Grapperhaus openbaart communicatie rondom strafvervolging Wilders

‘Minder Marokkanen’ Minister Ferdinand Grapperhaus heeft alle communicatie van zijn ministerie rondom Wilders’ vervolging openbaar gemaakt. Hij laat in het midden of er sprake was van politieke bemoeienis.
Geert Wilders (l) en zijn advocaat Geert-Jan Knoops in september 2019 in de rechtbank van Schiphol.
Geert Wilders (l) en zijn advocaat Geert-Jan Knoops in september 2019 in de rechtbank van Schiphol. Foto Remko de Waal/ANP

Minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) heeft maandag alle communicatie rondom de ‘minder Marokkanen’-uitspraak van PVV-leider Geert Wilders openbaar gemaakt. De 475 documenten, waaronder e-mails en brieven, bevatten alle interne communicatie binnen zijn departement en die met het Openbaar Ministerie van maart 2014 tot 9 december 2016. Wilders staat terecht voor groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie. Grapperhaus doet geen uitspraak of bij het besluit Wilders te vervolgen sprake was van politieke bemoeienis.

De honderden pagina’s zijn „bij wijze van hoge uitzondering” met de Tweede Kamer gedeeld, schrijft Grapperhaus in een Kamerbrief. Zolang de zaak onder de rechter is, gaat hij niet inhoudelijk in op de resultaten van het onderzoek naar de communicatie, dat werd uitgevoerd door adviesbureau Deloitte. De minister schrijft dat hij later politieke verantwoording zal afleggen.

Het OM maakte in december 2014 bekend Wilders te gaan vervolgen voor zijn uitspraak in maart 2014, toen hij zijn aanhangers in een verkiezingstoespraak toezegde te gaan „regelen” dat er „minder Marokkanen” naar Nederland komen. Wilders beweert dat zijn vervolging een politiek proces is. Zijn advocaat Geert-Jan Knoops zei eerder dat het ministerie zich voortdurend inhoudelijk bemoeide met Wilders’ vervolging. Volgens het OM is het besluit om de PVV-leider te vervolgen autonoom genomen door de officier van justitie.

Wilders reageert op Twitter kritisch op de timing van de openbaarmaking van de communicatie. „Anderhalve dag voor de zitting bij het Hof begraaft Grapperhaus ons onder stukken”, aldus de PVV-leider. Volgens Wilders was het „al glashelder” dat het om een politiek proces gaat. Het hoger beroep wordt woensdag hervat.

Lees ook: Wilders-proces verplaatst zich van rechtszaal naar Binnenhof

Eerder proces

Tegelijkertijd maakte Grapperhaus ook documenten openbaar over een eerder proces tegen Wilders, die met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) werden opgevraagd door de Volkskrant. Dit proces had betrekking op eerdere uitspraken van Wilders over de islam in 2006 en 2007. Hij pleitte in interviews onder meer voor een koranverbod.

Toenmalig minister van Justitie Hirsch Ballin bemoeide zich in 2008 met de afweging van het OM om Wilders voor die uitspraken te vervolgen, schrijft de Volkskrant maandag op basis van de geopenbaarde documenten. Het OM zag geen aanleiding Wilders te vervolgen, waarop Ballin tevergeefs driemaal een onafhankelijk expert inschakelde om die beslissing te onderzoeken. Een zaak kwam er uiteindelijk onder dwang van het gerechtshof alsnog, maar in navolging van de eis van het OM werd Wilders in 2011 vrijgesproken van groepsbelediging, aanzetten tot haat en discriminatie van moslims.

D66-Kamerlid Maarten Groothuizen schrijft naar aanleiding hiervan op Twitter dat „serieus” moet worden nagedacht over het afschaffen van de zogeheten aanwijzingsbevoegdheid van de minister om over te gaan tot vervolging. „Het OM komt dan meer op afstand van de politiek. Dat past bij onze rechtsstaat”, aldus Groothuizen.