Opinie

VN-gevecht VS en China gaat een nieuwe fase in

De Amerikanen maken jacht op China in de Verenigde Naties, constateert Michel Kerres. Een speciale gezant moet de ‘kwaadaardige invloed’ van China indammen.

Michel Kerres

Terwijl de VS de VN de afgelopen jaren weinig liefde gaven, bouwde China zijn machtspositie in New York en Genève systematisch uit.

Inmiddels zijn de VS wakker geschrokken en hebben ze bedacht hoe ze de opmars van de geduldige moloch willen stuiten: door de benoeming van een speciale gezant die, aldus een verklaring van het State Department, de „kwaadaardige invloed” van China in de VN de moet tegengaan. Eén man alleen tegen China, een diplomatieke Captain America voor de redding van het multilaterale overleg.

De opmars van China in de VN is onmiskenbaar. In de eerste decennia na WOII opereerde China geruisloos en verschool zich achter de Sovjet-Unie en later achter Rusland. Als ontwikkelingsland profiteerde het van de voordelen die de VN boden.

Nu is China een van de grote geldschieters van de VN en dwingt alleen al daarom, begrijpelijkerwijs, meer invloed af. Die middelen, zeggen diplomaten, worden ook strategisch ingezet. Zo gaat er veel geld naar UN DESA, de door een Chinese diplomaat geleide VN-organisatie voor economische en sociale kwesties.

China heeft niet alleen vetomacht in de Veiligheidsraad, maar heeft ook een eigen informele machtsbasis opgebouwd. In de Algemene Vergadering, die 193 leden telt, trekt China op met de G77, de groep van 135 ontwikkelingslanden. China besteedt veel energie aan het onderhouden van dit bondgenootschap, constateren westerse diplomaten. Net zoals de EU-landen regelmatig vergaderen doet China met de G77.

China laat zijn nieuwe macht ook steeds openlijker gelden. Er vinden voortdurend gevechten plaats over mensenrechten. Als in de begroting van een VN-missie naar bijvoorbeeld Afghanistan medewerkers voor mensenrechten en vrouwenrechten worden opgenomen, gaat China dwarsliggen. „Alles waar we decennia voor gevochten hebben, willen ze terugdraaien”, verzucht een diplomaat in New York.

Vorig najaar botste het Westen met China over de behandeling van Oeigoeren. China organiseerde een steunbetuiging voor zichzelf en zette kleine westerse landen via nationale hoofdsteden onder druk. Oostenrijk kreeg, naar verluidt, te horen dat het een kavel voor een nieuwe ambassade in Beijing mogelijk niet zou krijgen.

China probeert ook steeds weer een verwijzing naar de Nieuwe Zijderoute in VN-teksten te fietsen. Het infrastructuurproject is een love baby van de Chinese leider Xi Jinping. Door het in VN-stukken te laten vermelden wint het project aan geloofwaardigheid: zie, zelfs de VN hebben het erover. In het najaar leidde dit tot lange vergaderingen over een Afghanistan-resolutie, omdat de VS niet wilden dat de Zijderoute in de tekst kwam.

De VS hebben nu Mark Lambert benoemd tot gezant in de hoop de macht van China in te dammen. Zijn eerste taak is te voorkomen dat dit een Chinees wordt benoemd tot leider van de VN-organisatie voor intellectuele eigendom.

De VS zijn niet langer van plan China de ruimte te laten. De vraag is echter wat één diplomaat kan uitrichten. Om echt iets te bereiken, zullen ook de VS weer in de VN moeten investeren, niet alleen in geld, vooral in een coalitie die bereid is de westerse waarden hoog te houden. Je kunt China alleen indammen als je een aantrekkelijk alternatief biedt. Het is goed de Chinese opmars aan te kaarten, maar met de openlijke benoeming van een specialist ‘kwaadaardige invloed’ zet je China definitief apart en bestendig je de splitsing van de VN in twee vijandige kampen.

Redacteur geopolitiek Michel Kerres en Oost-Europa-deskundige Hubert Smeets schrijven hier afwisselend over de kantelende wereldorde.