Jonathan (Tijmen Govaerts) wordt verliefd op de veel jongere Elke (Julia Brown).

Interview

‘Ik wil niet oordelen, maar tonen hoe het voor hem is’

Interview Patrice Toye ‘Muidhond’ kruipt in het hoofd van een pedofiel, en in de schuldige blik van de toeschouwer. Regisseur Patrice Toye: „Ontmenselijken vind ik pas echt gevaarlijk. Dan hoeven we namelijk niet meer na te denken.”

‘Ik hoop niet dat Muidhond wordt gereduceerd tot het thema van pedofilie of pedoseksualiteit, het is ook een film over liefde.” Het is zondagochtend tijdens het International Film Festival Rotterdam en ik tref de Vlaamse filmmaakster Patrice Toye voor het ontbijt. Om ons heen zitten festivalgasten alleen aan tafeltjes, maar naast ons komt een familie met jonge kinderen aan het raam zitten. Ik vraag me af of we op onze woorden moeten letten.

Muidhond is een delicate film naar het gelijknamige boek van forensisch psycholoog Inge Schilperoord. Het boek is een razende monoloog interieur van een in hoger beroep vrijgesproken zedendelinquent. Als hij na zijn vrijlating weer bij zijn moeder intrekt raakt hij in een innerlijke strijd verwikkeld met zijn geaardheid, zijn verlangen het goede te willen doen, maar verliest hij zich langzaam in zijn gevoelens voor zijn jonge buurmeisje. Toye maakte er een stille film van, met weinig woorden maar veel onderhuidse spanning. Ze maakte Jonathan jonger dan in het boek.

Fragiele en soms controversiële seksualiteit is een thema dat in al Toyes films zit. In haar debuutfilm Rosie (1998) en daarna Little Black Spiders (2012) richtte ze zich op de belevingswereld van seksueel ontwakende meisjes. „En nu is het een jongen. Een jongvolwassene. Bijna een kind nog. Ik ben zeer geïnteresseerd in jonge mensen, die met hun identiteit struggelen, die nog in een soort maakfase zitten. Voor mijn gevoel sta ik daar dichtbij. Ik ben graag zoekende, en ik vind die kwetsbaarheid mooi om naar te kijken, dat wankele, dat beïnvloedbare. Ik was zelf op die leeftijd erg bewust van het feit dat je je in een soort tussenfase bevindt, waarin je veel meer verbeeldingskracht hebt. Ik droomde duizend levens en vond de realiteit veel te saai. Als je films gaat maken zet je dat in. Dan wordt de vluchtheuvel je redding.”

Wat was uw eerste uitgangspunt bij deze film?

„Ik wilde niet oordelen, maar vooral tonen hoe het voor hem was. Dat is ook de kracht van cinematografie, dat je een dialoog kunt aangaan met de kijker. Daarom zijn we heel schraal en verstild gaan filmen. Zijn hoofd kolkt van de tegenstrijdige emoties, er zijn seksuele gevoelens, die speels zijn en gevaarlijk maar hij wordt ook echt verliefd. Er is ook liefde van haar naar hem. Zij voelt zich geborgen. Hij denkt oprecht dat als niemand voor haar zorgt, dan doe ik het maar. Maar er zit natuurlijk ook een kleine duivel in hem. En je vraagt je af wat gaat winnen.”

De tijd heeft het thema nu ook controversieel gemaakt door #metoo, en in de Belgische context ook de erfenis van Dutroux.

„Door #metoo voelde ik wel een bepaalde vijandigheid opkomen die daarvoor bedaarder was. Zonder iets af te doen aan het belang van #metoo, dat mag buiten kijf staan. Het is zeker niet de tijd om daders kwetsbaar te tonen, terwijl ik het wel belangrijk vind om dat te laten zien. In België zijn er nu kompanen van Dutroux die hun straf hebben uitgezeten, vrij willen komen, en die worden gelyncht bij wijze van spreken als ze de maatschappij in willen gaan. Ik wil daar verder geen uitspraken over doen. Ik ben geen rechter. Natuurlijk zijn er mensen die hun hele leven een gevaar zijn voor de maatschappij. Maar dat ontmenselijken vind ik pas echt gevaarlijk. Dan hoeven we namelijk niet meer na te denken. Tussen de 1 en 3 procent van de Nederlandse bevolking, meest mannen, heeft deze gevoelens, en ik wil niet zeggen dat dat weinig is. Maar een pedofiel is nog geen pedoseksueel en ook die gaat nog niet automatisch over tot misbruik. Morgen heb ik een debat met onder andere Ted van Lieshout die in Mijn meneer heel subtiel en ook liefdevol over zijn relatie als kind met een oudere man heeft geschreven. Toch heeft een volwassene de macht, en kan van daaruit stapje voor stapje manipuleren, de grenzen verleggen. Het gif zit in de parel. Het is als een verslaafde die zegt: ‘Maar niemand heeft toch gemerkt dat ik dronken achter het stuur zat?’”

U filmt heel afstandelijk, niet sensationeel of seksueel. Toch confronteert u de kijker wel met zijn of haar ‘schuldige blik’, want door te weten dat Jonathan met een seksuele blik naar het meisje kijkt, gaan wij onwillekeurig ook zo kijken. Ook dat is best hachelijk.

„Deze jongen die ik nu als mens toon, wordt in de media en in films meestal als de grootst mogelijke schurk afgebeeld. We leven in de meest veilige tijden en tegelijkertijd zijn we nog nooit zo bang geweest. Het is een heel repressieve tijd. We durven onze kinderen niet meer alleen op straat te laten. Neem bijvoorbeeld Sally Mann die heel mooie naaktfoto’s van haar kinderen heeft gemaakt die als kinderpornografie werden afgedaan. Maar moet je dan aan zelfcensuur gaan doen? En dan nog denk ik dat ik als vrouw het makkelijker heb om zo’n film te maken dan als man.

„De uitdaging was om in de huid te kruipen van een zo groot mogelijke antiheld. De toeschouwer moet dat wel willen toelaten en niet meteen moreel afwijzen. Maar er is bijvoorbeeld een scène waarin Elke in bad zit, als je je dan afvraagt of ze bloot is of niet, dan voel je als kijker even betrapt. Dat is ook de bedoeling.”

U heeft de film zoals al uw werk samen gemaakt met uw echtgenoot, cameraman Richard van Oosterhout. U bent ook ouders. Wat neem je van zo’n film mee naar huis?

„Gek genoeg relatief weinig. Professioneel weten we precies wat we aan elkaar hebben. Zijn grens was bij het filmen wel sneller bereikt dan bij mij. Als cameraman ervaart hij snel hoe opdringerig de lens is, en was hij bezig met de vraag waar het waardig blijft. Met de kinderen hebben we het er vrij weinig over gehad, dat was toch meer: ‘Mama niet aan mijn vriendinnen vertellen waar je nu weer mee bezig bent.’ Het allerbelangrijkste was dat Julia niet over drie jaar aan me zou vragen: ‘Wat heb je nu met me gedaan?’. Wat dat betreft is je verantwoordelijkheid naar een minderjarige acteur het grootst. Dat is de ultieme grens.”