Reportage

Hoe in Turkije een historisch stadje wordt opgeofferd aan ‘de vooruitgang’

Turkije Het historische Turkse stadje Hasankeyf verdwijnt onder water door de bouw van een dam. De bewoners van het nieuwe Hasankeyf vrezen dat de toeristen nu wegblijven. „Het voelt hier als een gevangenis.”

Verhuizen van het oude naar het nieuwe Hasankeyf: verplaatsing van de 15e-eeuwse Er Rizk-moskee.
Verhuizen van het oude naar het nieuwe Hasankeyf: verplaatsing van de 15e-eeuwse Er Rizk-moskee. Foto Bulent Kilic/AFP

De mannen in het theehuis van Hasankeyf staren verbitterd voor zich uit. Het zijn norse, zwijgzame mannen met grote snorren en diepe groeven in hun gelaat. Het is buiten rond het vriespunt, dus de kachel is hoog opgestookt. De geur van steenkool vult de kamer. In de hoek zitten drie mannen aan een tafel Okey (de originele Turkse versie van Rummikub) te spelen met oude houten borden en vergeelde stenen. Een wolk sigarettenrook kringelt rond hun hoofden.

Dit zijn de enig overgebleven inwoners van Hasankeyf, een twaalfduizend jaar oude nederzetting met ruim drieduizend inwoners in het zuidoosten van Turkije. De rest is eind vorig jaar verhuisd naar Nieuw Hasankeyf, een recent gebouwde stad op de andere oever van de rivier de Tigris, die eruitziet als een vinexwijk met zandkleurige huizen van één verdieping en een ommuurde tuin. De oude stad staat binnenkort onder water door de voltooiing van een stuwdam.

De meeste inwoners van Hasankeyf hebben een huis gekocht of gehuurd in de nieuwe stad, waar ze de eerste vijf jaar geen hypotheek of huur hoeven te betalen. Ondernemers zijn gecompenseerd met winkelruimte in de nieuwe bazaar. Maar vrijgezelle mannen kwamen niet in aanmerking. Noch wie niet in Hasankeyf was op 1 april 2013, toen je je moest registreren voor een nieuwe woning of winkel.

„Ik ben nooit getrouwd. Dus? Wie verzint zulke regels? Het is niet eerlijk”, moppert Ali Aslankalic. Aan de rand van de Tigris staart hij voor zich uit. Rechts liggen de restanten van een middeleeuwse brug die Marco Polo nog zou zijn overgestoken, links de oude stad. De omringende kalksteenrotsen herbergen duizenden door mensen gemaakte grotten, honderden eeuwenoude monumenten en een uniek ecosysteem van kloven en ravijnen. De vallei is een indrukwekkend openluchtmuseum, dat bezoekers uit heel de wereld trekt.

Aslankalic had een huis en twee winkels in de oude stad. Toen hij hoorde dat hij niet in aanmerking kwam voor compensatie, stak hij die in een vlaag van woede in brand. Nu moet hij in leegstaande huizen slapen. De situatie heeft zijn kansen op de huwelijksmarkt niet bepaald vergroot.

Het water heeft inmiddels de rand van de oude stad bereikt. De achterblijvers hebben een proces aangespannen tegen de staat om alsnog een nieuwe woning te krijgen. Ze zijn hoopvol dat ze in het gelijk worden gesteld. Maar dat kan nog maanden duren.

Historische grotwoningen in Hasankeyf worden bedreigd door het water. Foto Burak Kara/Getty Images

Er valt niets meer te redden

Vanwege de aanleg van de dam zagen de bewoners de afgelopen jaren een stoet van journalisten, academici, demonstranten en ambtenaren aan zich voorbijtrekken. Het laatste protest was in oktober. Nu hebben ze geen zin meer om vragen te beantwoorden. Er valt toch niets meer te redden. „Waarom ben je vijf jaar geleden niet gekomen om ons te helpen?”, bijt Aslankalic de bezoekende journalist toe.

De Ilisu-dam die Hasankeyf onder water zet, is bedoeld om het zuidoosten te ontwikkelen. Het project moet 3.800 gigawatt uur aan stroom produceren voor de regio Batman en jaarlijks 1,3 miljard lira (194 miljoen euro) opleveren. De Ilisu-dam is de belangrijkste van 22 dammen die worden aangelegd als onderdeel van het Zuidoost-Anatolië Project, dat voor irrigatie moet zorgen, werkgelegenheid moet creëren, en moet voorzien in de groeiende energiebehoefte.

