Recensie

Recensie Muziek

Adamo’s ‘Little Women’ is werk van briljante theatercomponist

Première Louisa May Alcotts roman Little Women inspireerde tot tientallen bewerkingen. De gelijknamige opera van de Amerikaanse componist Mark Adamo beleeft deze week zijn Nederlandse première bij de Dutch National Opera Academy.

Scène uit de opera ‘Little Women’ van de Amerikaanse componist Mark Adamo door DNOA.
Scène uit de opera ‘Little Women’ van de Amerikaanse componist Mark Adamo door DNOA. Foto Jan Hordijk

Meg, Jo, Beth en Amy heten de vier hechte zussen uit de roman Little Women (1868) van de Amerikaanse schrijfster Louisa May Alcott. Hun avonturen, liefdes en gefnuikte ambities op het pad naar volwassenheid boden in anderhalve eeuw stof voor uiteenlopende lezingen: familiedrama, liefdesgeschiedenis, literaire chick flick avant la lettre. Simone de Beauvoir las een proto-feministische aanklacht tegen verstikkende man-vrouwverhoudingen in het boek.

Scène uit de opera ‘Little Women’ van de Amerikaanse componist Mark Adamo door DNOA. Foto Jan Hordijk

De toneel-, musical-, en filmbewerkingen lopen inmiddels in de tientallen. Het weerhield de Amerikaanse componist Mark Adamo er niet van om daar in 1998 een opera aan toe te voegen. Bij de Dutch National Opera Academy, masterprogramma van de conservatoria van Amsterdam en Den Haag, beleeft Adamo’s tweeakter deze week zijn Nederlandse première. Goede timing, nu ook de gloednieuwe Alcott-verfilming van Greta Gerwig bijna in de bioscopen draait.

Een briljante theatercomponist

Adamo schreef niet alleen de noten, maar ook het libretto voor zijn opera. Lastige genderkwesties en morele dilemma’s liet hij achterwege. Wat overblijft is een coming-of-ageverhaal dat scharniert rond zus Jo, de onafhankelijke wildebras met schrijfambities en een stevig peterpancomplex: wanhopig blijft ze vasthouden aan de goudomrande gezinsidylle van haar jeugd.

Adamo’s nadruk op onwrikbare familieliefde maakt Little Women (de opera) soms wat al te zoetsappig. Daniël van Klaverens lichtvoetige regie biedt slim tegenwicht met snedige humor. Wat ook helpt is de keuze om de handeling een dikke tachtig jaar te verplaatsen, naar de jaren vijftig van de twintigste eeuw.

Maar dat de opera twee uur boeit, is zeker ook een muzikale verdienste. Adamo betoont zich een briljante theatercomponist en schakelt soepel tussen musical op z’n Bernsteins, zacht fonkelende klanksluiers, stekelige twaalftoonsmuziek en babygehuil op een hoboriet. Dirigent Karel Deseure loodste het ensemble trefzeker door de kameleontische partituur, al gooide een verkouden hoorn of wankele houtlijn hier en daar roet in het eten.

Innig gezongen sterfscène

De Belgische mezzosopraan Linsey Coppens (Jo) gaf haar omvangrijke en technisch veeleisende rol met verve gestalte, zowel zingend als acterend. De Ierse tenor Peter O’Reilly tekende voor de innemende boy from nextdoor Laurie: wat stroef in de hoogte soms, maar met hilarische paard-imitatie.

Scène uit de opera ‘Little Women’ van de Amerikaanse componist Mark Adamo door DNOA. Foto Jan Hordijk

Van de overige zusjes March imponeerde de Hongkongse Kris Ng (Amy) met haar heldere sopraangeluid. De Italiaanse sopraan Francesca Pusceddu ontroerde met een innig gezongen sterfscène van de doodzieke Beth. Jammer dat de Portugese Carolina Luis (Meg) wat gespannen klonk. Haar uitspraak van het Engels was een dingetje.

De Japanse mezzo Maria Koshiishi portretteerde een heerlijk vileine oudtante Cecilia. Voor de Nederlander Gerben van der Werf werd de rol van leraar Duits Friedrich Bhaer omgeschreven naar een countertenor-register. Het resultaat: onder meer een prachtig vertolkte aria op Goethes gedicht Kennst du das Land wo die Zitronen blühn?