Hoelang blijft het virus besmettelijk op oppervlakken? En 38 andere vragen over het coronavirus

Vragen en antwoorden Wat is er bekend over het nieuwe coronavirus? Hoe ziek worden mensen ervan? Wat doet Nederland om verspreiding te voorkomen? Wat zijn de maatschappelijke consequenties van de uitbraak van Covid-19? Dit vragenstuk is geactualiseerd op 4 april.

Heeft u een vraag over het coronavirus die hier nog niet behandeld wordt?

We vullen dit vragenstuk steeds aan met (actuele) informatie over het coronavirus. Als u een algemene vraag over het virus heeft, kunt u die hieronder invullen.

  1. Wat is uw vraag?

Ben je op zoek naar meer informatie over het virus?

Luister ook naar deze aflevering van 30 maart 2020 uit onze podcastserie NRC Vandaag: Covid-19: Is optimisme terecht?

    39 vragen over Covid-19

    Algemene vragen

  1. Hoe ver is het virus nu in Nederland verspreid?

    In Nederland zijn door het coronavirus 1.651 mensen overleden, blijkt zaterdag uit cijfers van het RIVM. Omdat niet alle sterfgevallen direct aan het instituut worden doorgegeven, betekent dit niet dat al deze patiënten tussen vrijdag en zaterdag zijn overleden.

    Het aantal vastgestelde Covid-19-besmettingen nam volgens de laatste rapportage met 904 toe en ligt op 16.627. Het werkelijke aantal mensen dat is besmet ligt in Nederland hoger, benadrukt het RIVM. Vooral mensen die zo ziek zijn dat ze naar het ziekenhuis komen, worden op het virus getest. Een deel van de besmettingen wordt opgespoord via een Nivel-peilstation, dat via huisartsen onderzoek doet naar de verspreiding van infectieziekten in Nederland.

    Het totaal aantal patiënten met een coronabesmetting dat opgenomen is (geweest) in een ziekenhuis, was zaterdagmiddag 6.622. Vrijdag lagen er rond 17.00 uur 1.324 Covid-19-patiënten op de verschillende intensive care-afdelingen van Nederland, maakte het Landelijk Coördinatiecentrum Patiënten Spreiding bekend.

  2. Waarom maakt men zich meer zorgen over het coronavirus dan over gewone griep?

    In Nederland worden jaarlijks circa 400.000 mensen ziek van de gewone griep. Die griep eist volgens het CBS bij ons jaarlijks gemiddeld zo’n 2.000 levens, met uitschieters naar 9.400 griepdoden in 2017/2018 en nul griepdoden in 2013/2014, toen we nauwelijks een griepseizoen hadden. Daarmee komt het gemiddelde sterftepercentage uit op rond de 0,5 procent. Veruit de meeste griepdoden zijn ouderen van boven de 60 jaar.

    Bij het nieuwe coronavirus dat Covid-19 veroorzaakt ligt het sterftepercentage hoger. Volgens berekeningen zou het sterftepercentage uitkomen op ongeveer 3,14 procent.

    Corona wordt ook gezien als gevaarlijker dan griep omdat het een nieuw virus is: het is pas heel recent voor het eerst naar mensen overgesprongen vanuit dieren. Daardoor hebben mensen er nog geen immuniteit tegen kunnen ontwikkelen. Virologen weten nog maar weinig over hoe gemakkelijk het virus van mens op mens overgaat en wanneer en hoelang een patiënt precies besmettelijk is.

  3. Verdwijnt het virus vanzelf als het warmer wordt?

    De weersomstandigheden hebben invloed op de levensduur en de verspreiding van virussen. Veel virussen verspreiden zich bijvoorbeeld over langere afstanden bij een lage luchtvochtigheid, zoals in de winter binnenshuis als er gestookt wordt. Ook de temperatuur speelt een rol: sommige virussen kunnen korter buiten een lichaam overleven bij een hogere buitentemperatuur, andere juist langer. Blootstelling aan uv-straling, zoals van de zon, doodt virussen.

    Bij welke omstandigheden het nieuwe coronavirus zich minder goed verspreidt is nog niet bekend. Het coronavirus dat in 2002 SARS veroorzaakte, en dat op het nieuwe coronavirus lijkt, gedijt bij lagere temperaturen en lage luchtvochtigheid: het blijft 5 dagen in leven bij temperaturen tussen 22 en 25 graden Celcius en 50% luchtvochtigheid. Bij hoge temperaturen (38 graden Celcius en 95 procent luchtvochtigheid) overleeft het niet.

    Als dat voor het virus dat Covid-19 veroorzaakt ook zo is, zal het nog maanden duren voor de weersomstandigheden effect hebben op de verspreiding. Hogere temperaturen dan 25 graden bereiken we in Nederland pas als het hoogzomer is.

  4. Hoelang blijft het virus besmettelijk op oppervlakken?

    Er bestaat een kans dat je besmet raakt door aanraking van een besmet oppervlak. Virusdeeltjes kunnen zo’n drie dagen overleven op oppervlakken en mogelijk langer, afhankelijk van het materiaal en de omstandigheden. Twee recente studies hebben dit nader onderzocht.

    De eerste legde resultaten van 22 eerdere studies naast elkaar (Journal of Hospital Infection, maart 2020). Die studies richtten zich niet specifiek op het nieuwe coronavirus, maar op de al langer bekende virussen SARS, MERS en andere coronavirussen. De eindconclusie was dat deze virussen dagenlang besmettelijk kunnen blijven op oppervlakken, afhankelijk van de temperatuur en de hoeveelheid vloeistof (slijm) waarin ze op het oppervlak waren terechtgekomen. Bij kamertemperatuur kunnen menselijke coronavirussen in een bedje van slijm tot 9 dagen intact blijven. Bij temperaturen boven de 30 graden neemt hun besmettelijkheid snel af. Maar bij 4 graden konden sommige dierlijke coronavirussen wel 28 dagen intact blijven.

    De tweede studie was een experiment met het nieuwe coronavirus (New England Journal of Medicine, 17 maart 2020). Deze onderzoekers keken hoelang ze nog intacte virusdeeltjes konden aantonen in minuscule druppeltjes die waren geland op oppervlakken van plastic, roestvrij staal, koper en karton. Op plastic en roestvrij staal zakte het aantal virusdeeltjes na 72 uur onder de meetbare grens, op karton rond de 24 uur en op koper rond de 4 uur. Maar, zo waarschuwen de onderzoekers, het is niet bekend hoe groot de kans is dat die niet-meetbare hoeveelheid virusdeeltjes een mens besmet.

    Het RIVM waarschuwt dat dit laatste onderzoek is uitgevoerd onder gecontroleerde omstandigheden, en dat er in de praktijk wellicht minder virusdeeltjes intact blijven. Ook zal de hoeveelheid virus dat via een ziek persoon op een oppervlak terechtkomt, sterk verschillen. Het tweede onderzoek ging bijvoorbeeld uit van minuscule druppeltjes die via de lucht op een oppervlak waren geland – niet van bijvoorbeeld een veeg van neus naar deurkruk.

    ‘De belangrijkste besmettingsroutes blijven overdracht via druppels door niezen/hoesten en via de handen’, meldt het RIVM. ‘Volg daarom de bestaande hygiëneadviezen en maatregelen die voor iedereen gelden.’

  5. Wat is een coronavirus?

    Coronavirussen worden zo genoemd vanwege hun kenmerkende uiterlijk onder de elektronenmicroscoop. Door de regelmatige uitsteeksels op de eiwitmantel die als felwitte puntjes oplichten is het alsof ze een kroontje dragen (corona in het Latijn). Coronavirussen hebben één enkele streng RNA als genetisch materiaal. In de natuur komt een grote variatie aan coronavirussen voor. Ze besmetten vogels en zoogdieren, opvallend vaak vleermuizen.

