Nucleair akkoord

Iran dreigt met uittreding uit het non-proliferatieverdrag

Iran zal uit het non-proliferatieverdrag (NPV) stappen als het nucleaire dossier van het land naar de VN-Veiligheidsraad wordt gestuurd. Daarmee heeft de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Javad Zarif maandag gedreigd. Zarif zei dat zijn land ook uit het NPV zal stappen als „de Europeanen doorgaan met hun ongepaste gedrag”.

Het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland hebben Iran vorige week formeel beschuldigd van het overtreden van de regels van het nucleaire akkoord uit 2015, op grond waarvan Iran zijn nucleaire activiteiten beloofde te beperken in ruil voor verlichting van economische sancties. Hiermee is een geschillenprocedure geopend die uiteindelijk kan worden voorgelegd aan de VN-Veiligheidsraad. Dit kan weer leiden tot meer economische sancties tegen Iran, dat toch al zwaar heeft te lijden onder de Amerikaanse sancties.

In het non-proliferatieverdag hebben 191 landen zich gecommitteerd aan enkele afspraken om het gevaar van kernwapens beperkt te houden. Bij het verdrag is onder meer afgesproken dat alleen de Verenigde Staten, Rusland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en China kernwapens mogen bezitten. Andere landen mogen zich slechts van nucleaire technologie bedienen voor vreedzame doeleinden. Ook moeten landen die partij zijn bij het NPV inspecteurs toelaten van het Internationaal Atoomenergieagentschap van de VN. India, Pakistan, Noord-Korea en Israël zijn echter geen partij bij het NPV maar beschikken wel over kernwapens, al heeft dat laatste land dat nooit formeel toegegeven.

Iran betoogt dat zijn nucleaire programma louter voor civiel gebruik is, een claim die door velen elders in twijfel is getrokken.

Sinds de VS zich in 2018 eenzijdig terugtrokken uit het akkoord met Iran, is ook Teheran hiervan openlijk gaan afwijken. Zo verrijkt het meer uranium dan is toegestaan en gebruikt het geavanceerde uraniumcentrifuges, al is dat verboden. Wel onderstreept Iran dat het bereid is deze stappen te herroepen als de andere ondertekenaars - VK, Frankrijk, Duitsland, Rusland en China - zich aan het akkoord houden, inclusief de opheffing van economische sancties.