Het doel is niet omstreden, het offeren van erfgoed wel. Niet alleen vanwege de historische waarde, ook omdat de lokale bevolking niets werd gevraagd, terwijl zij economisch afhankelijk zijn van de monumenten. Maar asfalt en beton zijn in Turkije belangrijker dan het behoud van antiquiteiten. Grote bouwprojecten zijn de motor van de economie. Die worden door velen gezien als de vooruitgang.

Bovendien heeft de overwegend Koerdische regio Batman de hoogste werkloosheid van Turkije. Zeker een kwart zit zonder baan. Veel inwoners van Hasankeyf en de omringende dorpen leven in armoede. Het zijn voornamelijk seizoenarbeiders die ’s zomers werken voor grootgrondbezitters in de regio, en ’s winters bij grote bouwprojecten door heel Turkije. Tot de jaren zeventig woonden de meeste mensen in Hasankeyf zelfs nog in grotten.

„Mijn vader zei dat het leven beter was in die tijd”, zegt Arif Ayhan (43), eigenaar van een broodzaak in de bazaar van Nieuw Hasankeyf. „Toen premier Süleyman Demirel in de jaren zestig een bezoek bracht aan deze regio, en zag dat veel mensen nog in grotten leefden, beloofde hij huizen voor hen te bouwen. Maar de nieuwe woningen waren klein en hadden geen elektriciteit of stromend water. Gezinnen met tien kinderen moesten vijftig vierkante meter delen.”

Het verlaten dorp Koctepe loopt al onder.
Foto Burak
Kara/Getty
Images

Uitzicht op middeleeuwse brug

Dan zijn de omstandigheden in Nieuw Hasankeyf een stuk beter. De huizen zijn groter, moderner en hebben binnen een toilet in plaats van buiten. Sommige jongens hebben in de ommuurde tuin al een schuurtje gebouwd, waar ze wedstrijdduiven houden en stiekem jointjes roken. Daarnaast heeft Hasankeyf nu een ziekenhuis, een universiteit, een bibliotheek en een sporthal met een tennisbaan en een basketbalveld.

Maar er zit nog weinig leven in de stad. Ayhan zit buiten de nieuwe bazaar thee te drinken. Zijn zaak is net een paar weken open, veel klanten zijn er niet. Er hangen draden uit de muur op plaatsen waar lampen moeten komen. Veel andere winkels zijn nog leeg. Verderop staat een groepje mannen rond een ton met vuur. Ayhan komt thee brengen en warmt zich aan de vlammen. „Het voelt hier als een gevangenis”, zegt de eigenaar van een kebabzaak. Meer wil hij niet kwijt.

Veel inwoners zijn niet te spreken over Nieuw Hasankeyf. De huizen liggen ver uiteen, waardoor mensen minder snel bij elkaar langs gaan. Er is nauwelijks werk. Veel ondernemers zijn niet blij met hun nieuwe winkel. Bilal Basaran, die een restaurant had in de oude stad met magnifiek uitzicht op de middeleeuwse brug: „Ik had dertig man personeel. Ze hebben me een plek in de nieuwe bazaar gegeven, maar die is niet geschikt voor een restaurant, hooguit voor een theehuis.”

Inmiddels is Basaran wanhopig op zoek naar ander werk. „Ik voel me als een vis op het droge. Ik heb vier schoolgaande kinderen. Soms kan ik ze niet eens lunchgeld geven.” Plannen heeft hij wel, grote zelfs. „Ik wil een hotel bouwen aan het meer. Maar hoe moet ik aan geld komen? En waarom zouden toeristen hierheen komen als het historische karakter van Hasankeyf is vernietigd?”

Lees ook: Turken houden watergevecht

De belangrijkste monumenten zijn ontmanteld, vervoerd en herbouwd in een archeologiepark in Nieuw Hasankeyf. De dertig meter hoge minaret bijvoorbeeld, en 785 van de 1.150 graven uit de oude begraafplaats. Ook de tombe van Zeynel Bey, de enig overgebleven constructie uit het vijftiende-eeuwse Rijk der Witte Schapen, werd naar de nieuwe stad gebracht.

Maar honderden andere monumenten zullen worden verzwolgen door het water. „Het verplaatsen van enkele monumenten is als de slagroom van de taart halen”, zegt de Turkse historica Oya Pancaroglu. „Dit is een unieke vallei. Eeuwenlang was Hasankeyf een strategische plek op de grens tussen de christelijke en islamitische wereld. Alle grote rijken hebben er hun sporen nagelaten.” Ook is er volgens haar relatief weinig archeologisch onderzoek gedaan. „Er was nog veel te bestuderen, veel waardevolle informatie zal verloren gaan.”

