Minister wilde alles weten over mogelijke schikking Shell

Corruptie-onderzoek Minister Grapperhaus zei zich niet te bemoeien met de strafzaak tegen Shell. Toch sprak hij vaak met het OM over een schikking.

Foto George Osodi/Bloomberg

Op maandag 2 juli 2018 zit minister-president Mark Rutte drie kwartier lang bij Donald Trump in de Oval Office. Terwijl de Amerikaanse president zijn beklag doet over de Europese auto-industrie, probeert Rutte de sfeer goed te houden. Dat is in het belang van Nederland. Aansluitend heeft Trump namelijk een half uur de tijd voor vijf mannen die Rutte heeft meegenomen naar Washington en die in een aanpalend zaaltje zitten te wachten. Het zijn de topmannen van Philips, Schiphol, Aegon, NXP én Ben van Beurden, de baas van het Brits-Nederlandse oliebedrijf Shell.

Vertrouwelijke kwestie ‘Etosha’

Toevallig is een paar uur daarvoor in Den Haag op hoog niveau gesproken over zijn bedrijf Shell, tijdens een vertrouwelijk overleg van Ferdinand Grapperhaus (CDA) op zijn ministerie van Justitie en Veiligheid (J&V). Grapperhaus ontvangt daar, ’s middags tegen vijf uur, een lid van de leiding van het OM en twee officieren van het Landelijk en Functioneel Parket. Het gesprek gaat over de vertrouwelijke kwestie ‘Etosha’, het strafrechtelijk onderzoek naar de verdenking van ongekende omkoping in Nigeria door Shell.

Meteen na de bijeenkomst vraagt Grapperhaus om een nieuwe afspraak over ‘Etosha’, op zeer korte termijn. En kort daarna wéér. Het gaat immers over een zeer gevoelig onderwerp: een eventuele schikking of ‘hoge transactie’ met Shell in deze corruptiezaak. Het perspectief, schrijft een ambtenaar, is de „media-aandacht voor de respectievelijke zaken, gekoppeld aan het beleid rond Hoge Transacties”.

Schikkingen met grote bedrijven zijn controversieel en genereren veel media-aandacht, weten ze op het ministerie. Dat gebeurde toen het OM in 2013 voor honderden miljoenen schikte met de Rabobank. Het miljoenenvergelijk met ING, die haar compliance niet op orde heeft, zal ook tot ophef leiden. En Shell zit in meer lastige dossiers. Zoals de onbetaalde rekeningen voor de kapotte huizen in Groningen, waar Shell via de NAM bij betrokken is.

Fel tegen een schikking

De nauwe betrokkenheid van Grapperhaus en de top van het Openbaar Ministerie bij een mogelijke mega-schikking met Shell blijkt uit interne documenten die deze week zijn vrijgegeven door Grapperhaus. Aanleiding was een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) door de Amsterdamse advocate Barbara van Straaten. Zij treedt op namens vier actiegroepen (twee uit Engeland, één uit Italië en één uit Nigeria) die het internationale onderzoek naar corruptie in Nigeria door Shell en het Italiaanse oliebedrijf Eni hebben aangezwengeld. Zij zijn fel tegen een schikking.

Grapperhaus ontkent dat hij zich bemoeit met de strafzaak, zo blijkt uit de Wob-stukken. Begin 2019 schrijft hij stellig aan de actiegroepen: „Het is gezien de scheiding der machten niet gepast dat ik in dit stadium enige bemoeienis heb of zienswijze geef op de zaak.”

Nederland lijkt minder zin te hebben in een openbare rechtzaak tegen Shell

Van Straaten deed het Wob-verzoek om vaart te houden in het Nederlandse strafrechtelijke onderzoek, dat publiek bekend is sinds opsporingsdienst FIOD in 2016 samen met Italiaanse rechercheurs een inval deed op het Haagse hoofdkantoor.

De Italianen maken haast met de zaak. Later dit jaar zal de Italiaanse aanklager Fabio de Pasquale een naar verwachting vurig betoog houden in de rechtbank in Milaan – met hoge strafeisen. En uiteenzetten hoe Shell en Eni voor meer dan één miljard euro de Nigeriaanse politieke elite omkochten in ruil voor rechten op het enorme olieveld OPL-245 voor de kust van Nigeria.

Lees ook: een koffer vol geheimen over olie, seks en omkoping

Nederland lijkt minder zin te hebben in een openbare rechtszaak tegen het grootste bedrijf van het land. Het strafrechtelijk onderzoek door de FIOD ligt al maanden stil door juridische bezwaren van Shell. En getuige de documenten werd in de top van het OM en het ministerie gesproken over een deal met Shell, die een gang naar de rechter overbodig zou maken. Maar ook zo’n deal is nu niet in zicht.

Openbare rechtszaak

Advocaat Van Straaten zegt in een toelichting overvallen te zijn door de hoeveelheid documenten die ze ontving na haar Wob-verzoek „En dan hebben we nog niet eens de helft gekregen. Er is op heel hoog niveau overleg geweest, bijna maandelijks, ook informeel. Daarin is gesproken over een schikking, wat mijn cliënten al vreesden. Terwijl zoiets groots als omkoping door Shell juist in een openbare zitting moet worden besproken.”

Over al het overleg is nooit gecommuniceerd, zegt Van Straaten. „Grapperhaus heeft altijd gezegd dat het openbaar ministerie onafhankelijk onderzoek doet en dat de politiek niet betrokken is bij deze zaak.” Natuurlijk is uiteindelijk de minister politiek verantwoordelijk voor een grote schikking, zegt Van Straaten. „Maar normaal komt die pas in beeld als het openbaar ministerie het onderzoek heeft afgerond.”

SP-Kamerlid Michiel van Nispen noemt „de koninklijke behandeling van Shell” in een reactie „een vorm van klassenjustitie”. „De minister moet zich natuurlijk niet bemoeien met concrete strafzaken.”

Uit de vrijgegeven stukken blijkt dat Grapperhaus niet de enige is die precies op de hoogte wil blijven van de voortgang in de zaak. Eind 2016 informeert Chris Breedveld, op dat moment directeur van het Kabinet van de Koning, al bij het ministerie naar de zaak tegen Shell, waarvan de contouren dan al zichtbaar zijn. En als in september 2018 twee betrokkenen in Italië in de corruptiezaak tot jaren celstraf veroordeeld worden in de Nigeriaanse corruptiezaak, appen Grapperhaus en de OM-top met elkaar over de veroordeling.

Shell geeft geen commentaar. Een woordvoerder van Grapperhaus zegt dat de minister altijd wordt geïnformeerd over gevoelige zaken, „om zijn politieke verantwoordelijkheid voor het OM waar te maken.”