Recensie

Recensie

Ravensbrück werd Selma’s redding

Tweede Wereldoorlog Het levensverhaal van Selma van de Perre is bijzonder: een Joodse vrouw die in het verzet gaat en daardoor de oorlog overleeft. Toch beklijft haar boek niet helemaal.

Selma van de Perre
Selma van de Perre Roger Cremers

Het gegeven is bijzonder: Joods meisje verft haren blond en overleeft de Tweede Wereldoorlog onder valse identiteit. Meer dan dat: ze wordt ook nog eens volop actief in het verzet. Zo kan het gebeuren dat Selma van de Perre op een dag ergens halverwege de oorlog een Duits hoofdkwartier in Parijs binnenloopt om papieren uit te wisselen die essentieel zijn voor de bevrijding van verzetsmensen – onderwijl flirtend met Duitse soldaten. ‘Ik neem aan dat het niet bij de Duitsers opkwam dat een jonge, Joodse verzetsvrouw het zou durven om hun gebouw zomaar binnen te lopen, vooral niet eentje die deed alsof ze hen wel zag zitten.’

Geen wonder dat zij ruim aandacht krijgt voor haar levensverhaal in boekvorm, Mijn naam is Selma. Vorige week was een aflevering van De Wereld Draait Door geheel aan haar gewijd – een eer waar politici slechts van kunnen dromen.

Lees ook het interview van Coen Verbraak: Selma van de Perre: ‘Ik heb het donkerste in de mens gezien. Maar er waren toch ook altijd goede mensen’

Selma van de Perre (97) beschrijft haar leven met een naïef aandoende blijheid. Dat begint met een armoedige maar gelukkige jeugd. Ja, ‘pa’ had een drankprobleem, zo zeer dat ‘mams’ op een dag het huis uit vluchtte. Maar, schrijft ze, over zijn liberale opvoeding, ‘ik heb geluk gehad dat ik zijn dochter was’. En over haar zusje Clara: ‘Ze was een heel mooie baby en een lief kind.’

Artsenverzet

Met dezelfde toon beschrijft ze hoe ze het verzet inrolt, zonder het zelf aanvankelijk door te hebben. Ze is dan ondergedoken in Leiden, in een huis dat door een aantal artsen wordt gebruikt voor verzetsbijeenkomsten. Wanneer die horen dat Selma van de Perre schaakt, vertellen ze haar over een collega, ‘een professor in medicijnen’, die heel graag met haar zou willen schaken. Ze antwoordt dat ze er niet erg goed in is, maar de artsen houden vol en maken een afspraak voor haar met de professor. ‘Op een dag gaven ze me een boodschap voor hem mee over een bijeenkomst en de daarop volgende keren moest ik doorgeven dat meneer zus zich vandaag veel beter voelde of meneer zo niet lekker was en of de professor hem zou willen bezoeken. Ik dacht er verder niet bij na. Het leken allemaal oprechte berichten en ik gaf ze graag aan hem door. Veel later kreeg ik pas door dat de berichten in codetaal waren en dat de professor [...] betrokken was bij het verzet.’

Koerierswerk

Onder haar schuilnaam Margareta van der Kuit doet Selma van de Perre koerierswerk in Nederland en België, met zelfs dus een uitstapje naar Frankrijk. Binnen het verzet weten maar een paar mensen dat ze Joods is.

Lees ook: Ontsnapt aan het gruwelijke noodlot door haar charme en blonde haar

In 1944 wordt ze verraden. Via kamp Vught belandt ze in Ravensbrück, als politieke gevangene – nog steeds onder een valse identiteit. Hoe mensonterend de omstandigheden daar ook zijn, Ravensbrück is in zekere zin haar redding. Haar moeder en zusje zijn in 1943 naar Sobibor gestuurd en direct na aankomst vermoord. Haar vader kwam in 1942 al aan zijn einde in Auschwitz.

Selma van de Perre durft haar eigen naam pas weer te gebruiken als ze veilig en bevrijd in Zweden is. Zoals gezegd: een bijzonder gegeven. Maar de manier waarop dat gegeven is uitgewerkt, is niet bijzonder genoeg om te kunnen beklijven. Het is een wat onaangename vaststelling, maar om nog op te vallen in de aanhoudende stroom verhalen en films over de Holocaust, is meer nodig. Meer details bijvoorbeeld. Een beter verteld verhaal ook.

‘Veel vrouwen stierven vlak nadat we in Zweden waren aangekomen’, schrijft Selma van de Perre. Ze doet dat bijna terloops. De oorlog blijft daardoor soms te veel op afstand.