Opinie

Er zijn meer opties dan struisvogelen bij ASML

Luuk van Middelaar

Grote geopolitieke krachten kunnen jarenlang ondergronds schuiven, om plots aan de oppervlakte te komen. In de strijd tussen de VS en China is de ASML-zaak zo’n moment. Geen aardbeving, wel een lokale trilling. Ineens voelt Nederland hoe we klem raken tussen onze machtige beschermer en een voorname klant, tussen veiligheids- en economische belangen.

Na druk vanuit het Witte Huis op premier Rutte kreeg de Veldhovense fabrikant geen vergunning voor de verkoop van een chipmachine aan een Chinees bedrijf. Of het alleen om militaire veiligheid gaat, is twijfelachtig. Dit criterium wordt hoe dan ook steeds verder opgerekt; de lijst verboden dual use-goederen – bruikbaar voor civiele en militaire doelen – groeit. De Amerikaans-Chinese strijd speelt zich ook op technologisch terrein af en daar hoort veel bij.

Bijgevolg vallen steeds grotere domeinen van ons economisch leven potentieel onder de Amerikaanse banvloek van een exportverbod naar China. ASML is nog maar het het begin. De ultieme stap, in de VS wel bepleit, is een ‘ontkoppeling’ van de Amerikaanse en de Chinese economie: het opknippen van mondiale productielijnen om de Volksrepubliek klein te houden, met als argument dat Beijing van elke verdiende yuan ook soldaten, drones of onderzeeërs kan betalen. In dit drastische scenario zou Amerika zeker aan de NAVO-bondgenoten vragen mee te doen. Dat zou een flinke aardbeving geven, met ongewisse afloop.

Wat te doen? Voorlopig kiest Den Haag voor wegkijken en uitstellen. Typerend was hoe het kabinet in de Chinanotitie van mei 2019 nul aandacht aan de VS besteedde, terwijl Washington destijds al fors druk op Den Haag, Berlijn en Londen zette om voor 5G niet met Huawei in zee te gaan. Toen was al evident dat bewegingsruimte vis-à-vis de VS de voorwaarde is voor een eigen Chinastrategie. Allicht was de stilte beleefdheid richting Washington, maar de kiezers mogen horen van onontkoombare dilemma’s – die ook onze werkgelegenheid zullen raken.

Bovendien is struisvogelen niet de enige optie. Zo kan Nederland in de EU het initiatief nemen voor gezamenlijke exportvergunningen. Voor ASML vandaag te laat, maar voor morgen nuttig. Als Europees blok van 450 miljoen consumenten kun je tegendruk uitoefenen. Dat geeft nieuw gedoe, vraagt om geven en nemen met onze partners en buren, maar is comfortabeler dan louter angstig afwachten of we wel of niet worden geplet.

Hopen dat het probleem overwaait is des te onverstandiger, omdat het Amerikaanse Chinabeleid niet alleen rust op Donald Trump. Republikeinen én Democraten bepleiten een harde koers. De afgelopen twee, drie jaar is in Washington ongekend snel een nieuwe, Congres-brede consensus over confrontatie met China ontstaan. Als presidentskandidaat vertolkte Trump in 2016 met succes electoraal ongenoegen over banenverplaatsingen en „cheating China”. Dat jaar begon ook de Amerikaanse zakenwereld de noodklok te luiden, beseffend dat China op de wereldmarkt meer wilde dan massafabricage van goedkoop spul, maar gauw met eigen bedrijven zou rivaliseren in topsegmenten van innovatie.

Voeg hierbij hoe Xi’s assertiviteit de Amerikaanse politieke psychologie van de vanzelfsprekende wereldleider tart en je begrijpt dat, ook als Trump niet wordt herkozen, Chinees-Amerikaanse botsingen in het verschiet liggen.

Zeker, Amerika’s problemen met China zijn deels de onze, van bedrijfsspionage tot mensenrechtenschendingen. Maar dat geldt niet voor alle Amerikaanse problemen met China. Om dat verschil überhaupt te kunnen opeisen – eigen afwegingen maken, eigen belangen verdedigen – moet Den Haag harder werken, thuis en in Brussel. Laat ‘ASML’ tenminste een alarmsignaal zijn.

Luuk van Middelaar is politiek filosoof en hoogleraar Europees recht (Leiden).

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.