Wat weten we over het Wuhan-coronavirus?

Epidemie Het Wuhanvirus is afkomstig van vleermuizen en lijkt iets minder dodelijk dan SARS. Dat beeld rijst op uit de eerste onderzoeken naar het virus.

Medewerkers van een Chinese gezondheidsdienst disinfecteerden zaterdag een woonwijk in Ruichang, in de provincie Jiangxi.
Medewerkers van een Chinese gezondheidsdienst disinfecteerden zaterdag een woonwijk in Ruichang, in de provincie Jiangxi. Foto STR/AFP

Het Wuhan-coronavirus komt vrijwel zeker uit vleermuizen. Dat is de conclusie nadat Chinese virologen twee coronavirussen in vleermuizen hebben geïdentificeerd die genetisch zeer sterk (96 procent) lijken op het virus dat nu een grote epidemie onder mensen in de Chinese miljoenenstad Wuhan heeft veroorzaakt.

Waarschijnlijk is het virus eerst vanuit wilde vleermuizen overgesprongen op een ander zoogdier, waarna het virus evolueerde en daarmee mogelijk besmettelijker is geworden. Met dit nog onbekende wilde zoogdier kwam het virus naar de Huanan Seafood Market in Wuhan, waar het tientallen verkopers en bezoekers besmette.

Wild als delicatesse

Eerder concludeerden onderzoekers al dat het nieuwe virus genetisch lijkt op het SARS-virus, dat in 2003 zorgde voor een wereldwijde epidemie waarbij toen meer dan achthonderd doden vielen. Met genetisch onderzoek werd destijds vastgesteld dat het SARS-virus eveneens uit vleermuizen komt en via civetkatten (een delicatesse in China) naar een markt in Zuid-China kwam, waarna het mensen infecteerde.

De Chinese overheid verbood daarop de handel in wilde civetkatten, om verdere verspreiding van SARS te voorkomen. Door isolatie van patiënten en mensen met wie zij contact hadden gehad, kon de epidemie uiteindelijk binnen een jaar tot staan worden gebracht. Eind 2003 was de laatste melding van een patiënt in Taiwan, sindsdien is het virus niet meer opgedoken.

Op de Huanan Seafood Market werden niet alleen zeevis en schaaldieren verhandeld maar ook een hele menagerie aan wilde dieren. Die levende dieren zaten dicht opeengepakt in kleine kooitjes en werden vaak ter plekke geslacht, waarbij het niet altijd even hygiënisch aan toe ging. Volgens de Chinese autoriteiten was deze wildhandel grotendeels illegaal, maar kennelijk werd de verkopers tot nu toe geen strobreed in weg gelegd. Er gaan zelfs geruchten dat er in Wuhan opnieuw civetkatten op de markt waren.

Dit weekend heeft de Chinese overheid alle handel in wilde dieren per direct verboden. Tot dusver had niemand verwacht dat zo’n ingrijpende maatregel zou worden afgekondigd – het eten van uiteenlopende wilde dieren wordt in China als cultureel erfgoed beschouwd. Maar nood breekt wet; koste wat kost moet worden voorkomen dat er nieuwe virushaarden ontstaan. Om diezelfde reden legde China eerder het verkeer van en naar Wuhan en een aantal andere steden stil. Het betreft in totaal een gebied met 56 miljoen inwoners.

Dat de handel in levend wild een groot risico inhield, was onder virologen genoegzaam bekend. In februari vorig jaar schreven Chinese virologen in een wetenschappelijk artikel zelfs expliciet dat een nieuwe uitbraak van een SARS-achtig virus, onvermijdelijk is zo lang er niets zou veranderen. Die macabere voorspelling is uitgekomen.

Vroeg ontdekt

De vraag is in hoeverre het Wuhanvirus (door wetenschappers aangeduid als 2019-nCoV) nu in de voetsporen van het SARS-virus treedt. SARS raakte destijds binnen mum van tijd verspreid over de hele wereld, doordat mensen die besmet waren zonder dat zij dat wisten de wereld over reisden en anderen besmetten. Aan het begin van de SARS-epidemie verspreidde het virus zich al maanden lokaal in China, en daarbij vielen ook doden, zonder dat de rest van de wereld daar iets van wist.

