Dolly Bellefleur in februari bij een voorleesmiddag in een bibliotheek in Nijmegen. Identitair Verzet had een demonstratie aangekondigd.

Foto Robin Utrecht/ANP

Interview

Ruud Douma: ‘Als Dolly heb ik een charmant breekijzer in handen’

Ruud Douma Dolly Bellefleur, alter ego van Ruud Douma, is zondagavond door het COC onderscheiden voor haar inzet voor de LHBTI-gemeenschap. Ze deelt de Bob Angelo Penning met activist Anne Krul.

Ruud Douma (58) heeft al 26 jaar een relatie, maar een innige afscheidskus op het station durft hij niet zomaar te geven. „Ik kijk altijd over mijn schouder om te checken of de situatie veilig is.” Douma slaat zijn hand voor zijn mond. „Erg hè”, zegt hij geamuseerd. Ironisch: „Ik moet die prijs helemaal niet krijgen!”

Zondagavond is zijn alter ego Dolly Bellefleur onderscheiden met de Bob Angelo Penning, die door belangenorganisatie COC wordt uitgereikt aan mensen die zich op bijzondere wijze hebben ingezet voor de emancipatie van de Nederlandse LHBTI-gemeenschap.

Dolly Bellefleur, „Frau Antje van het verkeerde kantje”, schiet op hakken zo de twee meter voorbij, draagt opvallende jurken en heeft witblond haar. „Het haantje van vandaag is de plumeau van morgen”, zingt ze in haar nieuwste voorstelling, waarmee zij op 11 april in het DeLaMar Theater haar dertigjarige jubileum viert. Dat nummer is gericht aan de jongens die Douma pestten toen hij op school zat.

Met de liedjes en sketches van Dolly probeert Douma het zware licht te maken, niet alleen op het podium, maar ook op straat, tijdens herdenkingen bij het homomonument in Amsterdam en demonstraties, zoals die tegen het anti-homobeleid van de Russische president Poetin.

Toen Douma tijdens het hoogtepunt van de aids-epidemie in de jaren negentig elke week wel naar drie begrafenissen kon, kwam hij als Dolly „ter lering en vermaak” met een uitbundig safe-sex-kaartspel bij mensen thuis. Dolly Bellefleur staat volgens het COC-bestuur „altijd klaar voor de gemeenschap”.

Onder anderen Paul de Leeuw, Carry Slee en Boris Dittrich kregen eerder de Bob Angelo Penning uitgereikt. Homoactivist Benno Premsela was in 1991 de eerste. Hij kwam in 1964 als eerste homoseksueel op tv herkenbaar in beeld voor zijn geaardheid uit. „Voor die tijd zaten mensen achter zo’n scherm, zag je alleen hun schaduw.” Dolly’s nummer Those were the gays is een hommage aan roze pioniers als Premsela.

De toverstaf hapert soms

Douma draagt een wit overhemd met zwarte uiltjes. „Dolly is dertig jaar geleden toevallig ontstaan.” De directeur van „een piepklein theater” vroeg hem om als extravagante dame een bonte revue aan elkaar te praten. „Als Dolly heb ik een toverstaf, een charmant breekijzer in handen, ontdekte ik toen.”

Soms hapert Dolly’s toverstaf, zoals die keer bij een optreden in een kroeg in Assendelft. „Zo hé, wat zie jij er mannelijk uit”, zei ze tegen een man in het publiek. „Je moet alleen je haar opsteken.” Paf, een vuist in haar gezicht. „Neus gebroken.”

Douma heeft die grap daarna jaren niet gemaakt, maar zijn optimistische blik op de wereld is er nog steeds, zegt hij. De laatste jaren is er veel aandacht voor homodiscriminatie en incidenten waarbij homo’s in elkaar worden geslagen door mensen met een islamitische achtergrond. „Ja, het is vreselijk en het moet hard worden bestraft.” Maar het zit in Douma’s aard en activisme om te focussen op het positieve. „Mijn buurman is geboren in Egypte en moslim. Hij brengt me vaak naar optredens. Dat gebeurt ook.”

Een jaar geleden las Dolly kinderen voor in een bibliotheek in Nijmegen. Ze werd vergezeld door drie beveiligers. Het extreem-rechtse Identitair Verzet had gedreigd met een demonstratie. Die kwam er uiteindelijk niet, maar was er bij een eerdere voorleessessie door een dragqueen wel. In Nijmegen kreeg Dolly steun van extreem-linkse activisten van Antifa.

Lees ook: ‘Identiteitsstrijd in de bibliotheek’

Veel is veranderd sinds Douma eind jaren zeventig aan zijn ouders, die daar liefdevol op reageerden, vertelde dat hij op mannen valt. „We kunnen trouwen en kinderen adopteren.” Maar tegelijkertijd, zegt Douma, moeten homo’s nog wel „uit de kast komen” en blijkt uit het verhaal van make-up-artiest Nikkie de Jager dat het niet door iedereen normaal wordt gevonden om transgender te zijn. De Jager is geboren als jongen en ging in transitie, maar deelde dat aanvankelijk niet met het publiek. Onlangs vertelde ze op haar YouTube-kanaal dat ze werd gechanteerd.

Een buitenbeentje op school

Volgens het SCP is de houding tegenover homo- en biseksualiteit in de afgelopen tien jaar positiever geworden. In 2006 was iets meer dan de helft van de ondervraagden positief, in 2017 was dat gestegen tot bijna 75 procent. Maar in 2017 nam nog altijd zo’n 30 procent van de Nederlanders aanstoot aan twee zoenende mannen en 20 procent aan twee zoenende vrouwen. 10 procent neemt aanstoot aan een zoenende man en vrouw.

Op scholen praat Douma als Bellefleur met leerlingen over een buitenbeentje zijn, zoals hij zelf was. Daar treft hij meer acceptatie dan op de school uit zijn eigen jeugd, waar hij regelmatig in elkaar werd geschopt. Tijdens de Canal Parade, de optocht door de Amsterdamse grachten die onder meer homoseksualiteit viert, zag Douma een meisje van veertien uit een van zijn lessen. „Ze zat langs de route in een bootje met haar moeder en vader, die een roze pak droeg.” Dolly voer erlangs op haar eigen boot met tachtig lookalikes. „Ze had een ballonnetje in haar handen. ‘I love Dolly’, stond erop. Een paar weken eerder had ze, toen ik in de klas was, verteld dat ze op vrouwen valt.”

De samenleving is nog altijd veel te heteronormatief, zegt Douma. „Een paar jaar geleden belde mijn nichtje me. ‘Heb je al een leuke vriend’, flapte ik eruit.” Bleek ze een vriendin te hebben. „Erg hè? Blijkbaar ben ik onbewust ook een tikkeltje geprogrammeerd.”