Voetgangersbrug

Het archeologiepark maakt een steriele en aangeharkte indruk. De monumenten liggen vlakbij de nieuwe bazaar, waar ook een hotel moet komen. Bouwvakkers leggen de laatste hand aan een stenen voetgangersbrug naar het nieuwe archeologiemuseum, dat middenin een bouwplaats ligt. Naast de oude minaret staat een grote hijskraan.

Het museum moet een toeristische trekpleister worden. Hoewel de ingang onder het bouwstof zit, blijkt het al open te zijn. Er lopen zelfs enkele bezoekers rond tussen de 1.453 historische objecten, zoals aardewerk, jachtvoorwerpen en sieraden uit het stenen tijdperk, de brons- en ijzertijd, en de Romeinse, Artuqidische en Ottomaanse periodes. Ze worden in chronologische volgorde vertoond, verlevendigd met poppen en video’s. Volgend jaar moeten er vierduizend objecten zijn.

Het oude Hasankeyf trok jaarlijks zo’n 500.000 bezoekers, een belangrijke bron van inkomsten. Arif Ayhan vreest dat de stad door de verhuizing zijn authentieke karakter kwijtraakt en dat toeristen wegblijven. „De laatste jaren kwamen er al minder omdat de strijd met de [Koerdische terreurbeweging, red.] PKK weer was opgelaaid”, zegt Ayhan. „Steeds meer jongeren vertrekken naar de grote steden omdat hier geen werk is. Ik vrees dat de verhuizing onze doodssteek zal zijn.”

Het toerismeseizoen begint in april, dan gaan veel winkels in de nieuwe bazaar open. „We zullen zien hoeveel bezoekers er komen”, zegt Ayhan. „De regering heeft in ieder geval beloofd om toeristen naar Hasankeyf te sturen voor het nieuwe archeologiepark.” In de winter verdienden winkeliers aan bussen en vrachtwagens die stopten in Hasankeyf. De nieuwe weg loopt niet door de nieuwe stad, dus ook die inkomsten vallen weg.

Foto Burak Kara/Getty Images
Familie onderweg naar en aan het werk in hun nieuwe huis.
Foto Burak Kara/Getty Images
Verhuizen van het oude naar het nieuwe Hasankeyf.
Foto’s Burak Kara/Getty Images

Kampvuur in een theehuis

De oude stad is uitgestorven. Een vader en zoon slaan met een sloophamer de ruiten van hun internetcafé in, om daarna de houten kozijnen eruit te halen. Ze moeten tenslotte warm blijven in de winter.

Twee tieners zitten bij een kampvuur in het open theehuis van hun familie. Het is gevestigd in een oude grotwoning met prachtig uitzicht over de Tigris. In een nis hangen wensen die klanten hebben achtergelaten in betere tijden. De twee bewaken de spullen die nog niet zijn verhuisd, want er wordt veel gestolen, vooral bouwmateriaal. Om de verveling te verdrijven, roken ze sigaretten en kijken ze videoclips op hun telefoon.

Sommigen willen tot het bittere einde in de oude stad blijven, zoals schoenmaker Mehmet Yildirim, een oude baas met een gegroefd gezicht en een muts op zijn hoofd. Voor het raam van zijn winkel hangt een rij schoenveters. Daarachter staan zwarte herenschoenen, glimmend van het vet. „Ik heb nog steeds klanten”, zegt Yildirim, terwijl hij het volume van de krakende radio lager zet. „Wat moet ik in Nieuw Hasankeyf doen? Er is daar niets voor mij.”

Yildirim kwam niet in aanmerking voor een nieuw huis, hij wacht op de uitkomst van de rechtszaak tegen de staat. „Ik heb drie kinderen, van wie er een medicijnen studeert aan de universiteit in Malatya. Hoe moet ik hun studie betalen? Ik heb me twintig jaar ingezet voor de AKP [de partij van president Erdogan, red.], tijdens verkiezingscampagnes hielp ik met het werven van stemmen. Nu laat de partij het afweten. Bij de volgende verkiezingen krijgen ze mijn stem niet meer.”

Soms verlangt Yildirim terug naar het leven in de grotten, toen hij als schaapsherder maandenlang met zijn kudde door de bergen trok van Batman naar Van, een stad aan de Iraanse grens. „Een geweldige tijd. De grotten waren in de winter warm en in de zomer koel, er was alleen geen elektriciteit en stromend water. Ik had een groot gevoel van vrijheid.”