‘Avondjes’ en digitale campagne lonen voor Forum voor Democratie

Ledenaantallen Doordat hun achterban slinkt, lopen politieke partijen talent en inkomsten mis. Voor Forum voor Democratie, nu de grootste partij, ligt juist extra subsidie in het verschiet.

Theo Hiddema in 2018 bij een jongerencongres van Forum voor Democratie in Zandvoort.
Theo Hiddema in 2018 bij een jongerencongres van Forum voor Democratie in Zandvoort. Foto Olaf Kraak

Hoe groter de vijver, hoe beter de vangst.

Geen wonder dat politieke partijen met afschuw toezien hoe hun ledenaanhang verder krimpt. „Je ziet amper schommelingen, het is gewoon een rechte lijn naar beneden”, verzuchtte VVD-partijvoorzitter Christianne van der Wal vorig jaar in een interview met NRC. „Op een gegeven moment bereik je een kritische grens.”

Ze liet het er niet bij zitten: de partij nam een ledenwerver in de arm. Eentje die er volgens Van der Wal „voor gestudeerd” heeft, met „goede ideeën”.

Deze week bleek het resultaat: 27.692 leden telde de VVD op 1 januari 2020. Wéér 1.650 minder dan een jaar geleden.

Wie het beste voor heeft met een levendige ledendemocratie, had weinig reden om te juichen bij de cijfers die het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP) van de Rijksuniversiteit Groningen zoals ieder jaar verzamelde en publiceerde. Het lot van de VVD is dat van de meeste partijen: verlies, verlies en nog meer verlies.

Lees ook: FVD onttroont CDA als grootste ledenpartij

Nog altijd zijn 316.378 mensen lid van een politieke partij – net iets meer dan een jaar geleden (315.019). Maar dat is bijna volledig te danken aan de razendsnelle groei van één partij: Forum voor Democratie. Eén jaar nadat voorman Thierry Baudet van zijn denktank een politieke partij had gemaakt, telde FVD al bijna 23.000 leden. Een jaar later waren dat er ruim 30.000 en nu dus – volgens de eigen telling – bijna 43.000.

Een ledenwerver zoals bij de VVD heeft Forum niet in dienst. Wat FVD wel doet? Avondjes. Baudet en zijn tweede man Theo Hiddema toeren het hele land door. Maar vooral: digitale campagnes, die bijna allemaal doorlinken naar de lidmaatschapspagina op de partijwebsite.

Rekruteren van kandidaten

Het Nederlandse politieke landschap is gebouwd op partijen met leden. Zij investeren geld en tijd – of ze nu vrijwilliger zijn of minister. Het ledenbestand is dé vijver om kandidaten uit te vissen.

Technisch is het mogelijk Kamerzetels en kabinetsposten aan kandidaten zonder partij-ervaring te vergeven: zie Zihni Özdil, Tweede Kamerlid voor GroenLinks. Zie Menno Snel, staatssecretaris van Financiën voor D66. De PVV, die als enige Nederlandse partij geen leden heeft, rekruteerde altijd van buiten. Maar in de praktijk selecteren partijen vrijwel uitsluitend uit hun ingeschreven achterban. En Özdil en Snel hielden het niet lang vol.

Al die leden brengen daarnaast geld binnen. Bij FvD is de drempel voor het lidmaatschap erg laag. Al vanaf 25 euro per jaar kunnen geïnteresseerden lid worden – en daarvoor krijgen ze vaak nog een (gesigneerd) boek van Baudet of Hiddema cadeau. Ter vergelijking: wie lid wil worden van de VVD betaalt 10 euro per maand (120 euro per jaar). Een lidmaatschap bij D66 kost minimaal 5,50 euro per maand (66 euro per jaar). Het CDA rekent voor nieuwe leden een kennismakingstarief van 19,95 euro per jaar. Na het eerste jaar betaalt een CDA-lid 20 euro per kwartaal (80 euro per jaar). De SP rekent 5 euro per kwartaal, PvdA adverteert met „vanaf 2 euro per maand”.

En de leden spekken de partijkas niet alleen met hun contributie. Per ingeschreven en betalend lid – met een contributie van minimaal 12 euro – ontvangen partijen in Nederland ook nog eens subsidie. Dat is zeldzaam: veel andere landen, zoals Duitsland, België en Oostenrijk, belonen alleen stemmen of zetels.

In het Nederlandse systeem telt zowel verkiezingssucces als de ingeschreven achterban. Elk jaar wordt door het ministerie van Binnenlandse Zaken 7,7 miljoen euro onder de partijen verdeeld aan de hand van het aantal Tweede Kamerzetels. Nog eens 1,9 miljoen euro komt uit de pot voor ledensubsidie, iets minder dan 7 euro per lid.

Coulant voor wie niet betaalt

Bij het uitkeren van die subsidie neemt het ministerie geen genoegen met de zelfrapportage waarop het Documentatiecentrum zich baseert. Alle ledenaantallen moeten eerst door een accountant zijn gecontroleerd.

Lees terug (2019): Politieke partijen die regels ontwijken – en een ministerie dat steeds wegkijkt

Dan blijken de cijfers bij sommige partijen behoorlijk uit de pas te lopen, bijvoorbeeld omdat partijbureaus coulant zijn geweest bij leden die hun contributie niet voldeden. Zo telde de SP in 2018 zelf 36.465 leden, maar bleven daarvan na de accountantscontrole krap 31.000 over. De CDA-administratie zat er datzelfde jaar zelfs bijna 12.000 leden naast: een kwart van de opgegeven aanhang was verdwenen.

Bij Forum bleef het verschil relatief beperkt. Kloppen de cijfers voor 2020, dan mag de partij bijna 300.000 euro aan ledensubsidie innen. En dat kan nog meer worden. Een commissie die in opdracht van het kabinet werd aangesteld, adviseerde minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) in 2018 om de subsidiepot uit te breiden naar een vast bedrag van 12 euro per lid, om zo „sterke, in de samenleving verankerde politieke partijen” te bevorderen.

Dit jaar neemt het ministerie, waar Ollongren binnenkort terugkeert na een ziekteverlof, een besluit. Fan van haar ministerschap is FVD nooit geweest. Maar als ze het advies overneemt en de subsidie verhoogt, haalt de partij dankzij haar besluit met het huidige ledenaantal straks meer dan een half miljoen euro op.