Letterkundige heeft minste kans op goede baan

Arbeidsmarkt De kans om snel een baan te vinden met een goed salaris verschilt per opleiding enorm, blijkt uit een nieuwe ranglijst van het UWV.

De opleiding tandheelkunde biedt volgens het UWV de meeste kans om snel een goedbetaalde baan te vinden.
De opleiding tandheelkunde biedt volgens het UWV de meeste kans om snel een goedbetaalde baan te vinden. Foto Nils van Houts/ANP

Al vlot na je afstuderen een baan, met een startsalaris van 61.200 euro bruto per jaar? Of ruim twee jaar solliciteren voordat je een serieuze baan hebt, met een salaris van 25.200 euro per jaar? Dat is het verschil tussen de universitaire opleiding met de beste startpositie op de arbeidsmarkt in Nederland – tandheelkunde – en de studie met de slechtste startpositie: letterkunde.

Uitkeringsinstantie UWV publiceerde dinsdag een ranglijst van de startpositie op de arbeidsmarkt van hbo’ers en academici van verschillende opleidingen. De ranglijst is ontleend aan eerder onderzoek van weekblad Elsevier en SEO Economisch onderzoek, een wetenschappelijk instituut dat onderzoek doet in opdracht van onder andere de overheid en bedrijven.

Ook tussen hbo-opleidingen bestaat er een aanzienlijk verschil tussen de sollicitatieduur en het startsalaris na afstuderen. Het volgen van een lerarenopleiding in exacte vakken biedt het meeste garantie om snel een goedbetaalde baan te vinden. Leraren natuur- en scheikunde, techniek en wiskunde vinden gemiddeld binnen twee tot vier maanden een „substantiële baan”, meldt het UWV, en beginnen met een jaarsalaris tussen de 45.000 en 47.000 euro.

Bezitters van een hbo-diploma in dans, kunst of muziek hebben daarentegen drie jaar nodig voor het vinden van een „behoorlijke baan”. Ze beginnen met een salaris van gemiddeld rond de 15.000 tot 18.000 euro per jaar, blijkt uit het onderzoek. Ook heeft maar ongeveer een kwart van hen een vaste baan, tegen driekwart van de afgestudeerden van de genoemde lerarenopleidingen.

Kortom, de studiekeuze van middelbare scholieren en zij-instromers is erg bepalend voor hun latere carrière, stelt het UWV. Arbeidsmarktanalist Michel van Smoorenburg van het UWV adviseert dan ook om bij het kiezen van een opleiding te kijken of er later „een passende baan in het verschiet ligt”. „Vaak twijfelen jongeren tussen meerdere opleidingen”, stelt van Smoorenburg in een persbericht. „Dan kunnen kansen op de arbeidsmarkt doorslaggevend zijn voor de keuze.”

Lees ook: Zoveel kansen, en toch die somberheid bij studenten

Wie voor een dubbeltje begint

Afgestudeerden van opleidingen met een slechte tot matige startpositie op de arbeidsmarkt maken later meestal geen inhaalslag, blijkt uit het onderzoek, waarvoor afgestudeerden uit 2007-2008 tien jaar later zijn gevraagd naar hun salaris en of ze een vast of tijdelijk contract hadden.

Tien jaar na het afronden van de studie tandheelkunde, bijvoorbeeld, is het gemiddelde jaarinkomen gestegen tot 132.100 euro. Dat is ruim drie keer zo hoog als na een studie archeologie. Deze groep afgestudeerden verdiende tien jaar later gemiddeld 39.900 euro per jaar en niet meer dan 70 procent had een vaste baan. Voor de afgestudeerden in tandheelkunde lag het aandeel vaste banen tien jaar later op 90 procent.

Onder de universitair afgestudeerden uit 2007-2008 voorspelden de studies archeologie, neurowetenschappen en letterkunde tien jaar na afstuderen de slechtste arbeidsmarktpositie. Uit het onderzoek kwamen slechts twee masterstudies met een matige startpositie waarbij de afgestudeerden in de tien jaar na afstuderen een bovengemiddelde loopbaanontwikkeling doormaakten: internationale betrekkingen en internationaal en Europees recht.

Wat betreft startsalaris blijkt er slechts een klein verschil tussen wo- en hbo-afgestudeerden, maar door de jaren heen groeit de kloof. Academici begonnen in 2018 met een startsalaris van gemiddeld 38.9000 euro, hbo’ers met 32.400 euro. De academici die toen al tien jaar werkten verdienden gemiddeld 71.700 euro, degenen met een hbo-opleiding 51.300 euro.