Faculteiten Groningen zien af van beurspromovendi

Ophef Hetzelfde werk doen voor minder geld en uitgeklede arbeidsvoorwaarden. De kritiek op een proef met zogheten beurspromovendi neemt toe.

De Martinitoren in Groningen.
De Martinitoren in Groningen. Foto Marc Venema

Geen beurspromovendi meer voor de filosofie- en rechtenfaculteiten van de Rijksuniversiteit Groningen. Of sterker nog, als het aan de personeelsfractie in de faculteitsraad van rechten zou liggen: „Je zou eigenlijk moeten zeggen: we doen hier nooit meer aan mee, dit moeten we niet willen”. Het verschil met ‘gewone’ promovendi is te klein, zo schreef universiteitsblad UKrant afgelopen week. Beide faculteiten hebben daarom besloten voorlopig geen nieuwe beurspromovendi aan te nemen.

Een beurspromovendus werkt in tegenstelling tot een werknemerspromovendus niet onder een contract en krijgt dus geen verzekeringen of pensioen betaald. Ook neemt de beurs niet jaarlijks toe, zoals dat bij een gewoon promovendussalaris het geval is. Ook worden beurspromovendi nog te vaak anders behandeld dan hun collega’s zeggen de Groningese faculteitsbesturen.

De Groningse kritiek op het experiment neemt toe. In december schreven tientallen promovendi een manifest, dat honderden keren werd ondertekend. Daarin eisten zij een einde aan het experiment. De universiteit leek zich daar weinig van aan te trekken, want diezelfde week kondigde zij aan om 650 nieuwe promovendi te willen aannemen.

Het experiment begon in 2016 met als doel het aantal promovendi te vergroten en meer mogelijkheden voor onderzoek te scheppen. De Rijksuniversiteit Groningen en Erasmus Universiteit Rotterdam konden meer dan 850 promovendi aannemen. De tussenevaluatie van het experiment pakte in juni positief uit, en dus besloot Onderwijsminister Ingrid van Engelshoven (D66) de proef voort te zetten tot in 2021.

Ondanks alle kritiek lijkt het er niet op dat de proef ook echt tot een einde gaat komen. „Kritiek is eigenlijk ook de bedoeling van een experiment”, zegt Bart Pierik van de Vereniging van Universiteiten VNSU. „Het is geen reden om met het experiment te stoppen. Bovendien zijn er anderen die er wel de meerwaarde van inzien.”

Ook op andere universiteiten is veel te doen over buitenpromovendi. Zo kreeg de Radboud Universiteit Nijmegen vorige week een storm van kritiek over zich heen vanwege een wervingstekst voor drie beurspromovendi bij de letterenfaculteit. De onderzoekers zouden een beurs van 1.600 euro per maand (minder dan het Nederlandse minimumloon) ontvangen van een Duitse wetenschapsfinancier, maar wel aan de universiteit verbonden zijn. De universiteit verwijderde de vacature uiteindelijk ‘omdat zij promovendi uit principe niet als student’ zien en daarom ook niet meedoen aan het experiment.