    Tot nu toe zijn er zes stammen bekend die mensen infecteren. Ze infecteren meestal de hogere luchtwegen en het maagdarmkanaal. Ze veroorzaken meestal milde klachten zoals verkoudheid, met hoest, keelpijn en soms koorts. Sommige varianten infecteren ook de lagere luchtwegen en kunnen levensbedreigende luchtweginfecties veroorzaken, zoals in het geval van SARS en MERS, en ook dit nieuwe coronavirus.

  6. Hoe heet het nieuwe virus?

    De officiële aanduiding van het nieuwe coronavirus is ‘SARS-CoV-2’. Dat maakte de Coronavirus Study Group dinsdag 11 februari bekend. Het nieuwe coronavirus is nauw verwant aan het virus dat in 2003 de SARS-epidemie veroorzaakte. Dat virus draagt de officiële aanduiding SARS-CoV.

    De longziekte die het nieuwe coronavirus veroorzaakt heet covid-19, maakte de WHO eveneens op dinsdag 11 februari bekend. De WHO koos er om politieke redenen voor om niet verwijzen naar een plaatsaanduiding in combinatie met een ziekte omdat dat onbedoeld beschuldigend kan overkomen. Zulke naamgeving zou onnodige en ongewenste gevolgen kunnen hebben voor bijvoorbeeld handel, reisverkeer, toerisme en dierenwelzijn schreef de WHO vijf jaar geleden in een rapport. Het hoofd van de WHO, Tedros Adhanom Ghebreyesus, zei op een persconferentie dat de naam covid-19 een standaard zette voor nieuwe coranavirusuitbraken.

  7. Waar komt het virus vandaan?

    Het nieuwe coronavirus komt vrijwel zeker uit vleermuizen. Het is waarschijnlijk vanuit die dieren overgesprongen op een ander zoogdier, waarmee het vervolgens naar de Huanan Seafood Market in Wuhan kwam. Daar infecteerde het tientallen verkopers en bezoekers. Op 1 januari werd de markt gesloten.

    Het onderzoek kwam op gang nadat de gezondheidsautoriteiten in Wuhan vaststelden dat er een cluster van longonstekingpatiënten was rond de Huanan seafood market. Dat was de aanleiding om intensief virologisch onderzoek te doen, temeer omdat China na SARS extra alert was op dit soort uitbraken. Omdat andere infecties (griep, tuberculose etc. ) al snel konden worden uitgesloten en de genetische code van het nieuwe virus leek op die van SARS, was al snel duidelijk dat het om een coronavirus moest gaan. Dat werd later bewezen met de volledige genetische code van het virus en het karakteristieke coronavirusbeeld onder de elektronenmicroscoop, toen het gelukt was het virus te kweken.

  8. Microscoopopname van het nieuwe coronavirus.

    Foto NEJM

    Medische vragen

  9. Hoe weet je of je het virus hebt en hoe ziek word je ervan?

    De gerapporteerde symptomen van Covid-19 variëren per patiënt. De meeste mensen (zeker 8 op de 10 patiënten) hebben milde klachten die één tot vijf dagen duren. Zij worden vanzelf weer beter. Het meest opgetekend zijn verkoudheidsklachten zoals een droge hoest, zere keel en koorts, gevolgd door moeheid en spierpijn: de bovenste luchtwegen zijn geïnfecteerd. Ook hoofdpijn, misselijkheid en diarree komen soms voor. Er zijn ook mensen die besmet zijn, maar geen of nauwelijks klachten ervaren. In de eerste acht dagen van de klachten lijken mensen het meest besmettelijk.

    Sommige mensen (ongeveer 2 op de 10) krijgen ergere klachten: zware longontsteking en benauwdheid. Als er longontsteking ontstaat is dat gemiddeld bijna zes dagen na de eerste symptomen. Dan raken ook de onderste luchtwegen geïnfecteerd door het virus. Bij ongeveer een kwart van hen wordt de toestand kritiek: zij krijgen onder meer ernstige ademhalingsproblemen (acute respiratory distress syndrome, ARDS) en moeten op een intensivecareafdeling behandeld worden. Patiënten liggen ongeveer drie weken aan de beademing, pas in de derde week knappen ze op.

    De kans dat je in Nederland Covid-19 hebt als je de genoemde griep- of verkoudheidsachtige klachten hebt, is overigens nog steeds erg klein. Bij de patiënten met griepachtige klachten die in de week van 2 tot 8 maart in een steekproef getest zijn, werd bij 40 procent een influenzavirus (griep) gevonden en bij 5 procent een verkoudheidsvirus , rapporteert het Nivel. Het onderzoeksinstituut voert deze meting wekelijks uit met het RIVM. Sinds zes weken wordt daarbij ook op het nieuwe coronavirus getest. Daarmee zijn tot nu toe twee geïnfecteerde personen gevonden.

  10. Is er een vaccin tegen het virus?

    Er is op dit moment nog geen vaccin tegen het coronavirus. Destijds is wel gewerkt aan een vaccin tegen SARS, maar dat is nooit goed getest bij patiënten omdat de epidemie inmiddels alweer voorbij was.

  11. Hoe dodelijk is het virus?

    De dodelijkheid van het virus is lastig vast te stellen omdat de epidemie nog in haar volle hevigheid gaande is. Het sterftecijfer kan bovendien per tijdstip en plaats veranderen. De dodelijkheid hangt namelijk niet uitsluitend af van de eigenschappen van het virus, maar ook van hoe ernstig zieke patiënten behandeld kunnen worden en hoe goed het beeld van de daadwerkelijke omvang van de epidemie is.

    De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) rapporteerde 5 maart op haar dagelijkse persconferentie dat het wereldwijde sterftecijfer op dit moment op 3,4 procent uitkomt. Dat is een stuk dodelijker dan eerdere schattingen, die uitkwamen op iets boven de 2 procent.

    Het sterftecijfer van Covid-19 was in de beginperiode lager dan bij SARS, een ander type coronavirus dat in 2003 zorgde voor een wereldwijde epidemie (8.096 ziektegevallen en 774 doden, sterftecijfer 9,6 procent). Inmiddels is het wereldwijde sterftecijfer van het nieuwe coronavirus ruim 15.300 en zal het aantal doden nog zeker toenemen. Hoe het zich verder zal ontwikkelen is nog onzeker. Dat hangt niet alleen van de agressiviteit van het virus af, maar ook van de kwaliteit van medische zorg voor patiënten.

    Het sterfterisico is niet hetzelfde voor iedereen die met het virus besmet raakt. Uit de Chinese statistieken blijkt dat vooral ouderen en mensen met onderliggende gezondheidsproblemen vaker overlijden aan Covid-19. Dat zijn bijvoorbeeld mensen met hart- en vaatziekten, diabetes of chronische luchtwegproblemen. Bij kinderen verloopt de infectie over het algemeen juist minder ernstig.

  12. Hoe besmettelijk is het virus?

    Hoe besmettelijk het virus is en hoe snel het zich verspreidt, is nog niet goed bekend. Het vermeerderingsgetal waarmee virologen aangeven hoe besmettelijk een virus is (R0), wordt door het European Centre for Disease prevention and control nu geschat op 2,2. Dat betekent dat elke besmette persoon gemiddeld 2,2 andere mensen besmet. De tijd tussen besmetting en het begin van de symptomen is gemiddeld 5 dagen, maar kan ook twee weken zijn.

