President Weah lost zijn beloftes aan Liberia niet in

Onrust Oud-voetballer George Weah werd twee jaar geleden president van een land dat gehavend was door ebola en burgeroorlog. Sindsdien gaat Liberia verder achteruit. „Weah wil geld, macht en roem. Dat is geen geheim.”

Januari 2018: George Weah (m) arriveert bij het stadion in Monrovia voor zijn inauguratie als president.
Januari 2018: George Weah (m) arriveert bij het stadion in Monrovia voor zijn inauguratie als president. Foto Ahmed Jallanzo/EPA

Liberianen hoopten dat George Weah, ooit wereldberoemd als voetballer en inmiddels twee jaar president, hen uit de crisis zou halen. Het is hem nog niet gelukt. Sinds hij aan de macht is, gaat het economisch slechter in het West-Afrikaanse land. Of, zoals oppositie-senator Abraham Darius Dillion het verwoordde bij de BBC: „Onder Weah is de economie van het toilet naar de septic tank verschoven.”

Tienduizenden ambtenaren hebben al maanden geen salaris ontvangen. De inflatie bedroeg in september meer dan 30 procent. Duizenden Liberianen protesteerden onlangs tegen het beleid. Ze eisten dat de president zijn economische team ontslaat en beleidsmakers neerzet die de financiën op orde kunnen krijgen.

Onder de demonstranten waren ook mensen die op Weah hadden gestemd, zoals de 24-jarige IT-student Eric Boma Ben. Hij is teleurgesteld, legt hij aan de telefoon vanuit hoofdstad Monrovia uit. „Weah komt uit de sloppenwijken, gaf beurzen aan studenten en kocht schoolbussen voor ons. Hij had vóór zijn presidentschap al veel voor jongeren betekend. We dachten dat hij een van ons was en de situatie zou verbeteren.”

Maar Weah valt tegen. „Sommige mensen hebben vier of vijf maanden geen salaris ontvangen, zijn bang dat ze hun kinderen niet meer naar school kunnen sturen. ‘System down’ staat op de automaat als we geld willen pinnen.” Daardoor kunnen veel Liberianen niet bij hun geld. Op de radio vertellen mensen over hun zieke kinderen die wegens geldgebrek niet behandeld kunnen worden,

Ook de werkgelegenheid staat onder druk. Eric Boma Ben: „Vóór Weah had ik een parttime baan. Nu lijkt het onmogelijk aan werk te komen. Ik hoop dat hij naar de kritiek van de jongeren luistert. Misschien is het nog niet te laat.”

Gratis onderwijs

Weah, 53 jaar oud nu, voetbalde ooit bij topclubs Paris Saint Germain en AC Milan. In 1995 werd hij als eerste Afrikaan uitgeroepen tot Wereldvoetballer van het Jaar.

Drijvend op zijn populariteit als sporter voerde Weah een populistische verkiezingscampagne. Hij beloofde gratis onderwijs voor de jeugd en belastingverlaging voor de allerarmsten – meer dan de helft van de Liberianen leeft van twee dollar per dag. Hij presenteerde zich als vorst van de ongeschoolden, beloofde corruptie aan te pakken en won de verkiezingen. Veel Liberianen onder de 35 jaar, twee derde van de bevolking, zagen hem als rolmodel.

Een paar uur na zijn aantreden, in januari 2018, riep Weah topambtenaren en ministers die hij verving om overheidsspullen, zoals auto’s, in te leveren. En hij verlaagde zijn salaris als president. Snelle, symbolische maatregelen, die goed vielen bij kiezers.

Maar Anderson Miamen, directeur van corruptiewaakhond Center for Transparency and Accountability in Liberia, is sceptisch. „Ik wil geloven dat de intenties van de regering goed zijn, maar de publieke perceptie is dat de corruptie toeneemt”, zegt hij. „Het gaat helemaal niet goed met het land. Het vertrouwen in de politiek neemt af, de werkloosheid toe.”

Hij wil niet té negatief zijn en wijst erop dat het land nieuwe wegen aanlegt. Maar dat weegt niet op tegen alle controverses rond de regering. Zo is de centrale bank al sinds het najaar van 2018 nieuwe bankbiljetten kwijt ter waarde van 90 miljoen euro.

Een ander punt is dat Weah zich volgens Miamen zelf niet houdt aan zijn regels om corruptiepraktijken te voorkomen. Leden van de regering moeten bijvoorbeeld al hun bezittingen melden. Weah, die vlak na zijn verkiezing privé vijftig woningen liet bouwen, meldde dit vijf maanden te laat.

