Hoe één vrouw de Chinese toeristen naar Giethoorn bracht

Toerisme Giethoorn is een trekpleister geworden voor Chinezen. En dat begon ooit bij één vrouw.

Toeristen in Giethoorn, vorige week.
Toeristen in Giethoorn, vorige week. Foto Simon Lenskens

De een trof Chinese toeristen aan op zijn tuinbank – die dachten dat het bankje tot het publieke domein behoorde. De ander werd aangeklampt door een Chinese toerist die vroeg ‘hoe laat sluit het hier?’ – ze meende in een openluchtmuseum te zijn. En weer een ander vond een luier in de materiaalcontainer van de plaatselijke zeilvereniging.

In Giethoorn hebben ze het allemaal meegemaakt. Sinds Chinezen en masse op reis gingen, vanaf begin deze eeuw, is het dorp een populaire bestemming. Afgelopen weekend vierden Chinezen er nog Chinees Nieuwjaar.

Om te weten waarom Chinezen met zovelen naar Giethoorn trekken, moet je terug naar 2005. In dat jaar kwam Gabriella Esselbrugge in hotel De Dames van de Jonge werken. Ze was de derde generatie vrouw in het familiebedrijf; haar oma was in 1958 begonnen met het verhuren van kamers op de boerderij, hetzelfde jaar dat de film Fanfare van regisseur Bert Haanstra uitkwam, die zich in en rond Giethoorn afspeelt. Het succes van de film (2,6 miljoen mensen zouden hem uiteindelijk zien), bracht een stroom bezoekers naar het dorp op gang. Nederlanders voornamelijk; naar het buitenland ging men zelden in die tijd.

Toen de moeder van Esselbrugge aan het werk ging in het hotel, halverwege de jaren zeventig, kwamen er inmiddels ook buitenlandse bezoekers: Duitsers, Belgen en een enkele Fransman. Nog geen Chinees te bekennen.

Dat veranderde toen Esselbrugge kwam. „Giethoorn was de dood in de pot”, zegt ze. „Niks te doen.” Enkele maanden nadat ze was begonnen, vroeg Koninklijke Horeca Nederland haar mee te gaan op ‘inspiratiereis’ naar China. Ze zei ja, ook al wist ze niets van het land. Ze ging langs bij de eigenaar van het Chinese restaurant in het naburige Steenwijk en bij studenten Sinologie aan de Universiteit Leiden om iets over het land te weten te komen.

Ze leerde in rap tempo. Dat familiebanden belangrijk zijn – in China stop je je ouders niet in een bejaardentehuis. Dat trouwen belangrijk is – het is het hoogtepunt in een Chinees leven. Voor de reis naar China stelde ze daarom een fotoboek samen van een Gieterse trouwerij: in de houten, met bloemen versierde punter zat een stralend echtpaar, op de eveneens versierde kades stonden de dorpelingen. Het echtpaar is al lang gescheiden, maar hun trouwfoto’s dwalen nog altijd door China.

Netwerken

Tijdens dat bezoek in 2005 opende Holland Marketing zijn eerste kantoor in Beijing, bedoeld om Chinese toeristen naar Nederland te trekken. Esselbrugge netwerkte zich een slag in de rondte bij de aanwezige Chinese journalisten. Een assistent van de ambassadeur, een Chinees-Nederlandse jongen uit Steenwijk, hielp mee. Niet veel later keerde ze terug naar China met nog een fotoboek onder haar arm. Daarin toonde ze het familiebedrijf, compleet met beelden van de pittoreske boerderij-met-rietdak waar haar oma de eerste kamers had verhuurd. „Vonden ze ook geweldig.”

Ze ging vaker terug om Giethoorn aan te prijzen. Het mooie licht, de schone lucht, de oude boerderijtjes, de punters in de grachten. „Ik appelleer aan hun waarden, hun nostalgie en hun verlangen naar het platteland.”

Lees ook: De vraag is: wat voor toerisme wil Nederland?

