Reportage

Het is te warm om de favoriete schaatsbaan van Ard Schenk open te houden

Klimaatverandering Ard Schenk reed in 1971 in Davos een legendarisch wereldrecord, tegen Kees Verkerk. De beroemde ijsbaan in Zwitserland is nu gesloten, onder meer door klimaatverandering. „De aarde blijft wel draaien, maar wij zullen er steeds moeilijker op kunnen leven.”

Kees Verkerk (links) en Ard Schenk in Davos (1977), toen er een laagje water op het ijs lag.
Kees Verkerk (links) en Ard Schenk in Davos (1977), toen er een laagje water op het ijs lag. Foto Cor Vos

Hij loopt ’s ochtends met zijn lunchpakketje uit het hotel naar de ijsbaan. De wedstrijd die middag is een training, niets meer dan dat. Midden januari 1971. Als hij aankomt op de ijsbaan van Davos, in de Zwitserse bergen, ziet Ard Schenk iets vreemds. Zijn ploeggenoot Kees Verkerk zit in een soort trance aan het ijs. Schenk kent zijn vriend en concurrent en weet wat dat betekent: Verkerk is hypergeconcentreerd voor de 1.500 meter die ze tegen elkaar moeten rijden.

De eerste ritten van die dag. Razendsnelle rondetijden. Schenk kijkt naar het ijs. De witte bergtoppen die Davos omringen worden erop weerspiegeld en er komt zo’n dun filmend laagje vocht op te liggen. De schaatsers noemen dat het „olie-ijs” van Davos. Hij kijkt nog eens naar Verkerk, stil en in zichzelf gekeerd, en dan weet Ard Schenk het: dit wordt een bijzondere dag.

Bijna vijftig jaar later raast een snijdende wind langs de doorgaande weg van Davos. Alleen sneeuwhopen laten nog een glimp zien van de ijsbaan die in de collectieve herinnering zit van Nederlandse schaatsers en fans. De aandacht wordt getrokken door een groot ijshockeystadion. Het natuurijs ernaast is gekrompen tot miniem formaat. Een groepje kinderen krijgt ijshockeyles, hun stemmen schallen door de kou. De schaatsbaan van Davos bestaat niet meer. De reden: klimaatverandering (en een beetje geld).

Het Eisstadion in 1915 . In Davos vroor het tot 1960 voldoende om de natuurijsbaan minimaal honderd dagen per jaar open te houden. Benutzer:Flyout - CC BY-SA 3.0

Hij schaatste het beste als hij volkomen ontspannen was, zegt Ard Schenk – drievoudig wereldkampioen en driemaal winnaar van olympisch goud. Schaatsers die zich de avond voor een wedstrijd al gingen concentreren, heeft hij nooit begrepen. Een half uur voor de start, dan pas begon hij zich bewust te focussen. „Daarom paste Davos zo goed bij me”, vertelt Schenk bij een kop koffie in zijn woonplaats Bergen. „In Davos kon je ’s avonds naar de bioscoop, je kon er over de boulevard wandelen, er waren cafés, een casino. Niet dat we tot diep in de nacht gingen drinken, maar je had er afleiding.”

De start

Het startschot. Ard Schenk ziet – nee, vóélt – dat Verkerk snel start. Meestal was hij zelf sneller weg, maar nu komt Verkerk bijna direct naast hem. Die schim van de ander, die merk je op, ook al zie je hem niet goed. Hij hoort het ook, de klappen van de schaatsen op het ijs, zo dichtbij. Op het eerste rechte stuk zitten ze vlakbij elkaar. Ideaal om snelheid te maken.

Houten tribunes, een paar honderd mensen kijken toe. Jan Bols heeft net geschaatst. Hij heeft een filmcamera uit zijn tas gepakt – dit wil hij niet ongemerkt voorbij laten gaan. Zijn beelden worden meer dan dertig jaar later teruggevonden door schaatshistoricus Marnix Koolhaas en uitgezonden op televisie.

In de laatste bocht voelt Schenk nog steeds die dwingende aanwezigheid. „Het deed pijn, natuurlijk deed het pijn, dat was altijd zo”, zegt hij nu. „Lijden, dat heb ik echt moeten leren. Het zat er bij mij niet van nature in, ik was eerder lui. Maar die rit ging steeds door mijn hoofd: diep blijven zitten, diep blijven zitten, diep blijven zitten.”

Lees ook: een reportage uit de Alpen, over smeltende sneeuw en fleecedekens die de wintersport moeten redden.

