Ecologen ruziën over natuurbeheer

Oostvaardersplassen Het debat over het afschieten van herten in de Oostvaardersplassen gaat voort. Welke natuur verdient bescherming?

De vele herten en ganzen in de Oostvaardersplassen bedreigen volgens een rapport van ecologen de biodiversiteit in het gebied.
De vele herten en ganzen in de Oostvaardersplassen bedreigen volgens een rapport van ecologen de biodiversiteit in het gebied. Foto Olivier Middendorp

Wel of niet afschieten, dat is de kwestie in de Oostvaardersplassen, het omstreden natuurgebied tussen Almere en Lelystad. De rechter bepaalde maandag dat Staatsbosbeheer het afschieten van grote aantallen edelherten voorlopig niet mag hervatten.

De rechter is nog niet overtuigd van de noodzaak van het afschot; eerst moeten tegenstanders de kans krijgen te reageren. De provincie Flevoland, die de opdracht ervoor gaf, zou die reactie moeten meewegen in een nieuw, definitief besluit. Zo wordt een „onomkeerbare situatie, waarin onnodig edelherten worden afgeschoten, voorkomen”, aldus de rechter.

Over het afschot wordt al jaren gebakkeleid. De provincie heeft nog eens geprobeerd de noodzaak van het afschieten te onderbouwen met een rapport, geschreven door vijf ecologen van Wageningen University, Universiteit Utrecht, Staatsbosbeheer en het onderzoeksbureau Sweco.

Dit rapport gaat niet zo zeer over de vraag of edelherten moet worden bespaard dat ze tijdens koude winters met duizenden tegelijk sterven van de honger, en of de maatschappelijke onrust daarover een reden tot afschot moet zijn. Het gaat de ecologen om iets anders; ze stellen dat de grote aantallen edelherten, paarden en runderen het natuurgebied ernstig hebben geschaad. Er zijn ongeveer twintig zeldzame broedvogelsoorten verdwenen. „Deze dramatische verarming is een unicum in de geschiedenis van de Nederlandse natuurbescherming.” Het gaat om soorten die in Nederland zeldzaam zijn en in hun voortbestaan worden bedreigd.

„Wij hebben onbevooroordeeld naar de cijfers gekeken”, zegt Frank Berendse, emeritus hoogleraar natuurbeheer aan Wageningen University. „We constateren op basis van cijfers die al heel lang bekend zijn dat zich een geweldige verarming heeft voorgedaan. Men had al veel eerder kunnen ingrijpen. Er is geen discussie mogelijk over deze feiten. Wel is de vraag: laat je de natuur zo veel mogelijk haar gang gaan, ook als dat leidt tot een massaal verdwijnen van soorten, zoals paapje, grauwe klauwier en nachtegaal?”

Dezelfde feiten, andere conclusies

De kritiek van de ecologen is niet besteed aan bioloog Frans Vera, geestelijk vader van de Oostvaardersplassen en fel tegenstander van het afschieten van edelherten. De ecologen geven „een valse voorstelling van zaken”, zegt Vera. „Het is propaganda. Deze ecologen willen terug naar een situatie van ruim twintig jaar geleden in een gebied dat volop in ontwikkeling is. Dat kan niet. Daarbij gebruiken ze cijfers, ja. Maar er is een uitdrukking die zegt: cijfers liegen niet, maar leugenaars kunnen wel cijferen.”

De volkomen gepolariseerde discussie spitst zich toe op de vraag welke natuur er precies moet worden beschermd in de Oostvaardersplassen. Eerder schreef Vera een rapport dat de rechtbank in een eerdere procedure overtuigde van het gelijk van de tegenstanders van afschot. Berendse: „Dat rapport is niet slecht. Maar Vera trekt op basis van dezelfde feiten andere conclusies. Er is hier sprake van een botsing van visies. Hij vindt dat je de natuur zo veel mogelijk z’n gang moet laten gang. Ik heb dat zelf ook lang gedacht. Maar toen ik zag welke gevolgen dat voor dit gebied had, ben ik er anders over gaan denken.”

Vera vindt dat de provincie zich moet houden aan de oorspronkelijke wettelijke doelstellingen van dit Europees beschermde Natura 2000-gebied en stelt dat de soorten die gedijen bij dit soort landschappen het nog steeds goed doen. Vera: „Ecologen als Berendse stellen biodiversiteit voor als de grootst mogelijke verzameling aan soorten. Dat klopt niet. Natuurbehoud gaat over het in stand houden van soorten die leven in zo veel mogelijk verschillende ecosystemen. Berendse heeft het steeds over soorten waarvoor dit gebied helemaal niet is bedoeld.”

Lees ook: Hooi of honger voor de grazers

Dat laatste klopt volgens emeritus hoogleraar Berendse niet: „Ook soorten uit het Natura 2000-beheerplan als roerdomp, kleine zilverreiger, woudaapje zijn als gevolg van het non-interventiebeleid en de grote aantallen grauwe ganzen uit het gebied verdwenen of sterk achteruitgegaan.”

Staatsbosbeheer schoot in een jaar tijd bijna achttienhonderd edelherten af, tot de rechter daar eind vorig jaar een stokje voor stak. Staatsbosbeheer had vanaf begin dit jaar opnieuw een begin willen maken met het doden van ruim duizend edelherten, maar daar hebben milieu- en natuurorganisaties opnieuw met succes bezwaar tegen gemaakt. Voorlopig.