‘Uil’ Lagarde snijdt heikele thema’s aan bij start monetaire brainstorm

Voor de ECB Christine Lagarde, president van de Europese Centrale Bank, gaf donderdag het startschot voor een brede evaluatie van het monetaire beleid.

ECB-president Christine Lagarde, getooid met uil-broche, donderdag op de persconferentie na de ECB-bestuursvergadering.
ECB-president Christine Lagarde, getooid met uil-broche, donderdag op de persconferentie na de ECB-bestuursvergadering. Foto Daniel Roland/AFP

Madeleine Albright, oud-minister van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Staten, communiceerde via een opvallende broche altijd een politieke subtekst. Zo ook ECB-president Christine Lagarde. Donderdag liet ze middels een broche weten waar zij staat in het monetaire debat: op haar colbert prijkte tijdens haar persconferentie een markante uil.

Lagarde wil graag de wijze ‘uil’ zijn in het tussen ‘duiven’ en ‘haviken’ verdeelde, 25-koppige ECB-bestuur. ‘Duiven’ steunen het huidige monetaire beleid van de ECB, met ultralage rentes en massale geldinjecties in de financiële markten. De ‘haviken’, zoals het Nederlandse bestuurslid Klaas Knot, zien graag een terughoudender beleid.

Lees ook: Vergroening ECB moet wachten op consensus

Het doel van Lagarde is om de koppen van de haviken en de duiven dezelfde kant op te krijgen in een grote evaluatie van het beleid van de ECB. Donderdag gaf ze het startschot van een grote brainstorm, die eind dit jaar afgerond moet zijn. Niet alleen bestuurders, maar ook maatschappelijke organisaties en burgers gaan meepraten. Het moet gaan over eigenlijk álles wat de ECB aangaat. Over het inflatiedoel van ‘onder maar vlakbij de 2 procent’, dat leidend is voor het monetaire beleid. En over trends als vergrijzing, de opmars van technologie en klimaatverandering. Vijf lastige kwesties.

1 Hoe hoog moet het inflatiedoel worden?

Lagarde zei dat lange termijntrends die de inflatie drukken, zoals de vergrijzing en lage productiviteitsgroei, „nog lang zullen aanhouden”. Dat roept de vraag op of de ECB wel bij machte is het huidige inflatiedoel structureel te halen. Al meer dan vijf jaar staat de rente negatief en de opkoop van staats-en bedrijfsschuld begon krap vijf jaar geleden. Toch ligt de inflatie rond de nul. Logischer lijkt een flexibeler inflatiedoel met een grotere bandbreedte, zoals Knot heeft voorgesteld. De Duitse vereniging van banken bepleit een inflatiedoel van tussen de 1 en 2 procent. Maar de ‘duiven’ zullen dat niet snel accepteren: zij willen een buffer tegen deflatie, een gevaarlijke negatieve prijsspiraal zoals in de jaren 30.

2 Moeten de huizenprijzen worden meegerekend in de inflatie?

Het klinkt technisch, maar het is van groot belang: hoeveel gewicht ken je aan de huizenprijzen toe in de inflatie? Sinds medio 2015 zijn de huizenprijzen in de eurozone met zo’n 20 procent gestegen. Maar de lasten van huizenkopers worden in de door de ECB gebruikte inflatie-index (HICP) niet meegenomen. Huurlasten tellen wel mee, maar beperkt. Volgens critici, zoals de organisatie Positive Money die zich inzet voor een „eerlijk geldsysteem”, moet dat anders. Bij een groter gewicht van woonlasten in de inflatie-index zou die index ‘vanzelf’ hoger liggen. Lagarde beschreef het meenemen van de koopwoningmarkt in de inflatie als „eindeloos ingewikkeld”. Eurostat, het statistiekbureau dat de index samenstelt, praat er al jaren over, maar zonder resultaat.

3Moeten de stemverhoudingen in het bestuur openbaar worden?

Communicatie is een ander lastig thema. Beleggers en maatschappelijke organisaties vinden dat de ECB, ook vergeleken met andere centrale banken, weinig open is over bestuursvergaderingen. De Amerikaanse Federal Reserve laat na elk monetair besluit weten hoe ieder bestuurslid gestemd heeft. Moet de ECB dit ook doen?

Er kleeft voor de ECB nogal een risico aan het Fed-model. Binnen de ECB werken negentien landen samen. Als zwart op wit staat hoe nationale centrale bankgouverneurs stemmen, kan dat de tegenstellingen tussen de landen van de eurozone verscherpen.

Lees ook De dompteurs van de economie evalueren hun eigen monetaire beleid

4Hoeveel ruimte moeten critici van de ECB krijgen?

Lagarde suggereerde dat alle nationale centrale banken, zoals De Nederlandsche Bank, een rol krijgen in de evaluatie. De ECB wil gaan „luisteren” naar „de verwachtingen van mensen”, en in „hun taal”. Dat lijkt te duiden op bijeenkomsten in de lidstaten, waarin ook burgers iets te zeggen krijgen. Te verwachten valt dat dan ook de klachten over de negatieve bijwerkingen ECB-beleid luid en duidelijk zullen klinken, bijvoorbeeld in Nederland, waar de lage rente leidt tot zorgen over de dekkingsgraad van pensioenfondsen. Het ‘luisteren’ kan zo ook een publiciteitsrisico worden voor de ECB: het kan heel wat kritiek gaan opleveren.

5Is de strijd tegen klimaatverandering iets voor de centrale bank?

De strijd tegen klimaatverandering is „ieders verantwoordelijkheid”, zei Lagarde. Dit wordt een prominent thema in de evaluatie. En een lastig thema. De ECB belegt al duurzamer in het eigen pensioenfonds, waar zo’n miljard euro in zit. Ook in haar reserves (rond de 20 miljard) heeft de ECB de groene beleggingen opgeschroefd, zei Lagarde. Maar de echte groene lakmoesproef zal verduurzaming zijn van de veel grotere portefeuille van opgekochte bedrijfsobligaties (tot dusver: 183 miljard euro) en van het onderpand van banken bij de ECB (waaronder 380 miljard aan gedekte leningen). Lagarde wil dit gaan onderzoeken, maar verwoordde zelf al enkele bezwaren die leven tegen zo’n ‘groen’ monetair beleid. Is dat niet strijdig met het mandaat van prijsstabiliteit? Zal dat er niet toe leiden dat anderen juist mínder voor het klimaat gaan doen? En toch, zei Lagarde. „Als je niets probeert, heb je eigenlijk al gefaald.”