    De waarde voor R is niet constant. De R0 staat voor de besmettelijkheid van een ziekteverwekker aan het begin van een uitbraak. Er wordt dan vanuit gegaan dat iedereen even vatbaar is, en er nog geen maatregelen zijn genomen. Zodra dat verandert spreken de deskundigen niet meer over R0, maar over Rt, het effectieve besmettingsgetal. Bij de Ebola-uitbraak in 2014, in West-Afrika, veranderde de R omdat mensen bang werden besmet te raken. Ze gingen elkaar mijden.
    Zolang R boven de 1 ligt, is er sprake van exponentiële groei. Om een voorbeeld te geven. Is R bijvoorbeeld 2, dan draagt een besmet iemand de ziekteverwekker over op 2 anderen. Die dragen het, in dezelfde tijdspanne, weer over op nog weer 2 anderen. Is in totaal 4. En zo verder. Steeds in dezelfde tijdstappen: 8, 16, 32, 64…

    Om een uitbraak in te dammen en uit te doven moet de R onder de 1 komen. Dat kan bereikt worden door maatregelen te nemen. De aarde van de maatregelen hangt af van de manier waarop de ziekteverwekker wordt overgedragen. Via bloed, via de lucht, via menselijk contact. De overdracht van het coronavirus is bijvoorbeeld te beperken door: handen vaak en goed wassen, geen handen schudden, afstand houden van elkaar, contacten minimaliseren. Een analyse van het RIVM, gepubliceerd op 25 maart, laat zien dat in Nederland (vooral Brabant) de R in een paar weken tijd lijkt te zijn gedaald van 2 naar circa 1.

    Mensen die het coronavirus dragen zijn waarschijnlijk al besmettelijk zodra de eerste verkoudheidverschijnselen ontstaan. Dat concludeerden Duitse virologen na een onderzoek op negen patiënten. Zeker acht dagen scheiden ze veel virussen uit, die ook op te kweken zijn in het lab – een maat voor de besmettelijkheid. Ook als mensen zich niet meer ziek voelden, bleven bij hen soms nog tot drie weken lang virussen aanwezig in hun mond en keelholte en hun slijm, al konden die niet meer worden gekweekt. De auteurs raden daarom aan om mensen met ernstiger symptomen pas minimaal tien dagen na aanvang van de symptomen naar huis te sturen en om daar nog in isolatie uit te zieken.

    Over de mate van besmettelijkheid voordat de symptomen beginnen is op basis van de Duitse studie niets te zeggen. Er is in de eerste week veel virusproductie, ook bij de patiënten met weinig klachten.

  13. Kan iedereen Covid-19 krijgen?

    Covid-19 kan alle leeftijden treffen. Pakweg 80 procent krijgt lichte klachten, 20 procent wordt ernstiger ziek, en een kwart daarvan zelfs zo ziek dat ze op de intensive care terecht komen. Mensen van 0 jaar tot 95-plus belanden in het ziekenhuis, maar kinderen en jonge mensen duidelijk minder vaak. Het leeuwendeel van de patiënten die wordt opgenomen in het ziekenhuis is ouder dan 60 jaar en heeft een chronische ziekte. De meest voorkomende onderliggende aandoeningen bij de opgenomen patiënten zijn hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk, chronische longaandoeningen en diabetes. Ook mensen met chronische nierziekte en mensen met een verminderde afweer door een ziekte of door medicijnen zijn kwetsbaar.

    Ook wat geslacht betreft is er een verschil te zien. Mannen en vrouwen krijgen even vaak Covid-19, maar van de opgenomen patiënten is bijna tweederde man. Dat is ook bekend van andere virussen zoals herpes en de twee eerdere coronavirussen sars en mers. Vrouwen hebben over het algemeen een betere afweer.

    Tot slot speelt leeftijd mee. Met de leeftijd stijgt de kans op een ernstig beloop van Covid-19. De meeste patiënten die aan de ziekte overlijden zijn ouder dan 75. Elke luchtweginfectie levert bij ouderen vaker complicaties op, omdat hun afweersysteem al wat ouder is en ze vaak onderliggende chronische aandoeningen hebben. Bij jongere mensen die ernstige Covid-19 krijgen, spelen onderliggende chronische ziektes vaak een rol. Toch zijn er ook jonge kerngezonde mensen die ernstige Covid-19 ontwikkelen; niemand is onkwetsbaar.

  14. Hoe werkt groepsimmuniteit?

    Groepsimmuniteit kan kwetsbare personen in de samenleving duurzaam beschermen tegen ernstige ziekte door het Covid-19-virus. Kudde-immuniteit, oftewel groepsbescherming, wil zeggen dat er zoveel mensen met weerstand tegen een infectie in de samenleving zijn dat zwakkere personen een fors lager risico lopen deze infectie te krijgen.

    Hoeveel mensen in de samenleving immuun moeten zijn om die bescherming te bereiken, is afhankelijk van het soort infectie en de omstandigheden waaronder deze circuleert. Als het gaat om een zeer besmettelijke ziekteverwekker, moeten procentueel meer mensen in de maatschappij er immuun voor zijn om ook de kwetsbare groepen te beschermen. Als door isolatiemaatregelen de overdracht kan worden verminderd, zijn er minder mensen met weerstand nodig.

    In het geval van het nieuwe coronavirus is het nog de vraag hoe snel er in een land groepsbescherming kan worden bereikt. Omdat de infectie zeer besmettelijk is en op dit moment nog niemand er weerstand tegen heeft, zullen er heel veel mensen eerst geïnfecteerd moeten raken en hun eigen weerstand tegen het virus moeten opbouwen, voordat er een grote mate van groepsbescherming ontstaat.

    Premier Rutte kondigde aan dat het kabinet de situatie per dag zal bekijken en dan per dag passende maatregelen zal nemen. Het Nederlandse beleid heeft niet als primair doel groepsimmuniteit te bereiken, maar de golf van infecties zo veel mogelijk uit te smeren over de tijd, zodat niet iedereen tegelijk ziek wordt. Als ‘bijvangst’ ontstaat dan groepsimmuniteit. De Nederlandse aanpak lijkt op ‘pompend remmen’, zodat het aantal ic-patiënten niet uit de hand loopt, maar tegelijk wel zo veel mogelijk immuniteit kan worden opgebouwd die een buffer tegen het virus vormt. Als er later mogelijk een vaccin bijkomt, kan dat daarmee verder versterkt worden.

    Overigens is het bij dit nieuwe coronavirus wel de vraag hoelang de immuniteit van mensen die infectie hebben doorgemaakt in stand blijft. Van andere, milde coronavirussen die verkoudheid veroorzaken is bekend dat mensen na ongeveer een jaar toch weer vatbaar zijn voor de infectie.

  15. Waarom zijn mannen kwetsbaarder dan vrouwen?

    In alle studies komt het terug: pakweg twee op de drie patiënten bij wie Covid-19 ernstig verloopt, is man. „Datzelfde zagen we bij de twee eerdere coronavirussen sars en mers, en het is ook bekend van andere virussen zoals herpes of hepatitis B”, zegt Sabine Oertelt-Prigione, arts en hoogleraar gender in de gezondheidszorg aan het Radboudumc in Nijmegen. „Vrouwen hebben een betere afweer, ze bouwen meer antistoffen op, en genezen vaker spontaan van die ziekten.”

    Dat verschil lijkt een genetische oorsprong te hebben. Een groot probleem bij Covid-19 is de zogeheten cytokinestorm, die kan optreden als een virale longontsteking ernstig wordt. Het is een forse ongecontroleerde reactie van het afweersysteem tegen de grote hoeveelheid virus, die onbedoeld ook het lichaam zwaar beschadigt. „Het antwoord van het afweersysteem op een infectie wordt geregeld door genen die op het X-chromosoom zitten. Vrouwen hebben er daarvan twee, in tegenstelling tot mannen. Het lijkt erop dat sommige genen op dat tweede X-chromosoom actief zijn en bijdragen aan een beter gecontroleerde en actievere afweer.”

    Het vrouwelijke hormoon oestrogeen speelt waarschijnlijk nauwelijks een rol, denkt ze. „Het verschil tussen mannen en vrouwen zie je juist ook in de leeftijden vanaf 60 jaar. Dan zijn vrouwen in de overgang geweest en hebben ze nog maar weinig oestrogeen.”