Zwitserland is opgewarmd de afgelopen honderdvijftig jaar. Twee graden warmer is het geworden volgens berekeningen van het Zwitserse weerinstituut, een stuk meer dan het mondiale gemiddelde. Dat komt vooral doordat de Alpen in de zomer bovengemiddeld snel opwarmen. Wintersportgebieden komen daardoor in de problemen: het sneeuwt minder, waardoor het lastiger is om de skistations net zo lang open te houden als vroeger. Onderzoekers becijferden in 2017 in wetenschappelijk tijdschrift The Cryosphere dat er aan het einde van deze eeuw vijftig procent minder sneeuw zal vallen in skigebieden boven de 3.000 meter. Gebieden die lager liggen, zullen helemaal geen sneeuw meer krijgen, is de voorspelling. Overal in de Alpen zijn de gevolgen te zien. Op sommige skipistes, zoals de Diavolezza vlakbij Sankt Moritz, worden bijvoorbeeld in de lente en zomer grote fleecedekens op de sneeuw gelegd om de zon te weerkaatsen en zo het smelten tegen te gaan.

De ijsbaan van Davos (1.560 meter) is in Zwitserland een symbool geworden van de klimaatverandering. De gemeente Davos houdt sinds 1894 bij hoeveel dagen per jaar het voldoende vroor om de natuurijsbaan te openen. Tot 1960 waren dat altijd meer dan honderd dagen, vaak kon er veel langer worden geschaatst. De laatste tien jaar dat de ijsbaan bestond, kon er meestal een maand minder lang geschaatst worden.

De Amsterdammer Maurice Parrée (52), eigenaar van hotel Grischa in Davos, heeft het zien gebeuren. Zijn vader en oom – Ton en John – gingen in 1961 al naar Davos om er te schaatsen. Twintig jaar later gingen ze weer en sindsdien is de familie er altijd blijven komen, jaar na jaar. Toen het hotel waar ze altijd sliepen verkocht zou worden, sprong Parrée in. Hij zit ook in het bestuur van de lokale toerisme-organisatie. Van zijn hotel naar de ijsbaan is het nog geen vijf minuten lopen. Parrée: „Het warmere klimaat heeft sommige dingen hier veranderd. Sinds enkele jaren komen er ook steeds meer toeristen in de zomer, om te wandelen en mountainbiken. De sneeuwpistes zijn in de winter, zoals overal in de Alpen, deels van kunstsneeuw. En de natuurijsbaan, ik reed er zelf ook graag mijn rondjes… die heeft het helaas niet gered.”

Ard Schenk tijdens het door hem gewonnen EK allround in Davos (1972) Foto ANP

Drie jaar geleden besloot de toeristische organisatie van Davos, die het samen met de gemeente betaalde, dat het openhouden van de ijsbaan niet meer rendabel was. Parrée heeft als bestuurder nog zijn best gedaan om dat te veranderen. Maar hij zag ook wel dat het onhoudbaar was. Parrée: „Toen we nog honderd dagen in het jaar konden schaatsen, kostte het al geld om de baan te onderhouden. Met het huidige klimaat en de afnemende vraag naar een natuurijsbaan van 400 meter, is het onmogelijk geworden.”

De finish

De laatste seconden van de 1.500 meter. Ard Schenk ziet Verkerk precies naast zich rijden, maar voelt dat hij gaat winnen. Publiek op de banken, ingehouden adem. Een wereldrecord, Schenk weet het meteen. De trainer had het onderweg al staan schreeuwen. 1,58.7. Voor het eerst in de geschiedenis wordt de 1.500 meter in minder dan twee minuten gereden. Schenk juicht niet, hij hijgt uit met de handen in de onderrug. „Dat euforische juichen is meer iets van nu. Ik wist ook dat Kees, mijn vriend, enorm zou balen. Hij reed twee tienden van een seconde langzamer. ’s Avonds heb ik iets getrakteerd, al weet ik niet meer precies wat. Dat was het, niets geks. Ik had toen niet gedacht dat mensen het nog steeds over die rit zouden hebben, maar ik word er nog regelmatig aan herinnerd.”

Ard Schenk hoopt eigenlijk nog steeds dat zíjn ijsbaan – hij reed er in totaal vier wereldrecords – ooit weer in ere wordt hersteld. Hij ziet dat belangrijke schaatswedstrijden nu meestal worden verreden in grote hallen met kunstijs. „Dat zijn ijsbanen zonder historie, zonder verhaal”, zegt Schenk. „Dan zie ik op televisie een hal met schaars gevulde tribunes en dan denk ik: wat een fantastische televisiebeelden zou je van een wedstrijd in Davos kunnen maken. Had de internationale schaatsfederatie daar maar wat meer oog voor, dan zou schaatsen aantrekkelijker blijven.”

Hij had het niet verwacht, dat hij in zijn leven nog zo duidelijk zou zien hoe het klimaat verandert, zegt Schenk. „Ik maak me er grote zorgen over. De aarde blijft wel draaien, maar wij zullen er steeds moeilijker op kunnen leven. Het verdwijnen van de ijsbaan in Davos is maar een klein voorbeeldje, dat weet ik wel. Maar toch: het heeft mij duidelijk gemaakt dat ons leven verandert.”