Recensie

Het selectief geheugen van Der Rudy

Recensie Rudy Pevenage begeleidde Jan Ullrich, droeg als renner de gele trui. Tot doping en bedrog alles kapot maakte. Zijn verhaal schuurt.

Ploegleider Rudy Pevenage duwt zijn pupil Jan Ullrich op gang in de Tour de France van 2003.
Ploegleider Rudy Pevenage duwt zijn pupil Jan Ullrich op gang in de Tour de France van 2003. Foto Gero Breloer/DPA

Een paar jaar geleden zou het nieuws zijn ingeslagen als een bom. Wielerploegleider en vertrouwensman van oud-toprenner Jan Ullrich onthult details over dopinggebruik. Hij stelt dat de toenmalig voorzitter van de internationale wielerunie, de Nederlander Hein Verbruggen, hem in 2006 verzocht Ullrich met een gefingeerde blessure weg te houden bij de Tour om zo te ontsnappen aan een dopingrel. En hij beweert ook nog eens alle 221 codenummers te kennen van de Spaanse bloeddopingarts Eufemiano Fuentes. De bij de arts gevonden bloedzakken waren niet alleen van wielrenners maar ook van „voetballers die speelden in Madrid, atleten en vooraanstaande tennissers”.

Toch veroorzaakt de verschijning van Der Rudy, de biografie van de Belgische oud-renner en ploegleider Rudy Pevenage, eind januari 2020 geen grote schok meer. De wielersport lijkt wel klaar met het zwarte tijdperk tussen pakweg 1993 en 2013, voorzien van de etiketten ‘doping’ en ‘bedrog’. Wat moet Pevenage, zelf al in 2006 weggezet als ‘fout’, daaraan toevoegen? Zijn onthullingen, opgetekend door de Nederlandse auteur John van Ierland, zijn soms pikant maar lang niet altijd te verifiëren, zoals over Verbruggen en Fuentes. Wat blijft is een persoonlijk relaas dat schuurt, boeit en soms ontroert.

Onafscheidelijk waren Pevenage en Ullrich, door hem liefkozend ‘teddybeer’ genoemd, in de jaren dat Der Jan als eerste Duitse renner de Tour won (1997) en daarna als vaste uitdagers van de ‘almachtige’ Armstrong. Tegenwoordig fietsen ze samen in alle anonimiteit een tochtje van hooguit 25 kilometer bij Ullrichs huis op Mallorca, vertelde Pevenage (65) voor de boekpresentatie aan de Belgische krant Het Laatste Nieuws. Triest beeld. De 46-jarige Ullrich op een elektrische fiets vanwege knieproblemen, die overigens in het niet vallen bij zijn jarenlange strijd tegen verslaving en depressie. Ook Pevenage zelf bleef weinig leed bespaard.

Doping in colablikjes

Snel doorbladeren naar hoofdstuk 25 (‘Epo’) of 33 (‘Operación Puerto’) voor sensationele onthullingen over hun ondergang? Pevenage vertelt over het omzeilen van controles, doping in colablikjes, diefstal door personeel en zwart geld. Maar hij is selectief in het noemen van namen, bagatelliseert af en toe zijn eigen rol. „Ik heb dingen verkeerd gedaan, absoluut, maar vele anderen ook.” Geen woord over het blad Der Spiegel, dat al in 1999 systematisch dopinggebruik bij hun ploeg T-Mobile (toen Deutsche Telekom) onthulde. „Ik vertel in deze biografie veel, heel veel”, zegt Pevenage in de inleiding. „Maar ik ben misschien ook wel het een en ander vergeten.”

Beter is zijn geheugen in de eerste tweehonderd pagina’s van het boek. Klassiek verhaal van de ‘Rosse van Moerbeke’, besmet door „het vrolijke virus dat wielrennen heet”. Van winst in de GP Erwetegem tot dagenlang geel in de Tour van 1980. Keiharde sportman in een wereld die naast fascinerende ook minder mooie kanten heeft. ‘Suikerklontjes’ en cortisonen, flikken van de controleurs en het kopen van koersen – volgens Pevenage betaalde de Nederlandse ploegleider Peter Post zijn ploeg IJsboerke in de Tour van 1980 1 miljoen francs (ongeveer 50.000 euro) om Joop Zoetemelk aan de Tourzege te helpen.

Pevenage legt zo een aantal oeroude mechanismes bloot die uiteindelijk zouden leiden tot de zwarte periode. Vooral hierin schuilt de waarde van Der Rudy. Wie de wielersport wil verbeteren, kan beter fouten benoemen dan ze verzwijgen.

De prijs voor zijn eigen fouten heeft de Belg wel betaald. Verstoten uit het peloton, gescheiden, depressief, ‘de dood in de ogen gekeken’ door een ernstige ziekte. Die ene zin in de laatste alinea van het boek. „Langzaamaan leef ik nu mijn eigen leven, weet ik om te gaan met de leegte, vooral in de avonden.” Het wielervirus maakt meer kapot dan je lief is.