    Een veelgehoorde verklaring is dat mannen vaker roken, met name in China. In sommige studies krijgen ook rokers vaker ernstige Covid-19. „Oudere mannen roken inderdaad vaker, maar je ziet deze verhoudingen tussen mannen en vrouwen ook bij de jongere patiënten, en die roken meestal niet”, zegt ze. „Maar rokers hebben wel kwetsbaardere longen, dus dat zal het beloop zeker geen goed doen.”

  16. Kun je door een infectie met het coronavirus je reuk en smaak verliezen?

    Er zijn berichten van mensen die positief zijn getest voor het coronavirus en merken dat niets meer ruiken of proeven. Poepluiers, hygiënische doekjes, keukenkruiden – ze zijn voor die mensen geurloos geworden. En met het verlies van het reukvermogen smaakt het eten ook minder goed.

    Het lijkt erop dat dit reukverlies een symptoom van de besmetting is, en dat dit bij sommige mensen zelfs het enige symptoom is. Britse keel-, neus- en oorartsen adviseren daarom mensen die dit bij zichzelf constateren om zich zeven dagen te isoleren. Er zijn nog geen wetenschappelijke studies die laten zien dat het coronavirus dit kan veroorzaken, maar wel rapporten uit onder meer China, Zuid-Korea en Italië waaruit blijkt dat een deel van de positief getest mensen niet meer kan ruiken.

    Anosmie, zoals verlies van het reukvermogen heet, komt ook voor bij luchtweginfecties door andere virussen die griep en verkoudheid veroorzaken, zoals influenzavirussen en reeds bekende coronavirussen. Het reukverlies bij die infecties kan tijdelijk zijn, maar soms komt het nooit meer terug. Hoe virussen dit veroorzaken is niet goed bekend. Waarschijnlijk maken ze de cellen van het reukorgaan bovenin de neus stuk.

  17. Wat gebeurt er met patiënten in Nederland?

    Volgens protocol worden patiënten in ‘isolatieverpleging’ gehouden. Dat betekent dat de patiënt thuis of in een ziekenhuis in een aparte kamer behandeld wordt waar niet zomaar iedereen naar binnen kan.

    De arts vraagt vervolgens een test aan bij het RIVM en het Erasmus MC om vast te stellen of de patiënt daadwerkelijk met het coronavirus besmet is. Een uitslag is er binnen ongeveer zes uur. Als het virus in Nederland bij iemand ontdekt wordt, dan zullen meer laboratoria worden ingeschakeld voor snelle tests, aldus het RIVM. Er zijn ongeveer vijftien van zulke labs.

    Is iemand besmet, dan start de GGD een zogenaamd ‘contactonderzoek’ om vast te stellen met wie de besmette patiënt contact heeft gehad. Deze mensen moeten hun gezondheid tijdens de incubatietijd van het virus vervolgens goed in de gaten houden.

    Personen die contact hebben gehad met met patiënten worden in de gaten gehouden en moeten twee keer per dag hun temperatuur opnemen en doorgeven aan de GGD, schrijft het RIVM op haar website. Ook klachten moeten zij melden.

  18. Hoe worden patiënten behandeld?

    Het RIVM heeft richtlijnen opgesteld voor de behandeling van ernstig zieke Covid-19-patiënten. De behandeling bestaat in eerste instantie uit het tegengaan van de symptomen. Bij patiënten die erg benauwd zijn door de luchtweginfectie zullen artsen bijvoorbeeld extra zuurstof geven. Ernstig zieke patiënten worden opgenomen op de intensive care. In uiterste gevallen zouden deze mensen niet goed bewezen therapieën moeten kunnen krijgen, waarvan aannemelijk is dat ze het virus remmen. Het gaat daarbij onder meer om het antimalariamiddel chloroquine.

    Er zijn nog geen medicijnen op de markt voor de behandeling van Covid-19. Wel loopt er wetenschappelijk onderzoek naar de veiligheid en werkzaamheid van medicijnen die als middelen tegen andere ziektes op de markt zijn, en mogelijk ook de ernst van de ziekteverschijnselen bij Covid-19 kunnen beperken. Het gaat om virusremmers die geregistreerd zijn als geneesmiddel tegen griep of hiv. Ze beletten de vermenigvuldiging van RNA-virussen. Dit coronavirus is ook een RNA-virus. In proeven met cellen blijken deze middelen inderdaad ook het virus Sars-Cov-2 te remmen. Maar hoe ze verdragen worden door ernstig zieke Covid-19-patënten en of ze inderdaad de ziekte verminderen is nog niet goed in kaart gebracht.

    Chloroquine is volgens het RIVM het middel van eerste keuze, aangezien naar verwachting werkzame doseringen veilig en zonder veel bijwerkingen zouden kunnen worden toegediend. De combinatietherapie van hiv-remmers lopinavir/ritonavir komt ook in aanmerking. Bij zeer ernstige ziekte moet ook een combinatie van chloroquine en lopinavir/ritonavir worden overwogen. Als dat niet voldoende helpt of de toestand van de patiënt nog verder verslechtert kan overwogen worden ook remdesivir aan de behandeling toe te voegen. Remdesivir is een experimentele virusremmer die nog helemaal niet op de markt is, maar voor noodgevallen stelt de fabrikant het via het RIVM beschikbaar.

  19. Hoeveel bedden zijn er beschikbaar op intensive cares?

    Nederland heeft 1.150 intensivecarebedden. Van die bedden zijn er 200 ‘geïsoleerd’: die liggen achter een sluis, waar de verpleegkundigen en bezoek zich kunnen ontsmetten en omkleden voordat ze de ruimte uit gaan. De 1.150 bedden liggen doorgaans voor 70 procent vol. Andere patiënten zullen verdrongen worden als er echt te veel ernstig zieke coronapatiënten komen. De 1.150 IC-bedden die Nederland normaal heeft, moeten nu voor zondag 5 april in totaal tot 2.400 worden verhoogd om te kunnen zorgen voor de groeiende groep Covid-19-patiënten. Dit zei Diederik Gommers, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC), maandag. Gommers had al eerder aangegeven dat in een crisissituatie het aantal bedden kan worden opgeschaald naar 3.000.

    Inmiddels worden er in verschillende ziekenhuizen al extra kamers klaargemaakt of worden ruimtes anders ingedeeld. Geplande operaties worden vrijwel overal uitgesteld, opdat er de komende weken meer tijd en ruimte is voor coronapatiënten. Poliklinische afspraken worden deels online gedaan.

    Als er meer dan 2.000 coronapatiënten in Nederland komen, wat inmiddels het geval is, dan zullen de 200 geïsoleerde bedden vol raken. In Italië belandt gemiddeld 10 procent van de coronapatiënten op de intensive care. Komen er 11.000 coronapatiënten, dan zijn alle ICs helemaal vol.

    Essentieel voor een IC-bed is dat er beademingsapparatuur is én een verpleegkundige die weet hoe alle apparatuur werkt. Er is al enkele jaren een tekort aan gespecialiseerde ziekenhuisverpleegkundigen. Ziekenhuizen doen er nu alles aan om personeel aan het werk te houden én snel te testen op corona als dat nodig is. Is iemand níét besmet, dan kan hij of zij doorwerken.

  20. Wie komen er in aanmerking voor een test op het virus?

    De afgelopen weken hanteerden artsen een streng testbeleid voor Covid-19. Omdat er een tekort bestond aan testmateriaal werden er bijna alleen patiënten getest die in het ziekenhuis terecht kwamen, en zieke ziekenhuismedewerkers die patiënten met het coronavirus verzorgden. Na kritiek op dat beperkte testbeleid kondigde minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) op 31 maart aan dat er breder getest gaat worden.
    Het doel is om vanaf nu ook zorgpersoneel en patiënten buiten ziekenhuizen te gaan testen als ze klachten hebben, en kwetsbare patiënten buiten ziekenhuizen. Die tests zullen dan bijvoorbeeld worden gedaan bij de huisarts of de ggd.