Eerder lekte een brief uit van negen ambassadeurs in Liberia – onder wie de Amerikaanse, de Japanse en die van de EU – aan de regering-Weah. Die zou geld van buitenlandse donoren hebben verdonkeremaand. Ook kwam een brief naar buiten aan minister Samuel Tweah van Financiën, waarin de Wereldbank miljoenen dollars terugvroeg die bedoeld waren voor schoon drinkwater en ebolabestrijding.

Lees ook: hier groeide George Weah op

Buitenlandse hulp

Weah heeft geen makkelijke baan. Hij leidt een land dat twee burgeroorlogen (1989-1997 en 1999-2003) achter de rug heeft. Daarbij vielen meer dan 200.000 doden. Bij een uitbraak van de virusziekte ebola stierven tussen 2014 en 2016 nog eens 4.000 mensen. De werkloosheid is er groot, de inkomens behoren tot de laagste ter wereld.

Liberia is sterk afhankelijk van buitenlandse hulp, handel en investeringen. Het land is rijk aan grondstoffen; belangrijke exportproducten zijn rubber, ijzererts en tropisch hardhout. Maar de bevolking profiteert er nauwelijks van.

Lakshmi Moore, hoofd van Action Aid in Liberia, een particuliere organisatie die de oorzaken van armoede aanpakt, vindt de economie te veel gericht op buitenlandse vraag. „We importeren meer dan we exporteren”, zegt ze. „Onze groenten komen uit Guinee en onze rijst uit Azië, terwijl onze eigen boeren staan te trappelen om meer te produceren.” Daar is geld voor nodig: onder meer voor machines om de landbouwproductie te vergroten.

Onder Weahs voorganger, Ellen Johnson Sirleaf (2006-2018), had het land goede toegang tot hulpfondsen. De eerste vrouwelijke president van Afrika had het voordeel van haar internationale netwerk: ze studeerde aan Harvard en werkte als econoom bij de Wereldbank en de VN. In 2011 kreeg ze de Nobelprijs voor de Vrede. Niettemin hing ook een geur van nepotisme en corruptie om haar heen. Haar zoon Charles Sirleaf zou als onderdirecteur van de centrale bank mede achter de verdwenen 90 miljoen euro hebben gezeten. Hij is in maart opgepakt op beschuldiging van misbruik van publiek geld.

„Ellen had een uitstekend publiciteitsapparaat dat haar hielp een goede reputatie op te bouwen”, zegt Charles Bennie, die enkele jaren onder de regering van Johnson Sirleaf toezag op internationale geldtransacties. Door haar faam en internationale contacten kon ze veel ontwikkelingsfondsen binnenhalen, zegt Bennie. „Weah is daar niet zo mee bezig.”

Wat de president van de 5 miljoen Liberianen wel wil, volgens Bennie, die inmiddels is geëmigreerd: „George Weah wil geld, macht en roem, dat is geen geheim. Als hij de economische situatie wil verbeteren, heeft hij onafhankelijke, deskundige mensen nodig. Hij runt het land nu met vriendjes van Charles Taylor.”

Lees ook: Hulporganisaties hebben macht in de landen waar ze werken en ze zijn moeilijk te controleren. De illusies van de hulpindustrie

Corruptie en mismanagement

Taylor, tussen 1997 en 2003 president van Liberia, zit al jaren vast wegens oorlogsmisdaden. Zijn ex-vrouw, Jewel Howard-Taylor, is nu vicepresident naast Weah. De president wordt ook bijgestaan door Charles Bright, minister van Financiën onder Taylor, en door Emmanuel Shaw, die ook Taylor adviseerde.

De Londense denktank Chatham House omschreef Weahs entourage vorig jaar als „mensen gelieerd aan corruptie en mismanagement, of met directe of indirecte banden met sleutelfiguren uit de burgeroorlog”. Continuïteit lijkt het te winnen van verandering, was de conclusie.

Door de aanhoudende invloed van dit soort mensen komt Liberia niet vooruit, zegt ook Lakshmi Moore, van Action Aid: „Sinds de laatste oorlog is er eigenlijk niet zoveel veranderd.”

Het is echt zaak dat de regering met een economisch model komt dat niet alleen op de export is gericht, zegt ze. „Anders raken alle jongeren die Weah als inspiratiebron zagen nóg meer gefrustreerd.”