Even verderop reed Marcel de scooter klem

Wie: Marcel (42)

Kwestie: Met auto scooter klemgereden

Waar: Politierechter Utrecht

De Zitting

Het was zomer en de twee jongens waren op weg naar een festival. Met hun scooter – formeel een snorfiets – voegden ze in voor een auto op de Loosdrechtseweg in Hilversum. Te langzaam, dat zagen ze zelf ook wel in. De auto moest remmen. Een getuige noemde het invoegen achteraf tegenover de politie „geen verstandige beslissing”. Zelf zei de scooterbestuurder dat hij dacht dat de automobilist zou vloeken of zijn middelvinger zou opsteken.

Maar die deed iets anders. Hij gooide zijn stuur om, van schrik zegt hij zelf, waardoor de linkervoorkant van de auto de elleboog en het been van de bestuurder raakten. Toen de jongens doorreden alsof er niets gebeurd was, zette hij de achtervolging in.

Tweehonderd meter verderop reed hij de scooter klem. Hij denkt zelf dat hij toen alweer stapvoets reed. De jongens vielen met scooter en al, tussen de auto en stoep. Scooter beschadigd, zijzelf schrammen en kapotte kleding. En geschrokken. Naar het festival gingen ze niet meer. Ze deden aangifte tegen de man.

De automobilist, de 42-jarige Marcel, moet zich vandaag bij de politierechter in Utrecht verantwoorden. Voor een poging van het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel of, als dat niet bewezen kan worden, voor het veroorzaken van een gevaarlijke situatie in het verkeer. Het gaat daarbij niet om het eerste contact tussen de auto en de scootterrijder, maar om het klemrijden. Volgens getuigen reed Marcel niet stapvoets, maar ongeveer vijftig kilometer per uur.

Marcel is een rossige man met een bril, in spijkerbroek en op All Stars. Hij legt een dun dossiermapje voor zich op tafel in de rechtszaal, dat hij tijdens de zaak niet open zal slaan. Zijn nek zal steeds roder worden tijdens de ondervraging door de rechter en officier. Er is een vrouw – misschien zijn echtgenote – met hem meegekomen, maar geen advocaat die hem had kunnen aanraden zonder voorbehoud berouw te tonen. De jongens zijn er niet, één van hen vordert wel schade (scooter, kleding en het concertkaartje; 1.100 euro ) en immateriële schade (750 euro).

De rechter vraagt Marcel of hij vindt dat hij verkeerd gehandeld heeft door achter de scooter aan te gaan. „Achteraf bezien”, antwoordt hij, „is het niet de meest slimme actie geweest”. Maar, voegt hij toe, „het was een reactie. Je mag ervan uitgaan dat iemand stopt na een aanrijding. Zodat je het samen op kunt lossen”.

„U had ook hun kentekenplaatje kunnen noteren”, oppert de rechter.

„Dat lukt niet in een fractie van een seconde”, zegt hij.

De officier wil ook iets weten. „Hoe komt het eigenlijk dat een fout in het verkeer u zó boos maakt?”

Marcel schokschoudert en zegt dan: „Ik ben in mijn jeugd flink in elkaar geslagen door zes, zeven man. En ik kende Joes Kloppenburg die is vermoord. Dus ja, onrecht, daar heb ik wel last van.”

„Maar ziet u dat u andere mensen onrecht kunt aandoen vanuit uw woede over onrecht?” vraagt de officier. Marcels antwoord is in de zaal niet goed te verstaan.

In zijn requisitoir benadrukt de officier dat dit een „zeer ernstig feit” is. De verdachte heeft „ zijn auto als wapen ingezet”. Hij had de jongens volledig in de kreukels kunnen rijden. Dat Marcel stapvoets reed, vindt hij „onaannemelijk”. Hij ziet geen verdachte „vol berouw”, maar iemand die „de bal bij de jongens legt”. Omdat een risico op herhaling bestaat, eist hij naast een taakstraf van 180 uur ook een maand voorwaardelijke celstraf en een ontzegging van de rijbevoegdheid van een jaar.

In zijn laatste woord omschrijft de verdachte zichzelf als „een net persoon”. Maar hij is niet van plan alle schuld op zich te nemen voor iets „wat oorzaak en reactie was”.

De rechter acht bewezen dat Marcel de jongens heeft klemgereden, waardoor zij vielen. Met welke snelheid dat gebeurde, is niet van groot belang. „Ook als je langzaam rijdt kan een botsing tussen een auto en een scooter zwaar lichamelijk letsel veroorzaken.” Omdat Marcel een blanco strafblad heeft, legt ze een lagere werkstraf op – 80 uur – en één maand voorwaardelijke gevangenisstraf. Marcel mag zijn rijbewijs houden. Wel moet hij 987 euro betalen voor schade aan de scooter en kleding van de jongens. En 500 euro immaterïële schade.