    Het aantal tests wordt de komende weken daarvoor verviervoudigd. Volgens de minister worden er nu dagelijks 4.000 coronatests uitgevoerd. Halverwege april moet dat zijn uitgebreid naar 17.500. Als die labs 24 uur per dag gaan werken, zou het aantal dagelijkse testen kunnen oplopen naar 29.000.

    Om dat voor elkaar te krijgen, gaan enkele grote laboratoria die toch al virologische tests deden, meedraaien met de corona-diagnostiek. Het zijn de laboratoria van bloedbank Sanquin, twee laboratoria die dierziekten opsporen in Lelystad en Deventer, en de labs die normaal gesproken uitstrijkjes van vrouwen testen op het hpv-virus dat baarmoederhalskanker veroorzaakt. Dat onderzoek ligt toch stil nu er geen uitstrijkjes worden afgenomen.

  21. Hoeveel testen kunnen er in Nederland worden uitgevoerd?

    Naast het RIVM en het Erasmus MC kunnen er nu verspreid over het land in totaal vijftig labs op het virus testen. Het snelle testen op locatie moet voorkomen dat patiënten dagenlang ongetest op de intensive care liggen. Daarbij vormen ze al die tijd een risico voor personeel, bezoekers en andere patiënten.

  22. Hoe ziek worden kinderen van het coronavirus?

    Als kinderen (0 – 17 jaar) geïnfecteerd worden met het virus dat Covid-19 veroorzaakt, is de kans dat ze ziek worden opmerkelijk klein - zelfs voor kinderen die gevoeliger zijn voor infecties, doordat ze bijvoorbeeld een slechte afweer hebben. Verslagen tot nu toe wijzen uit dat kinderen wel geïnfecteerd raken, maar geen of heel weinig symptomen hebben. Wie ziek wordt, krijgt meestal milde verkoudheidsklachten: snotteren, hoesten, soms koorts. Er belanden buitengewoon weinig kinderen in het ziekenhuis vanwege ernstige Covid-19 klachten.

    Geïnfecteerde kinderen kunnen wel anderen besmetten. De grootste verspreiders zouden kinderen in de voorschoolse leeftijd kunnen zijn. Of dit ook voor het Covid-19-virus zo is moet nog blijken, maar voor veel virale luchtweginfecties geldt: hoe jonger het kind, hoe hoger de concentratie van het virus in de luchtwegen.

    Lees ook: ‘Covid-19 geen probleem voor kind’
  23. Is het virus gevaarlijk voor zwangere vrouwen?

    Hoe gevoelig zwangere vrouwen zijn voor het virus dat de ziekte Covid-19 veroorzaakt is nog niet bekend. Infectie met het virus bij zwangere vrouwen lijkt hetzelfde verloop te hebben als bij vrouwen die niet zwanger zijn volgens het RIVM. In het algemeen zijn vrouwen die in verwachting zijn, vatbaarder voor luchtweginfecties. Hoge koorts tijdens de zwangerschap kan wel de ontwikkeling van het kind in de buik beïnvloeden.

    Of een besmetting met het virus bij de moeder gevolgen heeft voor het kind is nog niet duidelijk. In een eerste onderzoek in China onder tien pasgeborenen van negen moeders met Covid-19 zagen de onderzoekers een aantal vroeggeboorten en baby’s met groeivertraging, ademhalingsproblemen of andere complicaties. Het is onduidelijk of dit komt doordat de moeder Covid-19 had. Ook bij vrouwen met luchtweginfecties door griep (het influenzavirus) tijdens de zwangerschap worden kinderen soms te vroeg of te klein geboren.

  24. Is het virus gevaarlijk voor pasgeborenen?

    Tot nu toe maakten de Chinese autoriteiten twee pasgeboren baby’s met het virus bekend. Een baby kreeg 17 dagen na de geboorte klachten. Het kind heeft het virus waarschijnlijk opgelopen door knuffelen met de besmette moeder en een besmette kraamverzorgster. Een tweede baby werd 36 uur na de geboorte ziek. Hoe deze is geïnfecteerd, is nog onduidelijk: waarschijnlijk ook door nauw contact met een besmet persoon.

    Over het algemeen lijkt Covid-19 bij baby’s en jonge kinderen redelijk mild te verlopen. Het zijn met name ouderen en mensen met andere aandoeningen die ernstig ziek worden.

  25. Zijn huisdieren bevattelijk voor corona en is dat gevaarlijk?

    Uit Hongkong zijn meldingen gekomen van twee honden die mogelijk besmet waren door hun baasje met het coronavirus. En er zijn ook berichten van katten die waarschijnlijk van hun baasje het virus oppikten, een in Hongkong en een in België. De honden en de kat in Hongkong hadden het virus in hun bek en neus, maar vertoonden geen ziekteverschijnselen. De Belgische kat kampte met ademhalingsproblemen, moest braken en had diarree, maar herstelde weer volledig.

    De infectie kan dus overgaan van mensen op huisdieren. Dat werd bevestigd in laboratoriumproeven in China, waarbij dieren hoge doses coronavirus in hun neus kregen. Bij honden bleef het virus wel aanwezig maar kon het zich nauwelijks vermeerderen, maar katten, vooral jonge katten, zijn wel bevattelijk. In de proeven bleek dat katten het virus ook op elkaar kunnen overdragen.
    Volgens experts hoeven katteneigenaren zich in de praktijk geen zorgen te maken dat zij het coronavirus krijgen van hun huisdier. Er is zoveel meer overdracht van mens op mens dat dit risico daarbij in het niet valt.

    Lees ook: Labproef laat zien: jonge katten zijn gevoelig voor coronavirus

    Praktische vragen. Hoe ermee om te gaan?

  26. Wat kan je doen om besmettingen te voorkomen? Helpen mondkapjes?

    De besmetting tussen mensen gebeurt via uitgeademde druppeltjes met virusdeeltjes. Daarmee kan iemand direct in contact komen als de geïnfecteerde persoon hoest of niest, maar ook indirect door een besmet voorwerp of oppervlak aan te raken, of de geïnfecteerde zelf, bijvoorbeeld door hem of haar de hand te schudden.

    Mondkapjes kunnen helpen de verspreiding van de druppeltjes van een besmet persoon te beperken. Een mondkapje dragen om zelf niet besmet te raken zal niet helemaal voorkomen dat je besmette lucht inademt, en ook niet voorkomen dat het virus op de handen komt. Wie daarna zijn gezicht aanraakt, loopt alsnog kans op besmetting.

    Regelmatig de handen wassen als je in openbare ruimtes bent geweest, is minstens even belangrijk. Zo min mogelijk je gezicht aanraken en op afstand blijven van hoestende of niesende mensen ook. En wie toch een mondkapje wil gebruiken, moet dat regelmatig vervangen. In Nederland wordt alleen aan medisch personeel geadviseerd mondkapjes te dragen.

    Om verspreiding te voorkomen, adviseert het RIVM thuis te blijven als je verkouden bent of last hebt van keelpijn, hoesten of koorts, en sociale contacten te mijden. Ook wie geen klachten heeft moet zoveel mogelijk thuis werken om de contacten met anderen te beperken, en afstand houden van andere mensen.

    Daarnaast kan verspreiding van het virus worden beperkt door te niezen en hoesten in de binnenkant van de elleboog, regelmatig de handen te wassen met water en zeep, papieren zakdoekjes te gebruiken, en geen handen te schudden.

  27. Is alcoholbevattende handgel beter dan zeep?

    Om verspreiding van het nieuwe coronavirus – en andere ziekteverwekkers - te voorkomen, adviseert het RIVM om regelmatig goed de handen te wassen met water en zeep, te hoesten of niezen in de elleboog, en papieren zakdoekjes te gebruiken.

    Als er geen water en zeep in de buurt is, zijn handalcohol of alcoholgel een goed alternatief om de handen te ontsmetten.

