Hoe een schrijver een stad tot literatuur maakt

Literaire plekken Guus Luijters schrijft over Amsterdam in de literatuur en de literatuur in Amsterdam.

Kan je in Dublin ook maar een stap zetten zonder aan Ulysses te worden herinnerd? Het lijkt me niet eenvoudig. Je moet wel over een ijzeren zelfbeheersing beschikken om niet meteen na aankomst, je koffer nog onuitgepakt op je troosteloze hotelkamer, naar Eccles Street 7 te gaan om daar het in 1967 afgebroken huis te bekijken, waarin Leopold Bloom en zijn Molly nooit hebben gewoond. Behalve in Ulysses natuurlijk, het meesterwerk van James Joyce dat laat zien hoe een schrijver een stad tot literatuur maakt en hoe de literatuur vervolgens de stad verandert. Want Dublin is na dit boek nooit meer het Dublin van daarvóór geworden.

Als Leopold Bloom in het wonderbaarlijke vierde hoofdstuk zijn roman binnenwandelt, is hij bezig Molly’s ontbijt te maken, en hij denkt aan niertjes, aan schapeniertjes met hun vluchtige nasmaak van urine, terwijl hij praat met de kat. „Zo, zit je daar?”, zegt hij. „Melk voor poessie. Ze is bang voor de kippetjes. Bang voor de toktoks. Nooit heb ik zo’n dom poessie gezien als ons poessie hier.” Even later gaat hij naar slager Dlugacz op de hoek van Dorset Street en Blessington Street, het is bij hem om de hoek, om een varkensnier te kopen. Als je wilt, loop je zo met hem mee. Zoals je in het hele boek alles kunt nalopen, want Joyce’s Dublin van donderdag 16 juni 1904 is met uitzonderlijke precisie in kaart gebracht.

Het kan ook anders. Lees The Quiet American van Graham Greene en tien tegen één dat u het gevoel krijgt Saigon te kennen, zoals u na Ulysses Dublin kent. Maar eenmaal in Saigon kwam ik al snel tot het besef dat er iets niet klopte. Ik logeerde in het fameuze Continental Hotel aan Duong Dong Khoi, de voormalige rue Catinat en toen ik deze magistrale straat uitliep, drong het tot me door dat Graham Greene eigenlijk alleen de rue Catinat en een paar zijstraten heeft beschreven. Maar hij heeft het zo gedaan dat je de stad die er omheen ligt erbij denkt, om pas ter plekke tot de ontdekking te komen dat je geen idee hebt wat je erbij hebt gedacht. Een sterk staaltje, dat weer eens laat zien wat de verbeelding vermag.

Zoals Dublin zijn Ulysses heeft en Saigon zijn Quiet American, heeft Antwerpen zijn Dwaallicht van Elsschot, New York zijn Manhattan Transfer van Dos Passos, Sint Petersburg zijn Petersburg van Bely, Istanboel zijn Istanbul van Pamuk, Barcelona zijn Stad der Wonderen van Mendoza en Parijs zijn Georges Perec en Patrick Modiano.

En Amsterdam? Ik heb een reeks titels en schrijvers op papiertjes gezet en in mijn hoge hoed gegooid. Over twee weken weten we welke Amsterdam-roman als eerste uit die hoed te voorschijn is gekomen.

Guus Luijters schrijft op gezette tijden over de literaire plekken van Amsterdam.