Het werkte. De groeiende welvaart hielp ook mee, en het feit dat Chinese burgers vaker een paspoort kregen. De eerste Chinese toeristen kwamen naar Giethoorn. Vaak overnachtten ze in het hotel van Esselbrugge. Daar werden ze in de eigen taal te woord gestaan; met vooruitziende blik had Esselbrugge een Chinees-Nederlandse vrouw in dienst genomen.

Foto Simon Lenskens
Foto Simon Lenskens
Foto Simon Lenskens
Foto’s Simon Lenskens

Intussen had ze ook alle matrassen vervangen door harde matrassen – Chinezen slapen het liefst op een harde ondergrond. Voor de andere gasten kocht ze zachte toppers om boven op die ‘Chinese’ matrassen te leggen. Ook legde ze pakjes instantnoedels op de kamers. Toen bleek dat Chinezen die noedels in de waterkoker gooiden, schafte ze snel speciale noedelkokers aan. Esselbrugge werd actief op Chinese sociale media, om zo ook de individuele reiziger te bereiken.

In 2014 vroeg een Chinese medewerker van Holland Flower Park nabij Shanghai of Esselbrugge iemand wist die in een replica van een Zaans huisje op het park een Hollands restaurant wilde beginnen. „Vier maanden later serveerden we er pannenkoeken, mosterdsoep en stoofpotjes.” ‘Holland Giethoorn’ noemde ze het restaurant. Inmiddels heeft ze zes ‘Hollandse’ eetgelegenheden in China, waaronder een pannenkoeken- en poffertjeshuis en een ‘melkbar’ met Hollandse zuivelproducten. En overal liggen flyers van Giethoorn.

Monopoly

Rond dezelfde tijd als het telefoontje in 2014, las Lennard de Boer op internet een oproep voor een jubileumeditie van het spel Monopoly. Via een online stemming konden plaatsen uit de hele wereld meedingen naar twee nieuwe plekken op het bord. Samen met broer Ronald, met wie hij tien jaar eerder de toeristische website Giethoorn.com had opgezet, riepen ze inwoners van Giethoorn op om op hun dorp te stemmen. Giethoorn klikte dagenlang de vingers blauw, maar ook elders in Nederland begon men te stemmen. En toen de broers Chinese flyers maakten en uitdeelden in het dorp, ging de actie ook in China ‘viral’. Zo belandde Giethoorn in Monopoly.

Lees ook: Hoe Giethoorn zijn Monopolypositie kreeg (2015).

En toen werd het druk. Misschien wel te druk.

Het dorp met 2.600 inwoners trekt volgens diverse schattingen zo’n één tot anderhalf miljoen bezoekers per jaar. Onder hen zijn Brazilianen en Russen, maar Giethoorn is vooral geliefd onder Aziaten, met name Chinezen. Giethoorn ontvangt individuele Chinese reizigers en Chinese pakketreizen, waarbij een touringcar een paar uur Giethoorn aandoet alvorens door te rijden naar Berlijn en Parijs.

Van het vorige week afgekondigde Chinese verbod op pakketreizen en andere beperkingen waarmee de verspreiding van het coronavirus moet worden voorkomen, merken ze in het dorp vooralsnog weinig. Esselbrugge had afgelopen woensdag nog geen annuleringen ontvangen. Er is ook geen sprake van angst voor het virus, zegt voorzitter Evert van Dijk van dorpsvereniging Gieters Belang. „We lopen nog niet met mondkapjes op.” Het is wellicht ook nog te vroeg om iets over de gevolgen van het coronavirus op termijn te zeggen. „Dat hangt ervan af hoelang het duurt”, aldus een woordvoerder van NBTC Holland Marketing.

Lees ook: Wat weten we over het Wuhan-coronavirus?

Vraag je mensen in Giethoorn wanneer het gevoel over (massa)toerisme veranderde, dan zeggen ze vaak: Tweede Pinksterdag 2017. Toen verdrongen tientallen rondvaart- en fluisterbootjes zich in het nauwe kanaal door het dorp. Diezelfde dag plaatste een bewoner een foto op Twitter, die de regionale en nationale media haalde. „De foto gaf een vertekend beeld van de drukte”, zegt Ronald de Boer. „Er lag een boot met muzikanten dwars in de gracht, die veroorzaakte de opstopping. Maar dat zie je niet op de foto.” Van Dijk van Gieters Belang, moet erom lachen. „Er lag inderdaad een boot, maar die veroorzaakte niet de file. Bovendien, op andere zomerse dagen is er ook zo’n file en dan ligt er geen boot overdwars.”