  28. Hoe werkt ‘social distancing’?

    Iedereen in Nederland wordt door het RIVM gevraagd om 1,5 meter afstand van elkaar te bewaren. Ook bijvoorbeeld bij het boodschappen doen. Die afstand is ingesteld op basis van eerste onderzoeken naar hoe ver het virus zich kan verspreiden zonder direct fysiek contact. De Wereldgezondheidsorganisatie houdt het in haar advies voorlopig op 1 meter maar er zijn ook recente Chinese studies waaruit grotere afstanden blijken. Zo is over een busrit in Wuhan een overheidsrapport verschenen waaruit blijkt dat het virus grotere afstanden kan afleggen dan wat de meeste andere overheden adviseren: tot 4,5 meter. Het virus wordt ook verspreid door mensen die ogenschijnlijk gezond zijn.

    In de briefing van de Tweede Kamer op woensdag gaf Jaap van Dissel van het RIVM aan dat strengere eisen dan de 1,5 meter worden overwogen. Vuistregel is hoe dan ook: hoe meer afstand mensen van elkaar houden, hoe kleiner de kans op besmetting en verspreiding. Dat geldt en ook in de buitenlucht, en in grotere ruimtes zoals supermarkten. Maar hoe doe je dat op een goede manier?

    Het valt in supermarkten op dat het moeilijk kan zijn om die afstand te bewaren, het is in die situaties belangrijk om zelf op te letten en desnoods te vragen aan de ander om een stap terug te doen, of om weg te gaan. Bij lopen op straat of in een park kunnen hardlopers vanachter aan komen lopen. Een blik is hopelijk inmiddels genoeg om mensen te helpen herinneren, anders kun je ook vriendelijk vragen of gebaren om wat afstand te houden. Sociaal afstand houden hoeft geen asociale houding te betekenen. Er zijn daardoor ook mensen die ervoor pleitten om het geen “sociale afstand” maar “fysieke afstand” te noemen. Je kunt gewoon sociaal zijn terwijl je fysiek afstand houdt.

  29. Mogen we nog naar buiten?

    Wandelen, fietsen, hardlopen, de hond uitlaten: juist met de lente voor de deur lonkt de natuur. Ook hierbij geldt: houd 1,5 meter afstand van elkaar, en blijf binnen bij klachten zoals koorts, hoesten, keelpijn. Samenkomen met meer dan twee mensen zónder afstand te houden mag sinds donderdag 26 maart niet meer, toen er in alle 25 veiligheidsregio’s noodverordeningen werden afgekondigd. Wie geen afstand houdt, kan een boete oplopend tot 400 euro krijgen.

    Bijeenkomsten zijn ook verboden, al zijn er nog uitzonderingen voor begrafenissen, bruiloften en religieuze diensten. Maar daar mogen maar maximaal 30 man bij aanwezig zijn, die 1,5 meter afstand van elkaar moeten houden. Gemeenteraads- en parlementsvergaderingen zijn ook uitgezonderd van het verbod. Een uitzondering op de groepsvorming is gemaakt voor mensen die één huishouden vormen, en voor kinderen tot en met twaalf jaar die samen (buiten) spelen. Hun ouders of begeleiders moeten dan wel weer afstand van elkaar houden.

    Als mensen zich op een bepaalde locatie structureel niet aan de afstandsregels houden, dan kan een veiligheidsregio die locatie (een park, plein of strand) sluiten. Dat geldt ook voor winkels en markten: als klanten geen anderhalve meter afstand houden, kan worden ingegrepen. De handhaving van het verbod wordt gedaan door politie en buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s). Zij kunnen boetes uitdelen.

    Naar buiten gaan, kan wel een goed idee blijven – juist voor wat beweging en frisse lucht. Groen werkt stressverlagend en opbeurend en voldoende daglicht is goed tegen een winterdip (die óók kan ontstaan door te veel binnen zitten). Wie niet naar buiten kan of wil, en toch verlangt naar licht en lucht: ga af en toe bij het raam zitten. Zet het eventueel op een kier: buiten zingen de vogels momenteel volop. Andere tips om de natuur in huis te halen: de webcam van Beleef de Lente, en het project Snapshot Hoge Veluwe (waarbij je kunt helpen om dieren op foto’s te determineren).

  30. Mogen kinderen nog in grote groepen buitenspelen?

    De regels die verspreiding van het coronavirus moeten voorkomen zijn duidelijk: houd 1,5 meter afstand, beperk je sociale contacten tot een minimum. Dat geldt voor volwassenen die geen verkoudheidsklachten hebben. En dat geldt dus ook voor kinderen zonder die klachten. Voor kleine kinderen is het lastig om afstand te houden. Even geen vriendjes zien is het beste. Gaat dat niet, hou dan de aantallen klein en beperk het aantal verschillende vriendjes dat ze deze weken zien tot een minimum.

    De noodverordeningen maken op het samenscholingsverbod (het is verboden je in een groep van drie of meer personen op te houden zonder afstand te houden) een uitzondering voor kinderen tot en twaalf jaar die samenspelen. Begeleidende ouders moeten dan natuurlijk weer wel onderling afstand houden.

    Die regels zijn er niet zozeer om te voorkomen dat je kinderen ziek worden: de ziekte Covid-19 verloopt bij veruit de meeste kinderen immers mild. De regels zijn er om de verspreiding van het virus af te remmen.

  31. Een dokter bezoekt een patiënt in quarantaine een ziekenhuis in Wuhan.

    Foto EPA/Yuan Zheng

    Maatschappelijke consequenties

  32. Welke maatregelen worden er in Nederland genomen?

    Alle Nederlanders met een lichte neusverkoudheid, hoest- of keelklachten en eventueel koorts moeten indien mogelijk thuisblijven. Ook moet iedereen voorlopig proberen zo weinig mogelijk sociaal contact te hebben, zoveel mogelijk thuis te werken of werktijden te spreiden. Publieke locaties als musea, concertzalen en theaters blijven dicht. Ouderen en personen met verminderde weerstand moeten zo weinig mogelijk worden bezocht en kwetsbare groepen wordt geadviseerd het openbaar vervoer te mijden. Nederlanders wordt aangeraden „gepaste afstand” van elkaar te houden – zo’n anderhalve meter. Minister Bruno Bruins (Medische Zorg, VVD) verzocht „met klem” om niet te hamsteren. Reden voor deze maatregelen is dat de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) de corona-uitbraak als een pandemie heeft gekarakteriseerd en inmiddels ziekenhuizen onder druk zijn komen te staan.

    Omdat in maart het aantal besmettingen in Nederland rap toenam, heeft het kabinet op maandag 23 maart de maatregelen verscherpt. Minister Ferd Gapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) kondigde aan dat alle samenkomsten en evenementen worden verboden tot 1 juni dit jaar. Op 31 maart werd, tijdens een nieuwe persconferentie, door premier Rutte (VVD) en minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) bekendgemaakt dat alle getroffen maatregelen blijven gelden tot tenminste 28 april. Op dit moment mogen burgemeesters, met behulp van noodverorderingen, streng gaan optreden. Dit houdt in dat specifieke locaties voor publiek, zoals parken en stranden, gesloten kunnen worden. Voor markten geldt nog een aparte regeling: marktbezoekers moeten anderhalve meter afstand kunnen houden, als dat niet gaat, kan worden ingegrepen. In winkels worden regels opgesteld voor een scherp deurbeleid. Winkels die zich hier niet aan houden kunnen worden gesloten. Ook wordt er een verbod op groepsvorming ingevoerd. Jonge kinderen mogen wel met elkaar blijven spelen, daarbij wordt ouders gevraagd „hun gezond verstand” te gebruiken. Als blijkt dat drie of meer personen niet anderhalve meter afstand tot elkaar houden en ze geen gezin zijn, kunnen „forse boetes” worden uitgedeeld, oplopend tot 400 euro. Vezoek in eigen huis moet tot maximaal drie worden beperkt, de anderhalve meter afstand moet ook daar worden gerespecteerd.

