Reportage

Glamour uit de 3D-printer

Mode De Nederlandse mode-ontwerper Iris van Herpen was in 2010 de eerste met een 3D-geprint kledingstuk op de catwalk. Ze gebruikt wetenschap niet alleen voor haar materialen, maar ook als inspiratie.

Links: de Fracta; Flows dress. Rechts: de Hydrozoa dress. Foto’s Valerio Mezzanotti
Links: de Fracta; Flows dress. Rechts: de Hydrozoa dress.

Foto’s Valerio Mezzanotti

Dit jaar is het tien jaar geleden dat de Nederlandse Iris van Herpen (1984) als eerste mode-ontwerper een 3D-geprint kledingstuk op de catwalk liet zien. Het schrijven van de ‘file’, waarbij ze werd geholpen door een Britse architect, nam maanden in beslag. Ze had geluk dat een Belgisch, in medische apparatuur gespecialiseerd bedrijf bereid was haar ontwerp op eigen kosten te printen; destijds zou het haar minstens 10.000 euro hebben gekost. Een half uur voor het begin van haar show, destijds presenteerde ze nog tijdens de Amsterdam Fashion Week, werd de top bezorgd. Inmiddels maakt het revolutionaire kledingstuk deel uit van de collectie van het Metropolitan Museum in New York.

Van Herpen is nooit gestopt met haar experimenten. De eerste geprinte top was nog hard, tegenwoordig vallen haar 3D-geprinte kledingstukken soepel om het lichaam. Neem de zwarte Hypertube dress uit haar laatste collectie, voor voorjaar 2020, die ze maandag showde in het Cirque d’hiver in Parijs: een vooruitstrevende, maar elegante en sluike jurk, waarvoor een patroon witte siliconendraden werd geprint op zwarte zijde. Of de Hydrozoa dress, gemaakt van met de laser gesneden kunststof blaadjes, waaraan organza was vastgemaakt, dat was bedrukt met een door kunstenaar Shelee Carruthers geschilderde print. Omdat de blaadjes zo bevestigd zijn dat ze naar boven reiken, dansten ze bij iedere stap. Het was alsof de jurk zelf een levend organisme was.

Sensory Seas was de naam die de collectie had gekregen. Het is een verwijzing naar zowel maritiem leven, in het bijzonder de hydroïdpoliepen (hydrozoa), organismen die, aldus Van Herpen, „de oceanen borduren als waterige stoffen en zo lagen van levend kant vormen”, als de tekeningen van de Spaanse neuroanatoom Ramón y Cajal. Van Herpen gebruikt wetenschap niet alleen voor haar materialen, maar ook als inspiratie.

Het bijzondere is dat hoe verder Van Herpen komt met haar materiaalexperimenten, hoe meer glamour haar werk krijgt – zonder ooit te vervallen in rodeloperclichés. Bij de nog meest conventionele van de 21 ontwerpen die ze liet zien in haar coutureshow, viel de gedessineerde zijde asymmetrisch en vloeiend om het lichaam, alsof het model omhuld door gekleurd wier en water omhoog was gekomen na een duik.