest op twee locaties. Wanneer museumdirecteur Ann Demeester ’s morgens naar haar werk fietst, komt ze eerst langs de locatie aan de Grote Markt. Daar wordt moderne en eigentijdse kunst getoond. Op de tweede locatie, een paar minuten fietsen verderop, hangen de oude meesters. Als ze op de fiets zit, kijkt ze vaak even de andere kant op, om de gevel van het pand met de moderne kunst niet te hoeven zien. „Het is zo treurig en verslonst, een rafelrand van de stad is het, maar dan aan een zeventiende-eeuws plein in het centrum.”

Vandaag fietsen we niet, maar gaan we wandelen naar twee mogelijke alternatieve plekken voor de ‘locatie Grote Markt’ van het Frans Hals Museum. Het gaat om de oude V&D, een rijksmonument van acht verdiepingen, en de Egelantier, ooit een ziekenhuis en later een tijdlang een cultureel verzamelgebouw. Beide panden staan leeg.

We beginnen bij de ‘locatie Grote Markt’ (1). Als je daar voor staat, begrijp je meteen het probleem. Het museum bezet er de eerste verdieping van een monumentaal, negentiende-eeuws gebouw, je ziet het aan metershoge affiches voor de ramen. Maar op de begane grond van datzelfde gebouw zijn de ramen dichtgeplakt met reclameposters voor Crème Fresh, ‘conceptstore met herenlabels’. Overal bladdert de verf, hier en daar is graffiti gespoten. Ann Demeester: „Je zou bijna willen dat er méér graffiti kwam, dan zou het tenminste nog een urban uitstraling hebben. Nu is het vooral een krot.”

Het komt allemaal doordat het gebouw twee eigenaren heeft, de benedenverdieping met de reclameposters is een jaar of tien geleden door de gemeente Haarlem verkocht aan de Haarlemse voetbalmakelaar-miljonair Mino Raiola. Eerst baatte hij er horeca uit, maar sinds vijf jaar staat de verdieping leeg – en bestoken Raiola en de gemeente elkaar met kort gedingen.

Slachtoffer van de onenigheid: het museum, dat de bovenverdieping bezet van een pand dat mogelijke bezoekers eerder afschrikt dan aantrekt. Ann Demeester: „Je kunt zeggen, het gaat nog wel. En ja, natuurlijk gaat het: we houden vol. Maar als andere musea kwalitatief gezien steeds een stapje hoger gaan, en wij elke keer een stapje lager, dan merkt het publiek dat.”

Lees ook: Het mooie plan van het Frans Hals Museum kón niet misgaan

Van de Grote Markt lopen we via de Grote Houtstraat naar het Verwulft. Daar staat de oude V&D (2), tot afgelopen december nog in gebruik door Hudson’s Bay. Het imposante monument uit 1934 is gebouwd in een gemengde stijl van Amsterdamse School, art deco en Nieuwe Zakelijkheid. In het Haarlems Dagblad riep een aantal, nu nog over de stad versnipperde culturele instellingen onlangs op er een „bruisende culturele hotspot” van te maken - en hen er gezamenlijk te huisvesten. Aanstaande maandagavond bepleiten ze hun zaak bij de gemeenteraad. Ook Ann Demeester zal daarbij zijn. „Wij staan open voor spannende plekken in de stad”, liet ze eerder in dezelfde krant optekenen.

Staand voor het verlaten warenhuis zegt ze: „Het is al bijna een museum, zo iconisch is dit gebouw. Het laat je dromen.”

Zo’n droom zou bijvoorbeeld zijn: „Op de begane grond de entree en verder allemaal kleine instellingen: design, media, mode, kunst, eten, debat, you name it. Daarboven dan twee verdiepingen museum, oude meesters en moderne kunst door elkaar. Dit is zo’n groot gebouw, hier kun je veel functies vermengen.”

Maar dat is een droom, de realiteit is dat het gebouw eigendom is van een vermogensbeheerder die rendement zal willen halen. En culturele instellingen kunnen geen marktconforme huur betalen.

De kosten zijn sowieso een probleem. Vorige week donderdag nog ging de gemeenteraad akkoord met een eenmalige extra subsidie van 350.000 euro voor het Frans Hals Museum. Uit onderzoek was gebleken dat het door eerdere bezuinigingen, en wegens het jarenlang niet indexeren van de exploitatiesubsidie, op een technisch faillissement afstevende. Ergens de komende maanden moet een besluit vallen over de verdere toekomst. „Ook het bijzondere gegeven van een museum op twee locaties wordt hierbij betrokken”, aldus het college aan de raad.

Ann Demeester voor de Egelantier, een mogelijke alternatieve locatie voor exposities van het Frans Hals Museum. Foto Walter Herfst

Lopend naar de Egelantier komen we eerst nog langs Crème Fresh (Ann Demeester: „Zouden zij niet op onze bovenverdieping willen zitten?”), daarna slaan we linksaf, passeren de afslag naar de ‘locatie oude meesters’ van het Frans Hals Museum (3) – en dan staan we ervoor: het derde monumentale pand deze ochtend dat leegstaat en alleen al daardoor verlopen oogt (4).

In tegenstelling tot de oude V&D is de Egelantier eigendom van de gemeente Haarlem. Het staat in de verkoop, met de opbrengst wil het college „achterstallig onderhoud inhalen” van ander gemeentelijk vastgoed. Na een burgerinitiatief dat vroeg om het verkoopplan te herzien – „Jarenlang was de Egelantier een soort huiskamer waar het gonsde van de creativiteit, menigeen heeft hier stappen gezet naar een latere carrière”, aldus de ondertekenaars – moeten mogelijke kopers nu in hun plan behalve voor een hotel en appartementen, ook ruimte creëren voor culturele activiteiten.

Ann Demeester is „blij met het herziene verkoopplan”, al is in de aanbesteding niet expliciet opgenomen dat de koper plek voor het museum moet maken: nu is het afwachten hoe het zal gaan. Terwijl het museum hier graag naartoe zou willen met de tentoonstellingen (hedendaagse kunst, oude kunst en een mix tussen beide): dit gebouw ligt praktisch naast de ‘locatie oude meesters’.

Wat als de plannen voor zowel de V&D als de Egelantier niet doorgaan – en de modernekunsttentoonstellingen van het Frans Hals Museum tóch aan de Grote Markt moeten blijven? „Dat weet ik niet. Wat ik wel weet: als je gebouw er gammel bij staat, dan doet dat iets met je concurrentiepositie. Het maakt je minder aantrekkelijk, hoe je ook programmeert.”