  33. Waarom zijn de scholen dicht?

    Volgens het RIVM is de besmettingskans bij kinderen klein. In eerste instantie besloot het kabinet daarom om de scholen open te houden, maar na druk uit de onderwijssector en van ouders wijzigde het beleid.
    Er wordt ook extra onderzoek uitgevoerd naar de rol van kinderen en jongeren bij de verspreiding van het virus.

    Sinds 16 maart zijn de scholen gesloten, behalve voor kinderen van ouders uit vitale beroepen zoals zorg. Leerlingen krijgen thuis les via internet. Schoolexamens kunnen wel fysiek op school worden afgenomen, mits de school daarvoor kiest. Scholen moeten daarbij wel de richtlijnen van het RIVM in acht nemen: minstens 1,5 meter afstand en niet te veel mensen in een ruimte. Het advies is om zoveel mogelijk examens op afstand af te nemen.

    Lees ook: Wat betekent het schrappen van de eindexamens?
  34. Wat betekent het voor leerlingen nu de scholen zijn gesloten?

    Het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en mbo zouden in eerste instantie tot 6 april dichtblijven. Op 31 maart kondigde premier Rutte aan dat de scholen tot en met de meivakantie dichtblijven. Scholen zijn dus nu gesloten, behalve voor leerlingen met ouders in ‘vitale functies’ (onder meer zorg, onderwijs, politie, brandweer, voedselketen en media). Het centraal examen gaat dit schooljaar niet door. Scholen bepalen op basis van de resultaten van de schoolexamens wie dit jaar slaagt en wie niet. Schoolexamens bepalen normaal de helft van het cijfer. Ze worden door scholen afgenomen, die nu langer de tijd krijgen om ze goed en veilig te organiseren. De scholen worden opgeroepen om de examens zo veel mogelijk op afstand te doen. Informatie over de nieuwe zak-slaagregeling en de herkansingen volgt zo spoedig mogelijk. Voor leerlingen die het niet eens zijn met de beslissing van de school, komt er waarschijnlijk een onafhankelijke landelijke beroepscommissie. In overleg met vervolgopleidingen komt er extra aandacht voor het begeleiden en ondersteunen van instromende studenten. Het schrappen van het eindexamen is een drastische maatregel zijn: de laatste keer dat dat gebeurde was in 1945.

    In het primair onderwijs is dit jaar geen eindtoets voor groep 8. De maatregel is bedoeld om de werkdruk voor leraren te verminderen, die vooralsnog vooral bezig zijn met het onderwijs voor kinderen die thuis zitten. De voornaamste vraag die nu speelt, voor zowel het primair als voortgezet onderwijs, is hoe het moet met de reguliere lessen van leerlingen. In ieder geval blijven alle universiteiten en hogescholen blijven tot minstens 1 juni gesloten voor studenten. Dit betekent voor studenten in het hoger onderwijs dat zij tot het einde van het collegejaar alleen online les zullen krijgen. Schriftelijke tentamenopdrachten, zoals het schrijven van essays, kunnen gewoon plaatsvinden. Naar een betrouwbaar en niet-fraudegevoelig online alternatief voor ‘gewone’ tentamens wordt nog gezocht. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wil niet officieel bevestigen dat het hoger onderwijs langer dicht blijft. Er was een gezamenlijk plan, bevestigt een woordvoerder, maar communicatie daarover is opgeschoven. „De formele afspraak is nog steeds dat al het onderwijs tot 6 april dicht is.”

    Halverwege maart heeft minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, D66) besloten dat eerstejaars studenten aan hogescholen en universiteiten, die hun bindend studieadvies (bsa) niet halen, na de zomer toch door mogen naar het tweede studiejaar. Studenten moeten hun bsa in hun tweede jaar wél halen, anders moeten ze alsnog stoppen met hun opleiding. Dat kost ze dan meteen twee jaar van hun studie.

  35. Wanneer gaan de scholen weer open?

    Dat is nog niet duidelijk. Minister Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs, ChristenUnie) zei op de dag dat bekend werd dat de centrale examens niet doorgaan, dat hij een onderzoek naar de rol van kinderen en jongeren bij de verspreiding van het coronavirus wil afwachten. Dit onderzoek, uitgevoerd door het RIVM duurt minstens een maand. De oorspronkelijke datum van 6 april bleek dus onhaalbaar. Veel scholen houden er zelfs rekening mee dat ze tot 1 juni of zelfs tot de zomervakantie al het onderwijs op afstand geven. De verwachting is dat er snel duidelijkheid komt over de datum.

    Alle universiteiten en hogescholen hebben woensdag besloten in ieder geval tot 1 juni dicht te blijven voor studenten en hun onderwijs volledig op afstand te geven. De universiteiten van Leiden, Maastricht en Groningen besloten dit al eerder.

  36. Hoe gaat NRC om met maatregelen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan?

    Nu Covid-19 in binnen- en buitenland de samenleving min of meer tot stilstand brengt, is de behoefte aan informatie alleen maar groter. Alles is er bij NRC op gericht daarin te blijven voorzien. Veelzijdige, goed uitgezochte feiten en ontwikkelingen staan voorop.

    Tegelijk kunnen we niet alles doen zoals altijd. Interviews worden vaker telefonisch afgenomen. Reportages kiezen we scherper. Steeds vragen we ons af wat de risico’s zijn, ook voor de mensen die we willen bezoeken. Van de omstandigheden waarin kwetsbare mensen verkeren moet verslag worden gedaan, maar met inachtneming van de gepaste afstand. Als het nodig is, blijven verslaggevers na een (buitenlandse of binnenlandse) reis uit voorzorg een tijd thuis.

    Op de redactie nemen we extra voorzorgsmaatregelen, zoals tal van bedrijven en organisaties doen. Wie thuis kan werken, doet dat. We werken gespreid, volgen de hygiënemaatregelen die voor iedereen gelden: regelmatig handen wassen, geen ‘hand-op-hand-contacten’.

    Online houden we elke dag een live-blog bij met het laatste nieuws, en vullen we voortdurend het grote coronavragenstuk aan. De ochtendnieuwsbrief NRC Vandaag bevat elke ochtend het laatste coronanieuws. We blijven u dus veelzijdig en kritisch informeren.

  37. Wereldwijde gevolgen

  38. Hoe zit het met reisbeperkingen?

    Tal van landen hebben reisbeperkingen ingesteld. Die verschillen sterk van elkaar. Sommige overheden sluiten hun grenzen voor reizigers uit landen die zij als risicovol beschouwen, of dwingen deze reizigers om bij aankomst in quarantaine te gaan. Andere vragen dit van alle buitenlandse reizigers. De Europese Unie heeft, nadat lidstaten hun eigen grensmaatregelen hadden getroffen, besloten om niet-noodzakelijke reizen naar het Schengengebied (22 lidstaten plus Noorwegen, Zwitserland, IJsland en Liechtenstein) tijdelijk te verbieden, met uitzondering van bepaalde groepen.

    In de Verenigde Staten is een tijdelijk inreisverbod voor Europeanen van kracht en zijn ook de grenzen met Canada en Mexico gesloten voor niet-noodzakelijke reizen. De Nederlandse regering heeft inwoners opgeroepen niet meer naar het buitenland te reizen. Wereldwijd zijn reizigers gestrand omdat overheden inreisbeperkingen hebben opgelegd of vluchten zijn geschrapt.

    China heeft de grenzen gesloten voor alle buitenlandse bezoekers. Ook mogen vliegtuigmaatschappijen nog maar één vlucht per week uitvoeren. In Rusland zijn alle internationale vluchten geschrapt en alle grensovergangen gesloten.

  39. Hoe ver is het virus over de wereld verspreid?

    Het aantal bevestigde besmettingen in de wereld stijgt de laatste dagen razendsnel. Op donderdag 2 april passeerde de teller één miljoen, een stijging van meer dan 70.000 vergeleken met een dag eerder. In ruim 180 landen zijn nu gevallen bekend, waarmee het virus bijna de hele wereld heeft bereikt. Alleen uit zeer geïsoleerde landen en oorlogsgebieden, zoals Noord-Korea of Jemen, zijn nog geen meldingen. De Verenigde Staten staat nu met zo’n 250.000 besmettingen bovenaan, gevolgd door Italië met ruim 115.000, daarna volgen Spanje en Duitsland. Nederland staat met ongeveer 15.000 op de twaalfde plaats in de lijst van de Johns Hopkins University.

