Reportage

Duitsland zet zich schrap voor de varkenspest

Poolse zwijnen Met hekken en jagers weert Duitsland wilde zwijnen uit Polen om de varkenspest buiten te houden. „Maar het grootste risico op verspreiding komt van de mens.”

Foto's Eva Luise Hoppe

Het is allang donker, als Thomas Buchholz zijn Toyota Landcruiser over een slingerend bosweggetje in het oosten van Duitsland stuurt. Zijn jachtgeweer ligt achterin.

Op de motorkap staat een draaibare infraroodcamera, waarmee Buchholz al rijdend het donkere bos afspeurt, op zoek naar wild. Naar wilde zwijnen vooral.

De Poolse grens is hier, in het oosten van Brandenburg, niet ver weg. Daarachter ligt de dreiging waarvoor Duitse varkensboeren en de vleesverwerkende industrie hun hart vasthouden: wilde zwijnen die besmet zijn met de Afrikaanse varkenspest.

„Iedereen hier is nerveus”, zegt Buchholz, terwijl hij op zijn dashboard het beeldschermpje in de gaten houdt dat met de infraroodcamera is verbonden. Als witte schimmen zijn daarop af en toe herten en reeën in het donkere bos te zien, en ook een eenzame wolf. Maar nog geen zwijnen.

Hekwerk onder stroom

De afgelopen jaren heeft de Afrikaanse varkenspest (ongevaarlijk voor mensen, maar dodelijk voor varkens en wilde zwijnen) zich vanuit de Baltische landen en Polen steeds verder naar het westen verspreid. Deze maand werd in Polen op slechts twaalf kilometer van de grens met Duitsland het kadaver van een besmet zwijn gevonden.

Deskundigen zijn het erover eens dat de ziekte ieder moment naar Duitsland kan overslaan. Deelstaten langs de grens hebben een reeks maatregelen getroffen, in de hoop dat moment uit te stellen.

Zo heeft Brandenburg over 120 kilometer een tijdelijk, negentig centimeter hoog hekje geplaatst langs de grensrivieren Oder en Neisse, want zwijnen kunnen zwemmen. Het hek is niet heel stevig, anders dan het stalen antizwijnenhek dat Denemarken vorig jaar als voorzorgsmaatregel alvast langs de grens met Duitsland plaatste. Maar het hek in Brandenburg staat wel onder lichte stroom en is ook voorzien van een geur die de dieren moet afschrikken.

„Al die maatregelen van de overheid tegen de Afrikaanse varkenspest zijn geruststellend, maar alleen voor mensen die zich er niet echt mee bezighouden”

Daarnaast heeft Brandenburg de tienduizend jagers in de deelstaat dringend opgeroepen „alle mogelijkheden van de jacht te benutten om wilde zwijnen af te schieten”. Want het is niet uit te sluiten dat er al besmette zwijnen door de Duitse velden en bossen lopen.

In Brandenburg wemelt het van het wild. Rotten (groepjes) wilde zwijnen draven zelfs door buitenwijken van Berlijn, waar ze tuinen omwoelen en eten zoeken in vuilnisbakken en composthopen. Op het plattenland vinden ze in de uitgestrekte mais- en koolzaadvelden niet alleen voedsel in overvloed, ze kunnen zich er ook uitstekend schuilhouden voor jagers.

Maar ’s nachts komen ze tevoorschijn, weet Buchholz, en voor zijn infraroodapparatuur kunnen ze zich niet verstoppen. „Voor jagersromantiek moet je niet bij mij zijn”, zegt hij. „Traditionele jagers, die liever urenlang op een hoge jagersstoel zitten te wachten tot ze wild in het vizier krijgen, vervloeken mij. Maar de moderne aanpak is veel effectiever.”

Buchholz heeft in Kolkwitz, een dorp niet ver van de stad Cottbus, een winkel in wapens en andere jachtartikelen. Hij geeft ook jachtcursussen en is bestuurslid van de het lokale jagersverband. Vrijwel iedere avond, zegt hij, trekt hij er met zijn geweer op uit.

De varkenssector vreest dat één geval van Afrikaanse varkenspest in Duitsland al genoeg zal zijn om China ertoe te brengen de import van Duits varkensvlees volledig stil te leggen. Voor de sector zou dat een financiële ramp zijn, de schade zou in de honderden miljoenen euro’s lopen, schat de boerenbond.