Foto Simon Lenskens

Wie van beiden ook gelijkhad: het groeiende ongenoegen over massatoerisme had een gezicht gekregen.

Protest

Najaar 2017 trokken twee boze bewoners een Chinees reclamebord uit de grond. Niet veel later ging een verhaal door het dorp dat Chinees-Nederlandse ondernemers een vijftal panden hadden gekocht om als bed and breakfast te verhuren. Spookhuizen, zeiden de Gieters tegen elkaar – straks zitten we met allemaal onbewoonde boerderijen in de winter. Ze begonnen zich te roeren, plaatsten hekken met bordjes voor hun tuinen met daarop ‘privé’ in het Chinees. Ze plakten stickers op hun brievenbussen met de tekst: ‘don’t throw any trash in here’.

Afgelopen september bracht de Raad voor de Leefomgeving een kritisch rapport uit over de gevolgen van massatoerisme. Daarin worden overheden opgeroepen het heft in handen te nemen. In Giethoorn waren de inwoners het daarmee roerend eens. „De gemeente heeft het schandalig laten afweten”, zegt Van Dijk. Of ze bovendien de vergunningen van rondvaartboten wilde controleren. En kon ze dan ook iets doen aan de mensen die hun boot aan de overkant van het meer leggen, en dan naar Giethoorn varen om daar rondvaarten te geven en zo de regels te ontduiken?

Een groep huiseigenaren aan het drukste kanaal verenigde zich in Bewoners Belangen Binnenpad. „Gaan jullie door met de uitverkoop van ons dorp, dan tuigen wij straks twee meter hoge schuttingen op in onze tuin”, zeiden ze tegen de ondernemers. „Kunnen die toeristen niets meer zien en is het afgelopen.”

Uiteindelijk organiseerde de gemeente gesprekken. Beladen bijeenkomsten, zeggen de bewoners, met felle voor- en tegenstanders. „Het ongenoegen moet niet onder onze hartklep gaan zitten”, zegt Cees van Groeningen van de bewonersvereniging. „We moeten blijven praten. Maar ja, als er straks ’s avonds een schlager-rondvaartboot voorbijvaart, met harde muziek en zonder wc, en veertig van die gasten tegen het hek gaan pissen…”

Bekijk ook onze fotoserie over Chinese toeristen in Giethoorn (2015).

Andere Gieters vinden dat de onrust niet te groot moet worden gemaakt. Van Dijk wijst erop dat tachtig procent van de bewoners in het voorjaar van 2019 in een enquête zei gelukkig te zijn in Giethoorn. De bewoner die een luier in de container van de plaatselijke zeilvereniging vond, viste het ding er eigenhandig uit. „Je kunt je boos maken over het feit dat ze een luier in je container gooien of je kunt denken: ze hebben hem tenminste niet op de grond gesmeten. En toen Ilja Leonard Pfeijffer, schrijver van Grand Hotel Europa, de vuistdikke aanklacht tegen massatoerisme, laatst op uitnodiging van de lokale PvdA-afdeling naar het dorp kwam, wond iedereen in de zaal zich op over de wijze waarop de auteur hun dorp had beschreven. „Zo zijn we dan ook wel weer”, lacht Van Dijk.

Foto Simon Lenskens

De gemeente wil pas in het voorjaar commentaar geven, dan komt ze met een aantal aanbevelingen naar buiten.

In de zomer is Giethoorn vol, maar in de winter niet, vertelt hoteleigenaar Esselbrugge. „Dan zijn we blij als Chinese toeristen hier Chinees Nieuwjaar komen vieren. We hebben hen nodig om als bedrijf en als regio te overleven.” Ze vliegt tegenwoordig een keer per maand naar China. Met een stapel flyers in haar koffer.

Correctie (31 januari 2020): In een eerdere versie van dit artikel werd Gabriella Esselbrugge foutief aangeduid als Gabriella Essenbrugge. Dat is hierboven aangepast.