Pas toen de uitbraak Hongkong bereikte, in februari 2003, werd duidelijk dat er een gevaarlijke uitbraak was van een nieuw virus. De besmetting had zich verspreid via een Chinese arts die in zijn thuisland patiënten had behandeld en vervolgens zonder dat hij het wist andere hotelgasten besmette. Maar toen dat aan het licht kwam was het al te laat, want diverse hotelgasten intussen al weer verder gereisd en werden later elders in de wereld ziek.

Ook nu bij het Wuhanvirus blijkt dat een lokale uitbraak in de moderne wereld met veel internationaal reisverkeer binnen mum van tijd de andere kant van de wereld heeft bereikt, met inmiddels bevestigde infecties in de VS, Canada, Frankrijk en Australië.

Razendsnelle reactie

In tegenstelling tot de uitbraak van SARS, die de eerste maanden door de Chinese autoriteiten geheim is gehouden, zijn de Chinese virologen er bij de uitbraak van het Wuhanvirus razendsnel bij geweest, en hebben zij die informatie internationaal ook snel gedeeld. Uit een genetische stamboomanalyse van de erfelijke code van de virusinfectie van verschillende patiënten kan het moment worden berekend waarop het virus van dier naar mens moet zijn overgesprongen. Dat is tussen begin november en begin december geweest.

De eerste melding van longontsteking veroorzaakt door het nieuwe coronavirus dateert van 1 december en was niet direct gerelateerd aan Huanan Seafood Market. In de loop van december kwamen er tientallen patiënten bij die wel een link hadden met deze markt. Op 1 januari werd de markt gesloten vanwege het infectiegevaar.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Vandaag: Krijgt China het Wuhan-virus onder controle?

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.

Dat relatief snelle ingrijpen heeft een verdere uitbraak van het virus niet kunnen voorkomen. Sinds een week stijgt iedere dag het aantal bevestigde besmettingen en het aantal doden. En die beperken zich niet meer alleen tot Wuhan, maar zijn inmiddels verspreid over alle Chinese provincies, met ook tientallen besmettingen buiten de landsgrenzen. Maandag stond de officiële teller op ruim 2.700 bevestigde besmettingen en 80 doden.

Inmiddels is duidelijk dat het virus van mens tot mens over kan gaan. Virologen werken met een zogeheten vermeerderingssgetal om aan te geven hoe besmettelijk een virus is (R0, ‘r-nought’). Voor het Wuhanvirus komen de voorlopige berekeningen uit op ongeveer 2,6 dat wil zeggen dat iedere patiënt op zijn of haar beurt gemiddeld 2,6 anderen besmet. Dat getal ligt lager dan dat van bijvoorbeeld griep of SARS. Maar, waarschuwen deskundigen, het is nog zo vroeg in de epidemie dat er eigenlijk geen betrouwbare uitspraken over te doen zijn. Het vermeerderingsgetal zou ook net boven één kunnen liggen, of uiteindelijk 10 kunnen worden, hoewel dat laatste onwaarschijnlijk is.

Dezelfde onzekerheid bestaat nog over de dodelijkheid van het virus. Een simpele rekensom op basis van de officiële Chinese rapportages leert dat ongeveer 3 procent van de patiënten aan de ziekte overlijdt. Maar of dat zo blijft is lastig te zeggen, er liggen nog veel mensen in kritieke toestand in het ziekenhuis en die kunnen uiteindelijk sterven of weer herstellen, wat het sterftecijfer omhoog of omlaag zal doen gaan.

Een vraag is ook hoe betrouwbaar de Chinese cijfers zijn; wordt iedere patiënt meegeteld, meldt iedereen die ziek is zich wel bij een ziekenhuis, en kan een besmetting ook zonder symptomen (denk aan koorts, nu meestal het eerste signaal voor ontdekking) verlopen? Het sterftepercentage ligt nu nog beduidend onder dat van SARS (dat uitkwam op 10 procent) en flink onder dat van het andere coronavirus dat sinds 2012 een dodelijke infectie bij mensen veroorzaakt; MERS (ruim 30 procent).

Nieuwe informatie heeft het perspectief iedere dag veranderd. De Chinese minister van gezondheid Ma Xiaowei waarschuwde zondag tijdens een persconferentie dat het virus al besmettelijk kan zijn voordat iemand de eerste symptomen van de infectie ervaart. Daardoor zou die zich ongemerkt kunnen verspreiden. De incubatietijd van het virus varieert van één tot veertien dagen, blijkt uit Chinees onderzoek. Maar: er is nog geen wetenschappelijk studie gepubliceerd die dit bevestigt.