In ‘Over mijn lijk’ is het leed al groot genoeg

Zap Er zitten veel feesten, reizen en trouwerijen in Over mijn lijk. Het met een vleugje ironie gestoffeerde medeleven van Hofman is typerend voor de toon, die nooit plechtig wordt.
Tim Hofman (links) met de zieke Jeroen en diens moeder in Over mijn lijk.
Tim Hofman (links) met de zieke Jeroen en diens moeder in Over mijn lijk. Beeld BNNVARA

Kijken naar het BNNVARA-programma Over mijn lijk is een beetje als nadenken over je eigen begrafenis. Er zijn best goede redenen om het te doen, maar er zijn meestal meer redenen om het nog even uit te stellen. Donderdag was alweer de derde aflevering van het achtste seizoen.

‘Ik ken je nu vijf uur en ik heb er zelden zo weinig zin in gehad dat iemand doodging”, zei presentator Tim Hofman vorige week toen hij in een skichalet zat met de 29-jarige Jeroen en diens vrienden. Of Hofman nou wil of niet: Jeroen gaat dood, hij heeft een ongeneeslijke hersentumor. Eigenlijk kan het elk moment definitief misgaan in zijn hoofd; intussen plukt hij de dagen. Het met een vleugje ironie gestoffeerde medeleven van Hofman is typerend voor de toon van Over mijn lijk, die nooit plechtig wordt. Hier is het leed groot genoeg om voor zichzelf te zorgen – het hoeft niet te worden uitvergroot.

De scènes komen toch wel aan, bijvoorbeeld als je ziet hoe de 31-jarige Lotte een schatkist klaarmaakt met spullen die haar dochters van 2 en 4 later moeten helpen zich hun moeder te herinneren. Of als je ziet hoe Mirjam zich op haar dertigste verjaardag soms even uit een hangmat hijst om met familie en vrienden te praten. ‘Happiness is a piece of cake’ staat er op het taartmes.

Hofman is erbij op momenten waarop het einde heel dichtbij komt, zoals tijdens het doorspreken van een euthanasieverklaring met familie, waarbij de arts met kleine grapjes probeert de zwaarte te beperken: „Het is geen vast contract. Het is niet zo dat als dit gebeurt, ik jou dood kom maken.”

Wanneer Hofman langsgaat bij Lotte op het moment dat zij een chemokuur ondergaat, blijkt ze ontspannen met hem te kunnen babbelen. „Je doet een chemo alsof je een ijsje haalt”, zal hij later tegen haar zeggen. De makers proberen weinig in te breken in de levens van de hoofdpersonen: Hofman zit vaak op de achtergrond, wordt op zware momenten buiten beeld gehouden.

Er zitten veel feesten, reizen en trouwerijen in Over mijn lijk. De vijf zieken in het programma hebben zich allemaal voorgenomen om het maximale te peuren uit het leven dat hun nog rest, zoals ze ook allemaal benadrukken dat het niet de dood is die hun angst aanjaagt, maar het verdriet van de achterblijvers. „Ik zou niet met hem willen ruilen”, zegt Mirjam ergens gedecideerd over haar man.

De verwarring die ook bij de fatale diagnose hoort, komt sprekend naar voren bij een bezoek dat Alex (hij heeft een hersentumor) met zijn vriendin Linda brengt aan een begraafplaats. Hij wil daar wel liggen. Zij voelt meer voor een crematie, ook al omdat ze met hun zoontje misschien wil verhuizen naar Limburg, waar ze vandaan komt. „Ik wil niet naar Limburg”, zegt Alex.

Linda vraagt zich af of hij niet deels gecremeerd kan worden. Dan kan zijn lichaam worden begraven terwijl zij de as van bijvoorbeeld een vinger bij zich houdt. Er volgt een behoorlijk lange dialoog over wat er mogelijk is („heel veel”, volgens de vrouw van de begrafenisonderneming), die in al zijn absurditeit van alles zegt over angst en verdriet.

Heel alledaags sluipt de dood naderbij. Lotte denkt al aan het moment waarop ze het met haar dochtertjes moet hebben over „mogelijke gevolgen in de toekomst”. Het is de eerste keer dat ze het woord ontwijkt dat onophoudelijk boven alle gesprekken zweeft.

Hoe de dood, vanzelfsprekend en onbegrijpelijk, boven het hele leven zweeft – daar ben je je na Over mijn lijk weer zeer van bewust.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.