Aan de Akbarstraat is afglijden zo gebeurd

Zap Felix Rottenberg keert achttien jaar later terug naar de Amsterdamse Kolenkitbuurt en laat zich in zijn eigen programma de les lezen over integratie.

Habil Görgülü heeft als loodgieter „het land helpen opbouwen". Rechts: Felix Rottenberg.
Habil Görgülü heeft als loodgieter „het land helpen opbouwen". Rechts: Felix Rottenberg. Beeld NTR

Achttien jaar geleden maakte Felix Rottenberg het monumentale drieluik De Akbarstraat, over een van de armste wijken van Nederland. Waar anderen van veilige bestuurdersafstand de mislukking van de multiculturele samenleving afkondigden, ging Rottenberg de Amsterdamse wijk in om met de bewoners op te trekken. Hij maakte geen haast. Hij schoof aan in het buurthuis, op scholen en bij gezinnen. Het verhaal waar hij mee terugkwam was weinig hoopgevend: veel frustratie, criminaliteit en armoede.

Inmiddels zijn er miljoenen in de Kolenkitbuurt gepompt en staat er chique nieuwbouw tussen de oude complexen – een logisch moment voor Rottenberg om met filmmaker Gülsah Dogan terug te gaan naar de buurt. Hoe staat het er nu met de integratie? Ook in het tweedelige Terug naar de Akbarstraat (NTR, woensdag en donderdag) zoekt Rottenberg de antwoorden in persoonlijke verhalen.

Prachtig zijn de beelden van Habil Görgülü die volschiet als hij zichzelf terugziet op oude beelden. Toen was hij een jongetje dat piloot wilde worden en deed hij voor hoe de meester op de Koranschool met een stok stoute kinderen slaat. Zeer trots laat Görgülü nu een van de reusachtige nieuwe gebouwen in de buurt zien: hier heeft hij als loodgieter zijn hart en ziel in gelegd. „Ik heb het land helpen opbouwen.” Rottenberg legt een hand op zijn schouder, omdat hij weet dat er ook een ander verhaal is, dat Görgülü ‘het noodlot’ noemt. Het heeft te maken met een onterechte arrestatie.

De problemen in de buurt zijn nog niet opgelost. Sportschoolhouder Said Bensellam, zelf ooit door tante Hennie en oom Jan voor afglijden naar de criminaliteit behoed, vertelt hoe dichtbij en aantrekkelijk de lokroep van de misdaad is. „Voor je het weet zit je in een complot, een film, een probleem en dan kun je er ook niet meer uit.” Een aantal oudere Hollanders meent nog steeds dat Turken en Marokkanen alles op een presenteerblaadje krijgen aangereikt. Op school leven groepen ouders langs elkaar heen, bleek uit een fragment van de tweede aflevering dat dinsdag al in DWDD te zien was.

Maar is de vraag naar integratie wel de juiste vraag? Antropoloog en buurtbewoner Sinan Cankaya kijkt in Terug naar de Akbarstraat naar de beelden uit 2002 en neemt de maker (Rottenbergs woorden) „in de houdgreep”. Want, stelt Cankaya, de buurt verpauperde toen de autochtone Nederlanders er vertrokken. De migranten die voor hen in de plaats kwamen hadden geen keus. Rottenberg plakte een cultureel etiket op een sociaal-economisch probleem. Mensen wonen met grote gezinnen in kleine huizen en Rottenberg sprak ze aan op vuilnis op straat, zei Cankaya streng.

„Het probleem met ‘integratie’ is dat het de druk om te integreren eenzijdig bij de migrantengroepen legt”, doceerde Cankaya. „Integratie heeft geen eindstation.” En hoe kun je integreren in een buurt waar nauwelijks autochtone Nederlanders wonen? „Je moet je definitie van wat een Amsterdammer is overboord zetten.” Rottenberg kon niet anders dan hem gelijk geven – je ziet niet vaak dat iemand zich in zijn eigen programma zo de les laat lezen.

DWDD toonde nog wat Rottenberg een ‘buikpijnscène’ noemde: een man die vertelt hoe hij altijd het gevoel heeft dat hij tekortschoot: „Ik ben hier geboren. Ik spreek de taal, ik ben werkende, ik ben ondernemer. Hoe ver moet ik gaan? Kerst vieren? Heb ik ook gedaan.” Ze voelen het geroddel, zei Rottenberg.

En, alsof de oud-voorzitter van de PvdA de koers van de sociaal-democratie wilde uitzetten: „Deze mensen zijn Amsterdammer en ze voelen zich nergens thuis. Het is ónze verantwoordelijkheid om te zorgen dat dat verandert.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.