Recensie

Recensie

Deze puike ‘Peuzjopel’ is onverwacht prettig

Autotest De Opel Corsa, Duitser onder Franse vlag, is een puik stukje fusion, vindt .
De Opel Corsa 1.2 Turbo
De Opel Corsa 1.2 Turbo foto Merlijn Doomernik

Al maak ik meer week sturende auto’s mee, bij de nieuwe Opel Corsa grenst de spiersparende inzet van de stuurbekrachtiging aan het absurde. Het roer glijdt met nul weerstand als een mes door lauwe boter. Zo licht stuurden Amerikanen vroeger. Maar daar draaide je je een slag in de rondte zonder dat het schip merkbaar van koers veranderde. De Opel reageert wél en heviger dan je fysiek ervaart. Een ferme hand geeft al snel meer verandering van richting dan je bocht hebt. Iets meer feedback is dringend aanbevolen.

Wie zou bij Opel over de besturing gaan? Aanname: Opel-ingenieurs lezen geen opiniebladen en kijken niet naar talkshows, weten niets van intersectionaliteit of genderspectra. Ze zien hun Corsa nog cro-magnon als een vrouwenauto. Hoe moet hij sturen? Superlicht. Het zwakke geslacht, jawohl. Misschien hebben ze een frèle Opel-secretaresse met RSI-klachten als proefkonijn gebruikt. Je ziet de wervingsprocedure voor je. „Liebe Käthi, machst du mit?” Natuurlijk, bevel is bevel! Ze krijgt als eerste het autootje te zien. Ze weet wat mannen willen horen: „Heren, wat een schatje!” Ze rijdt een rondje op het testparcours in een Duits Opel-woud en keert met lamme armen in de pits terug. Ingenieur: „Zo goed?” „Ach, lieber Gott, Herr Doktor, ik sjor me een ongeluk. Overal Schmerzen.” Next: de techneuten vetten het stuurhuis in met vaseline, spuiten een spierverslappende substantie in de servopomp, tot de gekwelde testvrouw eindelijk tot zaligheid geraakt. „Herrlich.”

De kans is trouwens groot dat ze Chantal heette en Frans sprak. Voor wie het nieuws miste: General Motors verkocht Opel in 2017 aan PSA, huis van Peugeot en Citroën, dat het oer-Duitse merk in ijltempo gallificeerde. Drie jaar na de overname staat de nieuwe Corsa op het platform van de Peugeot 208. De Corsa-driecilinder; van Peugeot. De ruimte achterin is marginaal beter, en als mijn herinnering aan de Franse huisgenoot me niet bedriegt zijn de voorstoelen iets Germaanser van formaat. Toch is dit, rein objektiv betrachtet, de eerste ‘Peuzjopel’. Duitser onder Franse vlag, Marseillaise in lederhosen. Hoe kan het merk zo’n bastaard nog als Duits product verkopen? Recente Opel-slogans, nog niet droog achter de oren, zijn platgelopen door de Franse horden. Wir leben Autos? Quatsch. Wij lénen auto’s. Duitse technologie voor iedereen? Het wordt lang zoeken.

Nu het design. Daar zullen we toch iets van moeten vinden. De achterlichten hebben een vorm die ook een andere had kunnen zijn en dat geldt eigenlijk voor alles aan de Corsa. Het design is één grote omtrekkende beweging, bedoeld om de nageboorte niet te veel op de Peugeot te laten lijken die hem voortbracht. Binnen zijn de Opel-designers er met het beetje mandaat dat ze hadden toch in geslaagd een trendwerende Bürgerstube te creëren. Waar Peugeots digitale dashboards minimalistisch schrander naar de Apple-wereld lonken, is de Corsa met zijn analoge klokken en Duits pseudo-hip gestreepte meubilair voor stijlimmune Corendonmensen met budgetlaptops van een postorderbedrijf.

Onregelmatigheden

De afwerking van de beplating is trouwens geen wonder van Duitse gründlichkeit. Strijk met de wijsvinger over de naden tussen motorkap en voorschermen en je voelt onregelmatigheden. Enfin, bij de voorserie-exemplaren van de 208 was het erger.

Daarvan afgezien is de verder degelijk aanvoelende Corsa een onverwacht prettige, comfortabele auto. Het 100 pk sterke driecilindertje heeft geen enkele moeite met de 1.080 kilo zware Opel. Het is een ideale mix van sterk en zuinig, 1 op 20. Wel beveel ik geïnteresseerden een ‘Peugeautomaat’ aan. Het meest Opeliaanse stuk techniek in de Corsa is helaas meteen de zwakste schakel. De handgeschakelde zesbak met de Opel-typisch lange pook en omstandige schakelwegen blijkt in randstedelijk verkeer onaangenaam gezelschap. De versnellingen zijn bovendien te lang. De schakelindicator op het dashboard adviseert pas rond de tachtig de gang van vier naar vijf en de hoogste versnelling gebruik je uitsluitend op de snelweg.

Anderzijds zitten er toffe Grote Auto-Dingen op als de niet hoog genoeg te prijzen adaptieve grootlichtfunctie, die de koplampen in het donker zelfstandig op max zet en dimt voor tegenliggers, en een cruise control die voorliggers automatisch op afstand houdt. Die grotemensenluxe voor het volk is typisch Opel, volgens Opel. Maar was al typisch Peugeot, en typisch Ford. De reclame voor Peuzjopels zingt voortaan de lof van alle Corendonmobielen. Maar wie op zoek is naar een Frans stukje techniek met Opel-sfeer heeft er een puik fusion-adresje bij.