Eerste potten waren voor bottenbouillon en vissoep

Archeologie Jagers-verzamelaars vonden al in de IJstijd het aardewerk uit. De potten werden gebruikt voor het uitkoken van vis en karkassen.

Scherven uit Gromatoecha, Siberië, 12.000 à 15.000 jaar oud.
Scherven uit Gromatoecha, Siberië, 12.000 à 15.000 jaar oud. Foto QSR/S.Shoda e.a.

Het alleroudste aardewerk ter wereld werd niet alleen gebruikt om vissen in te bereiden en visolie te winnen, maar ook om karkassen van herkauwers uit te koken. Dit blijkt uit chemische analyse van vetresten die nog altijd te vinden zijn op scherven van tussen de 12.000 en 16.000 jaar oud die op vier plekken langs de Oost-Siberische rivieren de Zeja en de Amoer zijn opgegraven. Het onderzoek is deze week gepubliceerd in Quarternary Science Reviews door een team van archeologen onder leiding van Shinya Shoda (University of York en National Research Institute for Cultural Properties, Japan). Het uitkoken van botten is een efficiënte manier om vet te winnen, een goede strategie voor IJstijd-jagers.

Het Russische Verre Oosten geldt al als een van de plekken waar tijdens de laatste ijstijd ongeveer gelijktijdig het pottenbakken is uitgevonden, rond 18.000 jaar geleden. Andere plaatsen voor vroeg aardewerk zijn de Jomon-cultuur in Japan en de Xianrendong-grot in de Zuid-Chinese provincie Jianxi. De jagersverzamelaars bewaarden hun potten waarschijnlijk op plekken waar zij regelmatig terugkwamen om te vissen of te jagen. De potten werden waarschijnlijk in een soort vuurkuil gebakken en konden wel een inhoud van zes liter hebben.

Illustratie QSR/S.Shoda e.a. Verschillen in de vorm en de versieringen van het aardewerk van twee verschillende IJstijdculturen uit het Amoergebied (Oost-Siberië).

In 2013 werd met chemische analyse al vastgesteld dat de potten in Japan gebruikt werden om vis in te bereiden. In het nieuwe onderzoek van de IJstijd-potscherven is er bij Gromatoecha, aan de rivier de Zeja (die uitmondt in de Midden-Amoer), uitsluitend vet van herkauwers in teruggevonden. Zevenhonderd kilometer verderop, op de drie andere vindplaatsen aan de Beneden-Amoer (de Osipovka-cultuur) werd juist alleen vis in de potten bereid. De potten in de twee culturen zijn ook niet van hetzelfde type. De Osipovka-potten buigen bijvoorbeeld aan de bovenkant iets naar binnen, de Gromatoecha-potten niet. De onderzoekers denken daarom dat er naast de Japanse Jomon en de Osipovka-cultuur aan de Beneden-Amoer in dit gebied een dérde onafhankelijk centrum van pottenbakken bestond: de meer continentale Gromatoecha-cultuur in het Midden-Amoer- en Transbaikal-gebied. In een persbericht van de Universiteit van York zegt een van de onderzoekers, Peter Jordan van de Rijksuniversiteit Groningen, het zo: „Onze onderzoek maakt duidelijk dat er niet één beginpunt voor het oudste pottenbakken bestaat. Op hetzelfde moment ontstaan er in verschillende gebieden heel verschillende tradities.”


Hoe bak je potten zonder keramiekoven? Survivalspecialist Mike Pewtherer laat in deze video zien hoe je - behoedzaam en met geduld - aardewerk kunt bakken in een vuurkuil.