Brieven

Brieven 22/1/2020

Ondernemingen

Hoezo openbare?

Sinds 2020 moet iedereen die een belang heeft van meer dan 25 procent in een vennootschap zich registreren in een openbaar register, het zogeheten UBO-register (van ‘ultimate beneficial owner’, de ‘uiteindelijke belanghebbende’). Daarmee wordt voor iedereen – zowel nieuwsgierige aagjes als kwaadwillenden – zichtbaar welke belangen iemand heeft en wat de waarde daarvan is. Terwijl voor het bestrijden van witwassen en terrorismefinanciering (doel van het register) toegang volstaat voor de bevoegde autoriteiten en zakelijke dienstverleners met een poortwachtersfunctie. Er is nauwelijks getoetst of ons grondrecht op privacy de openbaarheid van de registratie wel toestaat. De plicht om dat te toetsen is onder meer in mensenrechtenverdragen vastgelegd. Het ontbreken daarvan geeft de openbaarheid van het register een juridisch en moreel wankele basis.


,
PwC Knowledge Centre

Maatschappijleer

Juist niet neutraal!

Volgens briefschrijver Geert Smit mag maatschappijleer „niet misbruikt worden om jongeren politiek te beïnvloeden” (18/1). Hij verwijst daarbij naar een NRC-artikel over burgerschapsonderwijs waarin tijdens een les Trumps kritiek op de NAVO werd aangeroerd. In de vraagstelling zou „politieke kleur kunnen doorschemeren”. Goed dat de heer Smit nooit bij mij in de klas is komen kijken, want tijdens de lessen geschiedenis en maatschappijleer laat ik – als het moment zich voordoet – altijd krachtig mijn afkeer blijken van politici als Trump, Baudet of Wilders. Ik laat als leraar met gemak mijn onpartijdigheid los om jongeren duidelijk te maken wat de gevolgen zijn wanneer politici hun ego (Trump: „I am the Chosen One”) belangrijker vinden dan weldoordachte politieke beslissingen nemen, een door vrije verkiezingen gekozen parlement als ‘nep’ bestempelen en de trias politica ondergraven (Wilders) of een kliklijn voor linkse leraren willen instellen en consequent klimaatproblematiek ridiculiseren (Baudet). Als leerlingen het niet met mij eens zijn, krijgen ze ruimte om hún mening te geven.

Schoner vliegen (1)

E-taxiën is niet simpel

In de berichtgeving over een schonere luchtvaart wordt gesproken over „elektrisch taxiën”. Bedoeld wordt: vliegtuigen met speciale karren naar de startbaan slepen en dan pas de motoren starten. Daaraan kleven nog veel financiële, logistieke en technische problemen. Voor Schiphol zouden zo’n tweehonderd peperdure karren gebouwd moeten worden. De continue stroom terugrijdende karren kan niet over dezelfde baan als waarover de vliegtuigen worden heengesleept; een extra wegenstelsel op de luchthaven is nodig. En vooralsnog zijn neuswielstellen niet berekend op het langdurig slepen van vol beladen vliegtuigen.

Schoner vliegen (2)

Eenvoudig boeken

De vliegende burger heeft een zetje nodig om te minderen, kopt NRC 18/1. Prima artikel, maar waar komt het idee vandaan dat het boeken van een internationale treinreis tijdrovender is dan een vliegreis? Op NS Internationaal en bijvoorbeeld bij de Duitse spoorwegen is het even makkelijk en snel te regelen als bij vliegmaatschappijen. En als je dat tijdig doet, zijn de prijzen vaak ook vergelijkbaar met die van vliegreizen.

Schaken

Geen 20 zetten vooruit

In de reportage over het Tata-schaaktoernooi (20/1) staat dat de beste schakers zo’n twintig zetten vooruit kunnen denken. Dat is een fabeltje. In het schaken zijn de meeste varianten niet geforceerd, omdat, anders dan bij dammen, het slaan niet verplicht is. Bij het spelen van diverse openingen zijn wel varianten die meer dan twintig zetten uitgekauwd kunnen zijn. Dat is echter geen echt vooruitdenken. Terzijde: de geciteerde arbiter heet Alex Roose, en niet Roozen.