Zoeken naar wifi in een souterrainwoning in ‘Parasite’.

Interview

Oscarkandidaat Bong: ‘In Korea is ‘Parasite’ controversieel’

Interview Bong Joon Ho De Zuid-Koreaanse regisseur houdt het hoofd koel bij het fenomenale succes van ‘Parasite’. „Ik wil gewoon mijn werk blijven doen.”

Parasite van regisseur Bong Joon Ho maakt een serieuze kans om zondagnacht de Oscar voor beste film te winnen. De film zou dan de eerste niet-Engelstalige film zijn die bij de Oscars de hoofdprijs wint. De zwarte komedie, over een armlastig gezin dat infiltreert bij een welvarende familie, raakt duidelijk een snaar. Alleen in zijn eigen Zuid-Korea bracht de film al 72 miljoen dollar op; wereldwijd staat de teller momenteel op 161 miljoen dollar.

Toch weten veel Koreanen niet precies wat ze van de film moeten denken, vertelt Bong in een gesprek van een half uur met een groepje journalisten op het Rotterdams filmfestival. „In Korea lopen de reacties erg uiteen. Over de film is geen echte consensus ontstaan. Parasite is controversieel. Voor sommige mensen is het verhaal te duister en oncomfortabel. Sommigen verwijten me dat ik de arme mensen in de film niet met genoeg respect heb afgeschilderd. Tegelijkertijd is de film wel een enorm succes. Heel vreemd. Ik moet er eerlijk bij zeggen dat ik online nooit reacties lees op de film. Dat bezorgt me veel te veel stress. Ik kan me veel beter richten op de volgende film.”

Lees hier de dubbelrecensie van ‘Parasite’

Bong is in Rotterdam voor de première van de zwart-witversie die hij heeft gemaakt van Parasite, die vanaf 13 februari in de bioscoop te zien zal zijn. Bong: „Ik heb een enorme liefde en bewondering voor klassieke zwart-witfilms. Ik weet dat ik niet in de buurt kan komen van het gevoel en de schoonheid van de films van Yasujiro Ozu, Jean Renoir en John Ford. Maar ik kan het niet laten om daar toch naar te streven.”

Bongs films zijn vaak spannend en vermakelijk, maar hij snijdt in zijn werk ook altijd sociale thema’s aan. In Parasite is dat de gapende kloof tussen arm en rijk. Dat wil niet zeggen dat hij met zijn films per se een boodschap heeft of dat hij een politiek punt wil maken. „Mijn belangrijkste doel is altijd heel simpel: ik wil een film maken die zo krachtig is dat niemand in de bioscoop zijn mobiele telefoon pakt. Dat haat ik namelijk echt. Ik wil de aandacht van de toeschouwers volledig vasthouden. Maar om dat te bereiken moet een film ook inzicht bieden in menselijke psychologie. Dat is niet alleen een kwestie van filmtechniek, dan kom je ook al snel uit bij hoe de samenleving in elkaar zit. Niemand leeft alleen. We zijn allemaal met elkaar verbonden.”

Parasite is niet de enige film bij de Oscars die een nogal zwartgallig beeld uitdraagt van de diepe kloof tussen arm en rijk en de toestand in de wereld. „Joker is een duistere film. In die film gebeuren eigenlijk alleen maar de vreselijkste dingen. Het slot van Parasite is ook duister. Het einde laat weinig ruimte voor optimisme. Het zou niet zo heel moeilijk zijn geweest om een hoopvoller einde te verzinnen. Maar dat zou onoprecht zijn tegenover het publiek. Ik wilde eerlijk zijn.”

De regisseur moet nog een ruime week campagne voeren voor de Oscars. „Fysiek is zo’n campagne echt uitputtend. Maar het mooie ervan is dat ik de kans heb gekregen om geweldige filmmakers te leren kennen, zoals Martin Scorsese, Noah Baumbach en Todd Phillips. We komen elkaar zo vaak tegen bij dezelfde diners, recepties en gala’s, dat we vrienden zijn geworden. We proberen elkaar af en toe gerust te stellen, dat het einde nu echt in zicht komt. Ik zat in een forumdiscussie met Martin Scorsese, waarin hij vertelde hoe hij de slotscène van The Irishman heeft gedraaid. Voor mij is dat echt een fantastisch filmcollege. Dat is de mooie kant van de campagne.”

Ondanks alle opwinding rond Parasite probeert Bong vooral het hoofd koel te houden. „Ik ben nu vijftig. Ik heb in de afgelopen twintig jaar zeven films gemaakt. Ik ben heel blij met de prijzen en het succes van Parasite. Maar wat ik vooral wil is gewoon mijn werk blijven doen.”