De 21.600 Duitse varkensboeren verheugden zich de laatste tijd juist over aantrekkende prijzen, vooral dankzij de export naar China. Door de Afrikaanse varkenspest die daar al hevig heeft gewoed heeft het Aziatische land de helft van zijn eigen varkensstapel verloren of moeten ruimen, waardoor de prijzen stegen. De Chinese afzetmarkt werd daarmee voor Duitsland extra aantrekkelijk. Maar dat kan zo weer voorbij zijn.

Lees ook: Het zwijnenhek van de Denen is voor veel Duitsers een gruwel

Door het hoofd geschoten

„Al die maatregelen van de overheid tegen de Afrikaanse varkenspest zijn geruststellend, maar alleen voor mensen die zich er niet echt mee bezighouden”, zegt Buchholz nuchter, terwijl hij zijn auto aan de rand van een omgeploegde akker stilzet.

„Het grootste risico voor verspreiding van de ziekte komt niet van de zwijnen, maar van de mens. Een vrachtwagenchauffeur uit Polen bijvoorbeeld, die op een parkeerplaats langs de snelweg de resten van een broodje met worst weggooit. In salami kan het virus maandenlang overleven. En een zwijn dat zo’n besmet stukje worst vindt en opeet, kan daardoor de ziekte krijgen.”

Met een infraroodverrekijker tuurt Buchholz door het open raampje van zijn auto. „Daar aan de bosrand.” Met het blote oog is er niets te zien, maar met de warmtebeeldkijker valt een groep van zeker tien zwijnen op.

Stil stapt Buchholz uit. Hij pakt zijn geweer en kijker en loopt zwijgend over de zware kluiten in de richting van de bosrand. Het is een heldere, koude nacht – de maan is nog niet op, het enige licht komt van een zee aan sterren.

Op een meter of zestig van de zwijnen blijft hij staan om zijn geweer met geluiddemper op een statief te plaatsen en door de verrekijker nog één blik op de zwijnen te werpen. Dan straalt hij met een felle lichtbundel het groepje zwijnen aan en een fractie van een seconde later haalt hij de trekker over.

Wildezwijnenjacht in Duitsland. De vrees bestaat dat exemplaren uit Polen de Afrikaanse varkenspest brengen. Foto’s Eva Luise Hoppe

Er klinkt een doffe knal. De zwijnen draven de nacht in, op één na. Het dier is in het hoofd getroffen. „Ik schat 23,5 kilo”, zegt Buchholz. Hij gaat de auto halen, even later ligt het dode zwijn vastgebonden achterop het fietsenrek.

Natuurorganisatie NABU (660.000 leden) gelooft niet dat de zwijnenjacht een effectief middel is in de strijd tegen de Afrikaanse varkenspest. „Het kan zelfs contraproductief zijn”, zegt woordvoerder Sebastian Kolberg per telefoon. „Wilde zwijnen blijven van nature graag in een betrekkelijk klein gebied. Maar intensieve bejaging kan ertoe leiden dat ze zich in allerlei richtingen gaan verspreiden. Mét de eventuele ziekte die ze onder de leden hebben.”

Dampende ingewanden

Toch vindt Sandra Blome, van het Friedrich-Loeffler-Instituut voor dierlijke gezondheid dat onder het ministerie van Landbouw valt, dat de jacht zinvol is als één van de maatregelen tegen de Afrikaanse varkenspest. „En er is hier zo’n grote zwijnenpopulatie dat de jacht hoe dan ook nuttig is.”

Even na middernacht draait Buchholz zijn auto het platje naast zijn huis op. Daar legt hij het zwijn op zijn rug op een rek en snijdt de buik open. Een weeïge geur stijgt eruit op.

Zorgvuldig neemt Buchholz een voor een de dampende ingewanden en gooit ze in een vuilnisbak. Dan vult hij twee spuitjes met bloed – die moeten naar een laboratorium, om te onderzoeken of het dier met de Afrikaanse varkenspest besmet is. Als het zwijn aan een haak is gewogen – 23,7 kilo – hangt Buchholz het in een grote koelcel.