Recensie

Recensie Beeldende kunst

Bij Dana Lixenberg komen de mensen heel dichtbij

Video-installatie Dana Lixenbergs 69 minuten durende meesterwerk ‘Imperial Courts’ gaat over de bewoners van de gelijknamige probleemwijk in Los Angeles, waar ze sinds 1993 filmt en fotografeert. De rust is er slechts ogenschijnlijk. (●●●●●)

Een still uit de video-installatie ‘Imperial Courts’ van Dana Lixenberg.
Een still uit de video-installatie ‘Imperial Courts’ van Dana Lixenberg. Foto’s Stedelijk Museum, GRIMM Amsterdam/ New York

‘Over Watts hangt een atmosfeer van razernij en frustratie, een verduistering als van stormwolken, van woede en wanhoop; en de meisjes bewegen met een ongenaakbare, uitdagende waardigheid, en de jongens bewegen tegen het verkeer in alsof ze optrekken tegen de vijand. De vijand is er niet, natuurlijk, maar wel zijn er soldaten, in patrouillewagens.” Dit schreef de Amerikaanse romanschrijver, dichter en essayist James Baldwin (1924-1982) over de woonwijk Watts in Zuid-Los Angeles. In 1965 waren hier gewelddadige rellen uitgebroken. Maandenlang duurde het oproer van tienduizenden Afro-Amerikaanse en Latino bewoners, in een strijd tegen discriminatie en armoede. De beloften voor verbetering zouden niet worden ingelost.

Imperial Courts is een socialehuisvestingsproject van circa 500 woningen in Watts, voltooid aan het begin van de jaren zestig. Het ligt pal tegen de drukke Imperial Highway en de Freeway met zijn hoge lusvormige viaducten aangeklemd. Hier braken in 1992 de Rodney King-rellen uit, en weer was het oorlog tussen bewoners en politie, weer werden huizen in brand gestoken en heerste chaos. Ook nu werden loze beloften gedaan.

Na een periode van aandacht van politici en sensatiebeluste media raakte Imperial Courts in de vergetelheid. De Nederlandse fotografe Dana Lixenberg (Amsterdam, 1964) ging er in 1993 naar toe, in de hoop bewoners te portretteren. Leden van de Black Carpenters Association introduceerden haar bij Tony Bogard, leider van de gang ‘Imperial Courts P J Watts Crisps’ en officieuze godfather van de wijk. Met Bogards toestemming zette Lixenberg op een speelplaats haar grootbeeldcamera en statief op en wachtte af. Langzaam wist zij het vertrouwen van de bewoners te winnen.

Still uit de video-installatie ‘Imperial Courts’ van Dana Lixenberg.

Het was het begin van een levenswerk waarvan de voltooiing bijna 25 jaar zou duren. In 2015 publiceerde Lixenberg het boek Imperial Courts (1993-2015), met zwart-witportretten. Vervolgens maakte zij het 69 minuten durende videowerk Imperial Courts (2017). De publicatie van een eerste selectie van portretten in november 1993 in VIBE, tijdschrift voor rap, dance music, mode, sport en politiek, was het startschot van Lixenbergs internationale carrière als portretfotografe voor onder meer The New Yorker, NYT Magazine en Vogue. Haar werk als kunstenaar gaat over individuen en gemeenschappen aan de rafelranden van maatschappij.

Het videowerk Imperial Courts laat zien hoe het leven in de wijk grotendeels bestaat uit wachten en rondhangen. Hangend op plastic stoeltjes voor het huis, in een auto met openstaande portieren onderuitgezakt spelen met mobieltjes, of dobbelend om geld is het bestaan een doorlopende oefening in futiliteit. Het verkeer raast langs, een overvliegende helikopter overstemt gesprekken, er zijn flarden van rap en salsa, op gezette tijden klinkt de penetrante jingle van de ijscokar.

Ondanks de herrie is de film verstild. Minutenlang poseren bewoners voor de videocamera, sommigen trots en zelfverzekerd, anderen verlegen en afwerend. De traagheid, concentratie en precieze kadrering scheppen afstand. De projectie van verschillende beelden op drie schermen, in een overwogen tempo en opeenvolging, versterkt dit nog. Toch komen deze mensen, als individuen, heel dichtbij. Vragen dringen zich op over wie ze zijn, wat hun geschiedenis is.

In de webdocumentaire over Imperial Courts vertelt J 50, een trotse vrouw met het hoofd voor driekwart kaalgeschoren en een dikke paardestaart opzij, er iets over: „It’s the hard life, a rough life, but it’s my life… If you don’t have a strong mind [...], the people, the streets, the drugs [...] it will get to you.”

Af en toe is er in de film een vluchtige verwijzing naar de gewelddadigheid in de Courts. Op de stoep is voor een vermoorde vriend een klein monument gemaakt van plastic vlinders, waxinelichtjes en opgespannen bandana’s. Gangleider Tony Bogard blijkt al in 1994 te zijn vermoord, door een lid van zijn eigen gang. Iemand rapt: „I’m in a place where death is just around the corner/ I’m a slave to the streets, I’m a slave to the gang.”

Still uit de video-installatie ‘Imperial Courts’ van Dana Lixenberg.

Tijdsbeleving speelt een hoofdrol in de video-installatie. Zoals elk geslaagd kunstwerk schept de film zijn eigen tijd. Het kijken ernaar is een verwijlen, in een tijdsspanne die zich onttrekt aan het tijdsverloop van de dagelijkse bezigheden. Imperial Courts veroorzaakt deze esthetische tijdsbeleving door de ritmische opeenvolging van beelden, de weloverwogen kadreringen en de monotone lichtblauwe woningen op de achtergrond met hun witte kozijnen en getraliede ramen. De ogenschijnlijke rust en distantie vormen een scherp en ongemakkelijk contrast met de levensgeschiedenissen van de bewoners. Er is geen uitweg uit dit labyrinth, angst en boosheid zijn onderhuids voelbaar, exact zoals Baldwin beschreef. Dit contrast is een van de dingen die het videowerk Imperial Courts tot een meesterwerk maakt.

Fotografie en video liggen bij Lixenberg direct in elkaars verlengde. Weliswaar zijn de portretfoto’s weloverwogen gemaakt, met de logge grootbeeldcamera, terwijl de filmpjes beweging en geluid toevoegen, en ontstaan in een spontane respons op wat zich onverwacht voordoet. Maar de stijl van filmen is dezelfde. Beheerst, sober, met de focus op vorm en compositie en niet op een spectaculair verhaal. Deze aanpak verleent aan Imperial Courts een grote monumentaliteit. De mensen zijn in al hun waardigheid afgebeeld, met oog voor de complexiteit van hun bestaan.

Imperial Courts is, ondanks de tragiek, ook van een grote schoonheid. Het leven toont zich in felle kleuren, met een oranjerood mini-jurkje, een groene schildpad in een meisjeshand met zeegroene nagellak, rode en zwarte ballonnen, reusachtige zilveren oorringen die het zonlicht weerspiegelen, en stralend witte T-shirts. Plotseling is er een scène van volkomen onschuld. Een klein meisje kijkt recht in de camera, de wind speelt door haar lang krullend haar, mussen tsjilpen in de ruisende bladeren van een boom. Het moment wordt boven alles uitgetild.