Opinie

De depressiecrisis vraagt om actie, niet om campagnes

Het was natuurlijk meteen al geen goed idee, dat hele Depressiegala, georganiseerd door psychiaters Bram Bakker en Esther van Fenema. Niks mis met een beetje ironie of luchtigheid als het om zware thema’s gaat, maar waarom moet de goede smaak altijd weer helemaal weggesmeerd worden met zo’n Calvésaus van BN’ers, kitschmuziek en afgedwongen emoties? En dat alles onder het mom van bewustwording, waardoor je er eigenlijk ook geen kritiek op kunt hebben, want wie is er nou tegen meer bewustwording als het om zo’n groot en belangrijk probleem als depressie gaat?

Er bleek wel degelijk kritiek mogelijk. Nieuwsuur onthulde afgelopen zondag, een etmaal voor de vijfde editie van het Depressiegala, wat er allemaal mis is gegaan rondom een eerdere editie, uit 2017. De organisatie ontving destijds bijna drie ton subsidie van de toenmalige minister van Volksgezondheid, Edith Schippers. Voor het gala en voor een tweetal andere projecten – met behulp van een depressiequiz zou voorlichting worden gegeven op 500 scholen, waar ook een ‘buddysysteem’ zou worden opgezet.

Van die laatste twee projecten is nooit iets terechtgekomen, en het geld voor het Depressiegala verdween, zoals geld nu eenmaal de neiging heeft te doen, voor een aanzienlijk deel in de zakken van directie en management. De opbrengst van de kaartverkoop ging niet naar depressie-onderzoek of een ander gerelateerd goed doel, maar naar het productiehuis dat het avondje wansmaak in elkaar geclichéd had.

Nu is één mislukt project van een paar ton misschien iets om je schouders over op te halen, maar Nieuwsuur ontdekte tevens dat de bredere bewustwordingscampagne rond depressie van het ministerie van Volksgezondheid, gestart in 2016, bijna 3 miljoen euro kostte. Dat geld belandde hoofdzakelijk bij reclamebureaus en mediabedrijven. Een schamele 65.000 euro ging naar onderzoeksbureaus die effectmetingen verrichtten.

In een brief van de minister aan de Tweede Kamer worden de resultaten van die metingen positief gebracht: „Jongeren weten door de campagne dat depressie vaak voorkomt.” Door de campagne, ja, dat zal wel. Of misschien uit de regelmatige berichtgeving in de media over depressie – zou dat misschien ook nog kunnen?

Een opvallend zinnetje in die brief: „De campagne leidt niet tot extra toestroom naar de eerstelijnszorg.” Precies dát lijkt me het enige zinnige inzicht, en meteen een nutteloosheidsverklaring van het hele concept ‘bewustwordingscampagne’. Maar ondanks dat resultaat heeft het ministerie volgens Nieuwsuur aangekondigd niet alleen door te gaan met de bewustwordingscampagne over depressie, maar die zelfs uit te willen breiden naar andere psychiatrische problemen.

In de cognitieve gedragstherapie is ‘bewustwording’ onderdeel van het therapeutisch proces. Een veelgebruikte interventie is het nauwkeurig dagelijks bijhouden van de problematiek door de cliënt zelf. Noteren hoe je stemming verandert in de loop van de dag, in het geval van een depressie. Als je last hebt van paniekaanvallen, ga je registreren hoe vaak ze voorkomen en onder welke omstandigheden. Iemand met een eetstoornis houdt dagelijks gedetailleerd bij wat hij of zij consumeert. Dat registreren leidt tot inzicht én motiveert voor de verdere behandeling. Als je de feiten op een rij hebt, kun je doelgerichter ingrijpen.

Dat is het individuele niveau. Als maatschappij hebben we net zo goed zulke feitelijke gegevens nodig om aan onze problemen te werken, en die zijn er. Volop. Bijna een op de vijf Nederlanders krijgt ooit in het leven te maken met een depressie. Een bijzonder zorgwekkend aantal, een crisis op zich. Daarnaast is er de aanhoudende crisis in de geestelijke gezondheidszorg: personeelstekorten, wachtlijsten, hoge werkdruk, marktwerkingellende, ontoereikende tarieven, administratieve rompslomp, patiënten die verdwalen in het web van instellingen en doorverwijzingen, verkeerde diagnoses. Het maandag gepresenteerde manifest ‘Lijm de Zorg’ (‘voor een betere Jeugdzorg en ggz’) vat de problemen aardig samen.

Blijf je dan als ministerie van Volksgezondheid miljoenen aan bewustwordingscampagnes spenderen, dan is dat toch een beetje alsof je duizenden uitnodigingen verstuurt voor een feest in een zaaltje met een capaciteit van vijftig man. Het is bijna pervers te noemen.

Alles waarvan we ons bewust moeten worden, is bekend. De cijfers zijn er, ze worden regelmatig gedeeld in de media. Nu is het tijd voor actie. Voor politici betekent dat heel concreet: de crisis in de geestelijke gezondheidszorg aanpakken. Daar zou alle prioriteit moeten liggen. En als ooit die enorme hindernis genomen is, kunnen we misschien weer eens over reclamespotjes en gala’s met derderangs BN’ers gaan nadenken.

Jamal Ouariachi is schrijver.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.