Opinie

Moppereend

Marcel van Roosmalen

Vanwege de Nationale Voorleesdagen was mij gevraagd om in de klas van mijn oudste dochter (4) te komen voorlezen. De juf had het boek Moppereend van Joyce Dunbar en Petr Horácek uitgekozen. Dat was natuurlijk geen toeval, vond ze thuis – ze kwam niet meer bij.

Zelf zie ik mezelf niet als ‘moppereend’, eerder als een realistische eend, en ik was natuurlijk liever met een ander dier dan een eend vergeleken.

Een hond, desnoods een poes.

„Nou dit dus”, zei de vriendin, „altijd iets te zeuren.”

Het voorlezen ging naar behoren.

Ik zal niet zeggen dat de kinderen aan mijn lippen hingen, maar ze deden heel erg hun best om interesse te veinzen. Best knap, want het verhaal – het gaat over een eend die pas vrolijk wordt als het helemaal aan het eind dan eindelijk gaat regenen – heeft nul diepgang.

Toen ik klaar was werd er geklapt.

„Eindelijk”, zei een jongetje toen ik het boek dichtsloeg, maar mijn dochtertje was ronduit trots.

Als dank gingen ze speciaal voor mij nog wat liedjes over konijnen zingen.

Een paar uur later, bij het ophalen, werd ik nu ook herkend door de jongste generatie dorpsgenoten.

„Dat is de moppereend”, wees een jongetje.

Met een beetje goede wil kon je de instemming van het gezicht van zijn moeder scheppen. Het was louterend, het besef daalde in dat er voor mij niets anders opzat dan het vooroordeel te omarmen: ja, ik was de moppereend van Wormer.

Nog geen kwartier later werd me in de koffiesalon in de Dorpsstraat door een dorpsgenote aangewreven dat mijn vriendin bij een item over treurige plekken in DWDD in een bijzin had gezegd dat ze niet vrolijk werd van winkelcentrum Plaszoom. Zelf vond de vrouw die het me toebeet het winkelcentrum ook heel lelijk, maar moest dat allemaal worden benoemd?

Even later ging het over het debiele programma Married at First Sight, daarover waren ze daar dan wel enthousiast. Een van de kandidaten werkt in het bedrijfspand naast de kringloopwinkel in Wormer. De avond ervoor was hij op televisie geweest terwijl hij met een paar dorpsgenoten met een kunstlul voor zijn neus zijn vrijgezellenavond in Amsterdam vierde.

Ik vind met een kunstlul voor je neus op televisie komen erger dan het ventileren van wat architectuurkritiek, maar ik ben dan ook een moppereend, een vreemde vogel die niet anders kan dan schijten op het eigen nest en die zichzelf ook heus weleens afvraagt waarom hij op de verkeerde plek is neergestreken.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.