Een narcistische baas op het werk, dat is lang niet voor iedereen goed

Barbara Nevicka, arbeidspsycholoog We hebben een voorkeur voor narcistische leidinggevenden, zag arbeidspsycholoog Barbara Nevicka. Maar zijn ze wel effectief?

Arbeidspsycholoog Barbara Nevicka: „helemaal geen narcistische eigenschappen hebben is ook niet goed.”
Arbeidspsycholoog Barbara Nevicka: „helemaal geen narcistische eigenschappen hebben is ook niet goed.” Foto Roger Cremers

Stel: een groot bedrijf wordt op tientallen miljarden dollars gewaardeerd, maar blijkt na publicatie van de jaarcijfers vrijwel niets waard. Het aandeel keldert, boekhoudfraude komt aan het licht en een faillissement is onvermijdelijk. Vier topmannen profiteren: zij verkopen hun aandelen vóór het misgaat.

Dit is in een notendop wat er in 2001 gebeurde met het Amerikaanse energiebedrijf Enron, vastgelegd in de documentaire The Smartest Guys in the Room. Barbara Nevicka (39), universitair docent arbeids- en organisatiepsychologie aan de Universiteit van Amsterdam, zag deze film met gekromde tenen.

Maar het verhaal was óók een inspiratiebron. De schijnbaar ongeremde drang naar macht en geld, het empathieloze handelen van de topmannen. Het bleef aan haar knagen: hoe kan het dat uitgerekend dit soort types aan de top van een miljardenbedrijf konden komen?

Arbeidspsycholoog Nevicka doet al jaren onderzoek naar narcisme, recent naar leidinggevenden met narcistische persoonlijkheidstrekken. Volgens haar is er een verschil tussen narcistische karaktertrekken en een narcistische persoonlijkheidsstoornis. Bij een persoonlijkheidsstoornis is het narcistische gedrag zó extreem dat dit het dagelijks functioneren in de weg zit. Deze diagnose staat in het handboek voor psychische stoornissen.

Nevicka onderzoekt mensen die géén diagnose hebben. Iemand met narcistische trekken kun je aan drie dingen herkennen, zegt ze: ze stralen autoriteit en zelfverzekerdheid uit, misbruiken anderen en doen dit zonder gewetensbezwaren, én ze hebben altijd het gevoel dat ze het beter doen dan anderen.

Pychologische experimenten

„Mensen met narcistische trekken denken dat ze aantrekkelijker, slimmer en betere leiders zijn. Maar ze zijn ook minder empathisch en denken vanuit het perspectief: hoe word ik hier beter van?” Iedereen heeft deze eigenschappen, maar bij hen is het extreem, zegt Nevicka.

Ze liet 330 studenten meedoen aan psychologische experimenten. Ze wilde ontdekken of mensen sneller iemand met narcistische persoonlijkheidstrekken kiezen als leider. Buiten de experimenten onderzocht ze ook „leiders in het wild”. Hebben leidinggevenden vaker narcistische trekken, en zo ja: wat betekent dit voor een organisatie?

Met een vragenlijst bepaalde ze of, en in welke mate iemand narcistische karaktertrekken heeft. Daarvoor moet iemand aan alle drie de hoofdkenmerken voldoen: enorme zelfverzekerdheid, het misbruik van anderen en het gevoel hebben meer waard te zijn dan de rest.

Op de lijst stonden veertig uitspraken, elke één punt waard en te bestempelen als ‘waar’ of ‘onwaar’, zoals: ‘ik ben een uitzonderlijk persoon’, en: ‘ik hoop dat iemand op een dag een biografie over mij schrijft’. Iemand met een score van veertig had dan extreem narcistische trekken. „Verreweg de meeste mensen scoren gemiddeld. Vanaf 35 kun je zeggen dat iemand sterk narcistische trekken vertoont”, zegt Nevicka.

Vullen mensen zo’n lijst wel naar waarheid in? Narcisten schamen zich niet voor deze karaktereigenschappen, zegt Nevicka. Integendeel. „Eerder onderzoek toont aan dat mensen met narcistische trekken juist trots op deze eigenschappen zijn. Ze zien die uitspraken, en denken: maar natuurlijk! Ik bén uitzonderlijk!”

Werknemers met een negatief zelfbeeld lijden meer onder een narcistische baas

Nevicka zag in de experimenten dat participanten inderdaad sneller kozen voor een leider met narcistische eigenschappen. Maar: groepen met narcistische leiders waren minder effectief bij opdrachten. Deze leiders verzamelden minder informatie uit hun groep en maakten daardoor verkeerde keuzes.

Hoe zit het dan met leidinggevenden op de werkvloer? Nevicka deed veldstudies bij ruim 35 Nederlandse organisaties in diverse sectoren. 262 leidinggevenden en 308 van hun directe ondergeschikten vulden haar vragenlijst in. Leidinggevenden scoorden gemiddeld hóger op narcistische trekken.

En dat was ook op de werkvloer te merken, zag Nevicka. Met name werknemers met een negatief zelfbeeld en weinig zelfvertrouwen lijden meer onder een narcistische baas. „Werknemers met een negatief zelfbeeld hebben méér behoefte aan goedkeuring door een leidinggevende.”

„Werknemers met een negatief zelfbeeld waren vaker emotioneel uitgeput. Ook vertoonden ze vaker symptomen van een burn-out en functioneerden ze minder goed op de werkvloer.”

Lees ook de column: De basis van goed leiderschap

Paradox

Dit is een interessante paradox, zegt Nevicka. Narcistische leiders luisteren minder goed naar anderen en hebben weinig oog voor hun werknemers. Daaronder kan het werk én het welzijn van medewerkers lijden.

Maar ze hebben óók positieve eigenschappen, zoals charisma – daarom komen ze juist op die leidinggevende functies terecht. „Helemaal geen narcistische eigenschappen hebben is ook weer niet goed: dat hangt samen met weinig zelfvertrouwen”, zegt Nevicka.

Hoe kunnen organisaties leidinggevenden vinden bij wie de positieve eigenschappen de overhand hebben? Nevicka: „Mensen met narcistische trekken floreren in sollicitatiegesprekken, dus zorg dat de interviewers goed weten waar ze op moeten letten. En vertrouw niet alleen op zulke gesprekken, maar laat ze bijvoorbeeld een casus of groepsopdracht maken.”

Belangrijker nog dan de selectieprocedure is wat erna komt, zegt Nevicka. „Zorg dat ze geen ongelimiteerde macht hebben. Dat er regels en procedures zijn waar ze zich aan moeten houden. Maar dit geldt eigenlijk voor alle leiders: hou ze persoonlijk verantwoordelijk voor de beslissingen die ze nemen.”