Hoe zweven vrouwelijke astronauten?

IFFR en seksisme in film Filmmaker Nina Menkes geeft een lezing over seks en macht in filmtaal. ‘Proxima’ is een astronautenfilm die laat zien hoe die twee verbonden zijn met hoe wij kijken.

De Franse austronaute Sarah (Eva Green) traint voor een jaar in het ISS, in ‘Proxima’.
De Franse austronaute Sarah (Eva Green) traint voor een jaar in het ISS, in ‘Proxima’.

Wordt er eindelijk eens een film over een vrouwelijke astronaut gemaakt, vraag je je af waarom hij niet over een man gaat. Niks ten nadele van Alice Winocours Proxima overigens. De film volgt de Franse astronaute Sarah (Eva Green) die zich warm draait voor een jaar in het International Space Station ISS, en is na alle Hollywood-bombast waarin astronauten de nieuwe cowboys zijn bijna documentair in z’n aanpak. Vrouwelijke astronauten zijn nou ook weer niet zo ongewoon. De laatste jaren zagen we onder anderen Sandra Bullock (Gravity), Juliette Binoche (High Life) en Natalie Portman (Lucy in the Sky) door de ruimte zweven.

Proxima speelt zich geheel af op aarde, tijdens de voorbereidingen, de trainingen, waarbij, tamelijk uniek, werd gefilmd in Star City even buiten Moskou, de thuisbasis van het Yuri Gagarin Cosmonaut Training Centre. Een groot deel van het verhaal gaat over hoe Sarah zich aan moet passen aan de mannelijke mores die daar heersen. Slechts 10 procent van de astronauten is vrouw en de industrie is bij lange na nog niet ingesteld op vrouwen die de ruimte ingaan. Dan gaat het om simpele dingen, zoals dat ruimtepakken niet voor een vrouwenlichaam zijn ontworpen en dus altijd ongemakkelijk zitten. Dat op zich is al verbazingwekkend, als je bedenkt dat in het afgelopen Apollo 11-verjaardagsjaar ook de documentaire Mercury 13 werd uitgebracht, over dertien vrouwelijke Amerikaanse piloten die in de jaren zestig werden opgeleid om de ruimte in te gaan. En toch is vijftig jaar na dato Proxima nog een emanciperende film. De tijd gaat langzaam in de ruimte.

Op het komende IFFR geeft filmmaker Nina Menkes een nieuwe versie van haar lezing over de ‘male gaze’: ‘Sex and Power in Visual Language’, waarmee ze vorig jaar op het Sundance-festival furore maakte. Naar aanleiding van #metoo en de hernieuwde aandacht voor het systematische seksisme in de filmindustrie analyseerde ze hoeveel van dat seksisme in de mainstream filmtaal zelf verborgen zit. In het kort: mannen kijken, vrouwen worden bekeken, en vaak dient het alleen maar een visueel doel, geen narratief. Menkes laat in haar lezing zien dat ook veel vrouwelijke regisseurs zich die beeldtaal eigen hebben gemaakt.

Zij focust nadrukkelijk op het visuele aspect van film. Zo wordt duidelijk dat zelfs films over vrouwelijke hoofdpersonen nog onbewust seksistisch kunnen zijn: waar staan ze in het kader, krijgen ze point-of-view-shots, mogen ze reageren of alleen incasseren, hoe zijn ze belicht? Als je een taal spreekt, kun je je erin uitdrukken. En als publiek kun je hem lezen. Dan wordt film spannend, want gaat het om wat tussen de woorden gebeurt. Film is immers zoveel meer dan dat verhaal.

Het grootste conflict in Proxima is niet dat de ruimtevaart zo seksistisch is, of wat dat voor effect op het lichaam van Sarah heeft (punten voor Winocour!), maar dat gescheiden alleenstaande moeder Sarah haar dochtertje op aarde moet achterlaten. Zo wordt de film een metafoor voor een ander conflict: dat van werkende moeders. En dat zou nou net eens interessant zijn geweest om vanuit een mannelijk perspectief te zien. Waarom hoeft Matt Dillon alleen maar een übermacho te spelen? Goed onderwerp voor een ‘Seks and Power’-lezing part 2. En de echte winst: ondertussen leren we beter hoe film en media functioneren. Want deze principes gelden niet alleen voor mannen en vrouwen, maar voor elke (dramatische) machtsrelatie.

Seks & Power in Visual Language, lezing door Nina Menkes, 28/1 om 16u. in Hilton Le jardin, Rotterdam.