Analyse

Advies: het vaste contract moet weer de norm worden in Nederland

Hervorming arbeidsmarkt Werkgevers zijn gesteld op hun ‘flexibele schil’ van tijdelijke werknemers. Inperken, zegt de commissie-Borstlap. En maak vaste banen minder vast.

Een door het kabinet ingestelde onafhankelijke commissie komt donderdag met veel vergaande adviezen
Een door het kabinet ingestelde onafhankelijke commissie komt donderdag met veel vergaande adviezen Foto iStock

De regels rond werk en sociale zekerheid moeten ingrijpend worden gewijzigd. Flexwerk moet flink worden ingeperkt, het vaste contract moet weer de norm worden. Alle Nederlanders moeten bij hun geboorte een levenslang onderwijsbudget krijgen. Werklozen moeten veel intensiever begeleid worden naar werk. En er moet één arbeidsongeschiktheidsregeling komen voor alle werkenden – inclusief zzp’ers.

Een door het kabinet ingestelde onafhankelijke commissie komt deze donderdag met veel vergaande adviezen. Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) had de commissie onder leiding van oud-lid van de Raad van State en voormalig topambtenaar Hans Borstlap ingesteld omdat hij zelf ook al vermoedde dat er de komende jaren veel meer moet veranderen.

Politieke partijen, werkgevers en vakbonden keken uit naar dit advies. Allemaal vinden zij dat de arbeidsmarkt niet meer goed functioneert, maar om verschillende redenen. Werkgevers willen dat het aantrekkelijker wordt om mensen in dienst te nemen, onder meer door de ontslagbescherming te versoberen. Vakbonden willen de hoeveelheid flexwerk terugdringen.

Buitengewoon veel flexwerkers

De commissie zegt nu dus dat het vaste contract weer de norm moet worden in Nederland. In internationaal opzicht heeft Nederland buitengewoon veel flexwerkers en zzp’ers: bijna 40 procent van de beroepsbevolking.

Juist de mensen met de zwakste positie op de arbeidsmarkt, zoals laagopgeleiden en mensen met een migratieachtergrond, werken het vaakst op een flexibel contract. Dat vergroot de „maatschappelijke scheidslijnen” in de samenleving, waarschuwt de commissie. De politiek zou haast moeten maken met deze hervormingen, zegt Borstlap in een toelichting tegen NRC. „Anders wordt de maatschappelijke schade te groot.”

Lees ook: 47 adviezen over de arbeidsmarkt - dit zijn de belangrijkste

Ook zet de hoeveelheid flexwerk een rem op de economische groei, staat in het advies. Werkgevers zijn geneigd om meer te investeren in vast personeel, bijvoorbeeld via cursussen. Ook krijgen zij doorgaans meer autonomie en vertrouwen dan flexwerkers, waardoor zij meer werkplezier, loyaliteit en innovatief gedrag gaan vertonen.

De commissie-Borstlap komt daarom met een radicaal voorstel: de „wildgroei” aan flexcontracten, schrijft de commissie, moet worden teruggebracht tot drie soorten werk: in dienst van de werkgever, als zelfstandig ondernemer of als uitzendkracht. Constructies zoals payrolling, oproepcontracten en contracting zullen verdwijnen. De uitzendkracht zal ook veel duurder worden en korter op één werkplek kunnen worden ingezet dan nu.

Voor werkgevers is dat een pijnlijk advies. Zij zijn erg gesteld op hun ‘flexibele schil’. Zij zeggen dat de wereldeconomie en hun bedrijfsvoering steeds onzekerder wordt. Daarom vinden ze het te risicovol om alleen vast personeel aan te nemen.

Ook werknemers en vakbonden zullen niet alleen maar enthousiast zijn. Borstlap vindt dat het vaste contract aantrekkelijker moet worden voor bedrijven. Daarom gaan vaste werknemers rechten verliezen. De baas kan hen gemakkelijker ontslaan of hun werkweek inkorten – zonder akkoord van de werknemer.

En zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) verliezen, als het aan de commissie ligt, hun speciale belastingvoordelen. Ook worden zij verplicht premies af te dragen aan een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor alle werkenden.

Dat zal waarschijnlijk op veel weerstand stuiten van zzp’ers, die de extra vaste lasten kunnen ervaren als een inperking van hun ondernemersvrijheid. Maar de commissie vindt dat alle vormen van arbeid hetzelfde belast moeten worden.

Pijnlijke maatregelen

De commissie zou het liefst zien dat deze adviezen nu, onder regie van minister Koolmees, worden uitgewerkt door een „maatschappelijke alliantie” van onder meer werkgevers, vakbonden, onderwijsinstellingen, uitzendbureaus en zzp’ers.

Een belangrijke vraag is of de traditionele sociale partners – werkgevers en vakbonden – bereid zijn om de voor hen pijnlijke maatregelen te accepteren, als zij andere veranderingen die ze al lang wensen, wél tegemoet kunnen zien. In de zomer van 2017 mislukte een poging van werkgevers en vakbonden om over precies deze onderwerpen een sociaal akkoord te sluiten.

Lees ook de reconstructie van het mislukte akkoord in 2017: Hoe de polder zonder woede toch mislukte
Flex versus vast pagina 4-5