    Het werkelijke aantal besmettingen zal veel hoger liggen, aangezien er veel landen zijn waar niet iedereen met ziekteverschijnselen wordt getest. Dat geldt ook voor het dodental; er sterven ook mensen aan Covid-19 zonder dat zij positief zijn getest. Deze mensen vallen doorgaans buiten de corona-statistieken. Daarnaast heeft elk land zijn eigen manier van registreren, waardoor vergelijkingen niet altijd precies kunnen zijn. Er zijn wereldwijd ruim 53.000 sterfgevallen bekend die zijn toegeschreven aan het coronavirus. Zowel in Italië (15.000 doden) als Spanje (ruim 10.000) is het officiële dodental dat van China (3.300) ruimschoots gepasseerd.

    In grote landen waar de cijfers de afgelopen weken laag waren, lopen de aantallen nu ook op. Rusland heeft inmiddels 4.000 gevallen, India 2.500, Brazilië 8.000. Ook is het virus nu over Afrika verspreid, al zijn de aantallen meldingen in de meeste landen nog laag. In het Midden-Oosten zijn vooral Iran (50.000) en Turkije (18.000) getroffen.

  40. Waarom verschillen landen zo in hun aanpak?

    Het ene land zet in op grootschalig testen, zoals Zuid-Korea en Duitsland hebben gedaan, het andere probeert met temperatuurmetingen op vliegvelden en quarantaine van een minimaal aantal patiënten het virus het hoofd te bieden. De meeste landen hebben inreisbeperkingen ingesteld, sommige laten alleen nog hun eigen paspoorthouders toe. De maatregelen volgen elkaar snel op en verschillen per land.

    Er is niet één autoriteit die kan besluiten wat overheden moeten doen. De Wereldgezondheidsorganisatie heeft vooral een adviserende rol en ook bijvoorbeeld de Europese Unie kan niet voor lidstaten beslissen hoe zij hun respons moeten vormgeven. Volksgezondheid is een nationale aangelegenheid. Elke overheid maakt haar eigen afweging tussen de wens om de verspreiding te beperken en de verstoring van het maatschappelijk leven en de economie. Naarmate de pandemie zich uitbreidt, verschuift de balans verder richting strenge ingrepen.

    Steeds meer landen kiezen voor een lockdown, in verschillende gradaties. De vrijwel volledige stillegging van het openbare leven in de Chinese stad Wuhan, ingesteld op 23 januari, was volgens velen draconisch, maar nu kiezen meer landen voor maatregelen die daar bij in de buurt komen. In het zwaar getroffen Italiaanse Lombardije bijvoorbeeld mogen alleen nog supermarkten, apotheken, postkantoren en banken open blijven. Sporten in de buitenlucht is niet meer toegestaan. Ook in Frankrijk, Spanje en België mogen burgers slechts voor essentiële zaken de straat op.

    India heeft de grootste lockdown ooit ingesteld: de hele bevolking moet binnenblijven. Dat heeft grote gevolgen voor dagloners die opeens zonder inkomsten zitten. Vele duizenden moeten te voet vanuit de grote steden naar hun geboortedorp terugkeren, vaak honderden kilometers ver. In Zuid-Afrika en op Groenland is de verkoop van alcohol verboden, om agressie tussen mensen die te dicht op elkaar zitten niet onnodig aan te wakkeren. In Oostenrijk zijn mondkapjes in de supermarkt verplicht.

    Ruim een derde van de wereldbevolking leeft nu onder enige vorm van lockdown. Wereldwijd gaat de helft van de scholieren en studenten niet naar school of college. Voor meer dan een derde van de mensen op aarde gelden reisbeperkingen.

    De Wereldgezondheidsorganisatie heeft overheden opgeroepen om het niet bij lockdowns alleen te laten, maar die tijd te gebruiken om het virus actief te bestrijden met tests en quarantaines. „Door mensen te vragen om thuis te blijven ontstaat er meer tijd en worden zorgstelsels ontzien, maar het is niet genoeg om de epidemie te laten uitdoven”, zei directeur-generaal Tedros. „We hebben al veel pandemieën en andere crises doorstaan. We zullen ook deze het hoofd bieden. De vraag is tegen welke prijs.”

  41. Hoe gaat het in de Verenigde Staten?

    In de VS lopen de aantallen besmettingen en sterfgevallen razendsnel op. De Amerikaanse president Trump wilde lang geen drastische maatregelen nemen, omdat hij het middel erger vond dan de kwaal. Inmiddels is hij van gedachten veranderd, onder andere door de prognoses van immunoloog Anthony Fauci, die hem adviseert. Volgens Fauci kunnen miljoenen Amerikanen het virus oplopen. Hij verwacht dat 100.000-200.000 Amerikanen zullen omkomen.

    Vooral in New York is een groot gebrek aan medische hulpmiddelen en capaciteit in de zorg. Er worden noodhospitalen opgetrokken, onder andere in Central Park, en met koelwagens wordt het gebrek aan ruimte in mortuaria opgevangen. De beperkende maatregelen in de VS hebben voor acute werkloosheid gezorgd. In twee weken tijd hebben tien miljoen Amerikanen een werkloosheidsuitkering aangevraagd. Dat is niet eerder vertoond.

  42. Hoe komt China uit de crisis?

    In China komen er nog enkele tientallen nieuwe ziektegevallen per dag bij. Meestal gaat het om Chinezen die in het buitenland het virus hebben opgelopen. De overheid laat momenteel geen buitenlanders toe en heeft ook diplomaten uit andere landen gevraagd weg te blijven.

    China draagt met trots uit dat het de wereld heeft behoed voor een grotere ramp, door middels de lockdown van Wuhan en andere steden tijd te creëren waarin andere landen voorbereidingen konden treffen. Chinese artsen geven nu in Europa voorlichting over de virusbestrijding en China doneert medische hulpmiddelen aan landen met tekorten.

    Toch is in China zelf de situatie nog verre van normaal. Het blijkt moeilijk om het openbare leven zomaar te hervatten, omdat het virus makkelijk weer de kop kan opsteken. Om die reden zijn er nog veel controlemaatregelen van kracht. Wuhan laat weer mensen van buiten toe, maar de inwoners zelf mogen de stad nog niet verlaten.

    Ook in Taiwan en Singapore is de uitbraak grotendeels onder controle. Beide overheden worden nu geprezen omdat zij in een vroeg stadium grote ingrepen hebben gedaan en zo het virus klein wisten te houden. De Taiwanese regering begreep al half januari dat er iets goed mis was in China en nam in de dagen erna een lange lijst maatregelen, waaronder controle van arriverende passagiers uit Wuhan. Singapore bleek sterk te zijn in de zogeheten contactonderzoeken: het nagaan van de gangen van zieke mensen en het monitoren van de mensen met wie zij contact hebben gehad. Singaporezen hadden er geen moeite mee hun gegevens met de overheid te delen.

    In Singapore en Taiwan stijgt het aantal nieuwe besmettingen de laatste dagen weer. Het gaat daarbij vooral om mensen die van buiten het land in komen. Deze landen vrezen, net als Hongkong en China, voor een tweede golf aan ziektegevallen.

Colofon

Redactie
Rosan Hollak en
Miriam van ’t Hek.
Met bijdragen van o.a.
Nienke Beintema,
Lucas Brouwers,
Hanneke Chin-A-Fo,
Pim van den Dool,
Rosan Hollak,
Niki Korteweg,
René Moerland,
Wouter van Noort,
Sander Voormolen en
Frederiek Weeda.
Vorm en techniek
Koen Smeets.