Macron geeft Franse ‘digitaks’ weg

Techbelasting Frankrijk zou als eerste EU-land een techbelasting gaan innen. Na een belletje tussen Macron en Trump lijkt dat van de baan.

Een telefoontje kan soms wonderen verrichten – als je tenminste een bedrijf bent en niet zoveel zin hebt om belasting te betalen.

In Frankrijk zou dit jaar voor het eerst een speciale techbelasting worden geïnd: een heffing op grote (vrijwel uitsluitend Amerikaanse) techbedrijven, die wel hun producten verkopen aan de Fransen en daar veel geld mee verdienen – maar geen fysieke vestigingen in het land hebben en daar dus niet konden worden belast.

Het idee achter die belasting: dat de bedrijven een eerlijker bijdrage leveren aan de samenleving. Nu zijn ze vaak gevestigd in ‘fiscaal aantrekkelijke’ landen en schuiven ze winsten heen en weer, waardoor ze nauwelijks belasting betalen. Techgiganten als Google, Amazon en Apple keken niet uit naar de Franse heffing.

Sinds zondag lijkt dat gevaar voor de techreuzen ook geweken. De Franse president Emmanuel Macron belde die dag met zijn Amerikaanse tegenhanger, Trump, die eveneens ageert tegen de belasting. Trump acht die niet ‘fair’ en ‘protectionistisch’. Frankrijk benadeelt in zijn ogen hardwerkende Amerikaanse ondernemers. Trump dreigde al een tijd met vergeldingsmaatregelen. Wat de twee precies bespraken, bleef een paar dagen geheim, maar de Franse zakenkrant Les Échos zegt inmiddels te weten wat er is bekokstoofd: Macron zou hebben toegezegd de belasting dit jaar niet te innen, en Trump zou afzien van nieuwe importheffingen op Franse exportproducten zoals champagne en camembert – ter hoogte van maximaal 2,4 miljard dollar (2,2 miljard euro).

In de tussentijd zou de OESO, de club van rijke industrielanden, zich verder kunnen buigen over een internationale belasting op multinationals en grote techbedrijven. Als die er aan het eind van dit jaar mogelijk komt, kan de Franse digitaks voorgoed in de prullenmand. De twee leiders zouden woensdag in Davos mogelijk hun ‘bestand’ officieel bevestigen.

Voor voorstanders van de aanpak van belastingontwijking moet het een teleurstelling zijn. Belastingontwijking is, anders dan belastingontduiking, niet illegaal, maar wordt internationaal wel steeds meer gezien als een groot probleem. Bedrijven die hun belastingdruk tot soms nagenoeg nul weten te reduceren via vernuftige constructies, ondermijnen de solidariteit binnen samenlevingen, luidt de kritiek. De Fransen zouden het eerste Europese land zijn dat daadwerkelijk een techbelasting ging innen. Dat precedent is voorlopig van de baan.

Andere landen hebben ook – vergevorderde – plannen voor een speciale techbelasting, het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld en Italië. Maar of die er echt gaan komen, is eveneens onzeker. De Britse regering heeft de verwachte inkomsten van de techbelasting al in de begroting voor volgend jaar opgenomen. Op papier is het dus een kwestie van uitvoeren.

Maar sommige experts verwachten dat de belasting inzet gaat worden van de handelsbesprekingen tussen het VK en de Verenigde Staten dit voorjaar. Na de Brexit op 31 januari moeten de landen een nieuw handelsakkoord sluiten. Trump zal in de uitkomst van de twist met de Fransen allicht een herbevestiging zien dat druk zetten werkt.

Of de OESO erin slaagt eind dit jaar tot een akkoord te komen over een internationaal belastingsysteem, is de vraag. De club werkt, op verzoek van zo’n 130 landen, al twee jaar aan dat plan, dat recht moet doen aan de „mondiale economie van de 21ste eeuw”. Vorige zomer kwam de OESO met een eerste opzet. Maar de onderhandelingen gaan tergend langzaam (een van de oorspronkelijke redenen voor Macron om met zijn eigen belasting te komen). De VS liggen sinds het begin dwars. Vorig jaar schoof het land eindelijk weer aan bij de onderhandelingen – om in december met een voorstel te komen dat direct werd verworpen door de Fransen.

Voor internationale belastingafspraken was het sowieso een slechte week. Dinsdag dreigde Oostenrijk zich terug te trekken uit de onderhandelingen over een Europese belasting op financiële transacties. Die belasting (een kleine heffing op de handel in financiële producten) werd, inmiddels alweer bijna tien jaar geleden, voorgesteld door een groepje van elf Europese landen en is bedoeld om de financiële sector mee te laten betalen aan de kosten van de financiële crisis.

Het plan leek al weinig kans van slagen te hebben – veel andere Europese landen, waaronder Nederland, willen er niet aan. Maar de kans op succes is nu nog verder geslonken. Oostenrijk is het niet eens met het voorstel dat op tafel ligt. Duitsland wil alleen belasting heffen op aandelentransacties. Oostenrijk wil ook de „zeer risicovolle” handel in complexe financiële producten belasten, zoals derivaten. De aandelenmarkt is weliswaar voor gewone mensen het beste te bevatten en zo’n heffing komt dus daadkrachtig over bij kiezers. Maar de ‘alternatieve’ financiële markten zijn vaak vele malen groter als het gaat om de bedragen die erin omgaan.

In Brussel verwelkomde de lobbyclub voor techbedrijven de koerswijziging van Macron. Trump en Macron feliciteerden elkaar op Twitter met het resultaat van hun telefoongesprek. De Amerikaanse minister van Financiën Steve Mnuchin liet weten dat hij hoopt dat Italië en het VK hun techbelasting nu ook gaan heroverwegen. „Zo niet, dan zullen ze te maken krijgen met de tarieven van Trump.”

Macron is vermoedelijk ook niet ontevreden. Toen hij de belasting aankondigde, zat daar mede een binnenlands politieke agenda achter: het was een van de eisen van de gele hesjes. Zij wilden dat het ‘grootkapitaal’ zwaarder werd belast. Maar hij heeft ook vanaf het begin gezegd dat de techbelasting niet permanent hoefde te zijn – als de OESO met een goed plan zou komen, kon die van tafel.

Zo bezien lijkt het schrappen van de belasting wisselgeld dat Macron relatief pijnloos kon weggeven in het harde machtspolitieke spel met Trump – een spel dat Macron als een van de weinige Europese leiders goed lijkt mee te kunnen spelen.

Maar dan moet de OESO wel doorkomen. De man die verantwoordelijk is voor het fiscale beleid bij de organisatie, is een Fransman, Pascal Saint-Amans. Misschien heeft Macron van hem enige geruststelling gekregen. Maar voor de zekerheid heeft Macrons minister van Financiën Bruno Le Maire al laten weten dat de belasting dan gewoon weer op tafel ligt. Met terugwerkende kracht over 2020.